Pageviews van de afgelopen week

zondag 31 mei 2026

TALKING HEADS TRIBUTE.

In de ‘poptempel’ Capsloc van Capelle aan den IJssel, werd gisteravond onder voor Capsloc grote belangstelling (uitverkocht!!) de film  ‘Stop Making Sense’ van de Talking Heads door een grandioze tribute-band: Blanko and Friends  nagespeeld.

 Capsloc is deze avond  geheel gevuld met (dikke) zestigers. Niet qua omvang dik bedoel ik, maar qua leeftijd. Desalniettemin droop het enthousiasme van dit publiek af. Ze krijgen voor de toegangsprijs van 20 euro, meer dan waar voor hun geld. 

Deze avond wordt ‘Stop Making Sense’ voor de tiende en laatste keer in zijn geheel door Blanko and Friends gecoverd. Ik ben totaal onbekend met het werk van de Talking Heads. Mijn aangenomen zus M. daarentegen kent ze wel. Zij heeft mij nieuwgierig gemaakt en ik moet zeggen vanaf het eerste gezongen woord tot en met de laatste muzieknoot, ruim twee uur later, heb ik me geen moment verveeld. Sterker: ik heb met volle teugen genoten.

Deze tribute band is een project van Jan de Witte, voormalig gitarist van de 3JS). Het is een 10-koppige band (Jan de Witte samen met een 9-koppige begeleidingsband), die Stop Making Sense integraal en tot in de kleinste details gecoverd op de Nederlandse bühnes neerzet. De tournee begon rond het 40-jarig jubileum van de film in 2023 en werd wegens enorm succes verlengd met reprises in de Nederlandse theaters.

Zanger Jan de Witte is voor mij de absolute ster van de avond. Zonder de anderen, die ook keigoed waren maar iets te kort te willen doen. De Witte is gewoon van de buiten categorie. Zijn gelaagde stem, zijn verfijnde mimiek, zijn gewiekste gebaren, miniem en grotesk, zijn hele (bijna alom) aanwezigheid op het podium …  het straalt allemaal, klasse, plezier uit en bewondering voor de bedenker van dat al: David Byrne. …….

Net als David Byrne, in 1983, loopt Jan de Witte vanavond bij ‘Psycho Killer’, het eerste nummer van ‘Stop Making Sense’ in zijn eentje het lege podium op met een akoestische gitaar en een draagbare cassetterecorder, waarmee hij de beroemde drumbeat start. Pas bij de volgende nummers komen de andere bandleden er één voor één bij.

Tijdens het nummer ‘Girlfiend is better’ draagt Jan de Witte een gigantisch kostuum. David Byrne had zich door het Japans Theater laten beïnvloeden: op de bühne moest alles groter lijken. Alleen Byrne's hoofdje bleef klein. A little Talking Head.

Gauw die film vinden op  YouTube.

Ga zeker ook kijken of Jan de Witte in een andere rol ook zo kan schitteren.

Goed idee van sister M. deze avond. Ik ben toch zo allemachtig blij dat ik haar grote boer mag wezen.


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

zaterdag 30 mei 2026

KEUKENPRINS.

 Peter de Graaf (62) woont ook op ons trappenhuis en valt in de categorie: ‘uitzonderlijk opgewekt mens’ en dat, terwijl hij toch best wel wat tegenslag in zijn leven te verwerken heeft gekregen. Hij heeft samen met zijn vriend Tom, gedurende bijna twintig jaar een kleine camping op Rhodos geëxploiteerd maar de laatste drie jaar ging het zò snel bergafwaarts, dat ze failliet gingen. Tja en omdat het die eerste jaren in Griekenland allemaal zo goed ging had hij, samen met Tom,  in Barendrecht een luxueuze villa gekocht. Zo’n huis met een hypotheek van 1,1 miljoen euro, hangt natuurlijk als een baksteen om je nek met dat faillissement net achter de rug en nog geen nieuwe baan. Zijn vriend zat natuurlijk in het zelfde schuitje en ook hij had niet zo één, twee, drie een andere job.  Peter had al wel direct na het faillissement besloten om te breken met Tom, althans, ze zouden wel vrienden blijven maar niet meer samenwonen. Peter vond het ietwat te benauwend om altijd maar ‘op elkaars lip te zitten’, zoals hij het uitdrukte; eigenlijk was dat precies dezelfde reden die Peter opvoerde toen hij weg ging bij zijn vrouw en zijn zoon. Hoe vervelend hij  de ‘benauwende nabijheid’ ook vond, Peter was dolblij, dat hij, voorlopig althans in huis kon bij zijn ex. (Zijn zoon was inmiddels het huis uit). Zijn ex woonde toen en nu nog steeds trouwens aan de overkant van de Rotte, in Crooswijk.  Gelukkig hoefde Peter niet zo lang te wachten op zijn huidige woning, bij ons op het trappenhuis. Hij woont er nu al bijna tien jaar. Het is zo vreemd ik kom hem bijna nooit tegen in het trappenhuis, àltijd op straat altijd op de fiets en dan altijd met zijn helmpie op.  


Elk jaar in juni gaat Peter een weekje fietsen en kamperen.  Zijn tentje, tasjes en bidons  vastgebonden  op de fiets en als zijn vriend Tom, gearriveerd is, dan gaan ze op weg. Richting Nijmegen (120 km!) gaan ze meestal en daar ontmoeten ze weer andere vrienden en dan blijven ze daar bij lekker weer een weekje hangen en dan gaan ze weer terug naar Rotterdam. Ik zorg in die periode voor zijn planten. Ik schrijf nadrukkelijk planten want plantjes kan je die bakbeesten niet noemen. Er staan bij hem twee lijvige chinese rozen, een tot aan het plafond reikende gatenplant, een lijvige, gemeen stekende christusdoorn en een ficus giganticus. Het doet me deugd te zien dat de planten er bij terugkomst van Peter minstens zo goed uitzien als toen hij vertrok. Als dank nodigt Peter mij en mijn vrouw uit voor een lekker etentje, Tom is er dan ook altijd bij. Elk jaar verrast hij  ons wèèr. Peter is wat je noemt: een echte keukenprins. Dit jaar koos hij voor een heerlijke griekse vleesschotel met orza salade en gegrilde bospeentjes met als dessert: galaktoboureko melktaart … verrukkelijk! Als hij geheel in stijl had willen blijven, had hij ons een Grieks wijntje geserveerd maar Peter  koos voor een Franse rode wijn: een bordeaux-tje, een  Saint Emilion, een prima keuze bij dit gerecht.  

(Uit mijn rijke Rotterdamse verleden)

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

vrijdag 29 mei 2026

PRAATJESMAKER.

Het is werkelijk een heerlijke plek op mijn balkon. Het is 14.00 uur. Ik zit daar nu met mijn laptop op schoot dit verhaaltje te tikken. Het verhaaltje  dat nu nog lang geen verhaaltje is. Er staat een licht verkoelend briesje dat vrij simpel de hitte van de juist nu zo krachtige zon weet te verdrijven.  

Ik heb een plannetje gemaakt voor vandaag: Vanavond eet ik lekker spaghetti. Gisteren heb ik de ingevroren spaghetti-prut alvast uit de vriezer gehaald. Dan ga ik naar de gym en vervolgens een uurtje wandelen met Heleen en d’r hondje. Dan Franse les en ’s avonds naar de bios. Een film over ‘inburgering’. Die lijkt me heel zinnig.

In de soep loopt dit programmaatje niet echt maar zoals ik het bedacht had loopt het niet. Het moet bij mij niet alleen  ‘op rolletjes’ gaan, maar ook gestructureerd. Dan begint het al ’s ochtends om 8.02 uur dat mijn buurvrouw, ook zijnde mijn aangenomen zuster mij vraagt om straks (om 18.00 uur) pasta bij haar te komen eten. Er zijn ergere dingen natuurlijk. Dus: ‘Graag’ zeg ik want M. kookt best lekker. Maar als ik met mijn sporttasje op weg ben naar de sportschool …  het is om 9.00 uur  al bloedheet,  bedenk ik me, dat mijn spaghettiprutje staat te ontdooien in de koelkast. Ik had dus neen moeten zeggen tegen M. Nu kan ik mijn prutje wegpletteren … d’r zit rundgehakt in.

Op de sportschool loop ik Erney tegen het lijf. Hij werkt daar in het restaurant. Hij is een oud taalleerling van mij.

‘Alles goed?’vraagt hij mij.

‘Bijna alles ‘ is mijn cliché antwoord.

Ik zeg Erney dat ik last heb van een blaartje onder mijn linker-kleine-teen. Gevolg van een pittige strandwandeling in het weekend.

 Over de wandeling met Heleen kan ik kort zijn: ‘Perfect’. We hadden het over van alles en nog wat maar daar ga ik niet over schrijven, want dat is privé. Maar … niet privé is ‘het praatje’ dat in ‘onze flat’ de ronde doet.

 Dat hoor ik van Heleen: '... dat ik niet goed genoeg zou zijn om hier in onze flat taalles te gaan geven’. Van wie dat ‘praatje’ komt wilde Heleen me niet zeggen. Dat snap ik wel.

Die taallessen geef ik in het Rotterdamse nu al bijna 20 jaar. Aan zo veel mensen. Het zou best goed zijn als zoiets ook in onze flat zou gebeuren. Of ik dat nou doe of een ander dat maakt natuurlijk geen reet uit (op zijn Rotterdams gezegd). 

Zou het iets zijn voor die 'praatjesmaker of -maakster?' Of toch juist niet?


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

donderdag 28 mei 2026

POEPBRUIN

Een groot luchtbed heb ik gekocht. Daarmee ga ik op mijn balkon liggen zonnen. Elf jaar woon ik nu in dit appartement en nog nooit heb ik zoiets raars gedaan. Ik bedoel met zo'n luchtbed op het balkon. Vorig jaar had ik ook al, iets dergelijks. Ik wou toen coute que coute (koste wat het kost) bruine benen kweken. Toen deed ik, ook al was het eigenlijk te koud, vanaf maart al, een korte broek aan. Mijn bovenlijf hoefde toen niet zo nodig want ik ging op vakantie naar Edinburgh, Schotland en daar heeft toch iedereen een gevoelige kwetsbare, blanke huid (en rood peenhaar). Dan val ik dus niet uit de toon. Dit jaar is anders. Ik ga naar Franrijk.  Daar is iedereen altijd al gebruind in de maand april. Dus ik ga daar straks in juli niet voor lul lopen met mijn melkwitte torso. 

In april ben ik begonnen met een paar keer zonnebanken. Toen de zon hier meer zo hoog aan de blauwe hemel stond ben ik op mijn splinternieuwe luchtbed op mijn balkon gaan liggen. Nooit te lang en óók nooit zonder crème, want verbranden wil ik natuurlijk helemaal niet.

Toen ik een klein ventje was van zeg maar 8 jaar was ik met mijn jongere zusjes naar het strandbadje van de Kralingse Plas gestuurd. Het was een knetter hete dag. Zoals afgelopen dinsdag. Ik heb mijn zusjes helemaal ingesmeerd maar toen was de zonnebrandcrème op. Er werd toen nog geen gratis zonnebrandcrème verspreid langs de Plas. 

Maar, o, o, wat verbrandden die arme schoudertjes van mij. Rooier dan toen zouden ze nooit meer worden.  Lichtelijk traumatisch was, dat ik aan het einde van die dag het tramgeld kwijt was en ik met twee jengelende kleine zusjes zeker anderhalf uur in die hitte terug naar huis moest lopen. Toen ik thuiskwam vond ik het tramgeld, in een opgevouwen papiertje in de binnenzak van mijn overhemdje. Dat had onze moeder gezegd. Maar ik was het vergeten. Zeker omdat ik zo verbrand was. Mijn moeder had ook geen After Sun, dat bestond toen, 1958,  nog helemaal niet. Dus depte ze mijn rooie schouders en rug met een koud (nou ja) washandje.

Verbranden wil ik natuurlijk helemaal niet. Vandaar dat ik nu niet meer dan een kwartiertje in de zon lig. Dat is echt genoeg. Want, als ik in de spiegel kijk, dat zie ik iemand, die met dat poepbruine lichaam best in Frankrijk voor de dag kan komen. 


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

woensdag 27 mei 2026

KLEIN.

Om nu te zeggen dat het in Nederland slecht toeven is: ‘Nee, dàt beslist niet!’ Over het algemeen genomen, hebben we het hier wel goed. Minder bedeelden uit andere landen komen niet voor niets zo graag deze kant op. Dat zouden ze beslist niet doen als het hier armoe troef zou zijn. Kortom: er komen talloze instromers, die een graantje van onze welvaart meepikken. Onder die vele instromers van diverse pluimage zitten, volgens professor Okkie Wubbels, etno-geograaf aan de Universiteit van Groningen, ook veel kleine volwassen mannen (mannen onder de 1.68 m.), niet zijnde chondroblasten (dwergen, lilliputters).

De laatst jaren worden, met name uit de grote steden, geluiden opgevangen van autochtone bewoners, over kleine ergernissen, die steeds vaker uitgroeien tot gevoelens van boosheid over misdragingen van deze kleine volwassen man, ongeacht of deze man nu autochtoon of allochtoon is.

Om misverstanden te voorkomen wil professor Wubbels hier nog uitdrukkelijk vermeld zien, dat de kleine vrouw (onder de 1,60m) nog nooit voor enige overlast heeft gezorgd. 

Waarom is tegen deze groep kleine mannen tot op heden nog zo niks ondernomen?

De minister van Binnenlandse Zaken, die tegenwoordig net als iedereen op deze kleintjes moet letten,  heeft Professor O. Wubbels de opdracht verstrekt om eerst eens een low budget onderzoek te doen naar de aard van deze overlast, alvorens tot maatregelen over te gaan. Het resultaat is schokkend te noemen: de kleine man (KM) wordt door respondenten van het onderzoek genoemd als: 

Streber, valsspeler, druktemaker, vechtersbaas, oproerkraaier, machtswellusteling, dwingeland, bluffer, elleboogwerker, haantje de voorste,  gewelddadig.

Van de overlastgevende ‘onderzoeksgroep’ blijkt 80% autochtoon en 20% allochtoon te zijn, wat overeenkomt met de hier te lande normale verdeling autochtoon - allochtoon. Geen sprake is er derhalve van een allochtonenprobleem. Heel opvallend is een van de uitkomsten van dit onderzoek, dat deze kleinen vrijwel altijd solitair opereren. De overlast die ze veroorzaken is omgekeerd evenredig aan hun lengte. Vele kleintjes maken één grote, geldt ook in dit verband.

Het is, zo mag uit het onderzoek van professor O. Wubbels wel worden geconcludeerd: het is niet zomaar een kleine groep in onze samenleving. Volgens het CBS betreft het hier anderhalf procent van de volwassen mannen in Nederland, zeg maar ruim 200.000 mannen, kleiner dan 1.68 m. Zij zijn voor geen kleintje vervaard. Onderhand heeft ruim 90%  van de Nederlandse bevolking al eens meer of minder last met deze mannen gehad en hebben ze zowel geestelijke als lichamelijke schade aangericht. Over dat laatste moet nog een verkennend onderzoek op kleine schaal starten.


(Uit mijn rijke Rotterdamse verleden)

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

dinsdag 26 mei 2026

ZO HILARISCH!

De aanblik van die verongelukte autobus in België, vanavond op het nieuws, op z’n zijkantje gezwieperd door een aanstormende sneltrein. Er wordt gezegd dat die chauffeur de gesloten hefboom heeft geramd. Er is natuurlijk geen chauffeur die zoiets opzettelijk doet. Wat er dan wel was moeten ze nog uitzoeken. Ik weet niet eens of die buschauffeur het overleefd heeft. Veel zwaargewonden en vier doden waarvan twee kinderen. Van 12 en 15 jaar. Toen ik dat hoorde, dat van die kinderen liepen de koude rillingen over m’n rug. Gek, hè. Van die overleden volwassenen is het ook vreselijk. Ze hebben misschien een vrouw en wat kinderen. Dat is toch ook zwaar dramatisch. Maar zoals ik bij het vernemen van de dood van die kinderen van 12 en 15 jaar oud, koude rillingen kreeg, over mijn rug, liet het bericht van het overlijden van die twee volwassenen mij ijskoud.

Ik zal het maar eerlijk zeggen: tegenwoordig voel  ik  vrijwel nooit meer  rouw,  medeleven of verdriet bij ernstige ongelukken. Noem het gewenning.

Neem nou dat ongeluk op  station Amsterdam Bijlmer.  Een ouwe man wurmt zich met z’n scootmobiel op het perron, zo ver mogelijk  over de witte stopstreep.  Zodat hij straks lekker als eerste naar binnen kan rijden.

Er moeten toch mensen op het perron geweest zijn, die die ouwe  stumperd hebben zien stuntelen.

Hij moet zich hebben verbaasd over de  enorme rotvaart waarmee zijn trein kwam aan denderen. Door de gigantische zuigkracht van die trein wordt de scootmobiel gelanceerd en de opa, wordt gekatapulteerd uit zijn karretje en valt te pletter op het Bijlmerperron. Reanimeren heeft geen zin meer.

Dan nog even dit: wat hebben die lui van het NOS-journaal bezield om dit futiele voorval tot vervelens toe aan de kijker te presenteren. Het zou me niet verbazen als de NOS met dit item internationaal wil scoren in de categorie: ‘ongeluk van het jaar’.

Ik schaam me er voor. Ik heb enorm moeten lachen om dat nieuws-item. Later op de avond en ook de volgende dag nog krijg ik de slappe lach. De gelanceerde scootmobiel, die vliegende ouwe stakker en de doodsmak die hij maakte. Ik heb er in mijn hoofd een grappig stripje van gemaakt … sorry, ik schiet nu weer in de lach. Zo hilarisch!


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

maandag 25 mei 2026

DE WIND DRAAGT ONS MEE.


Ik ben bezig mijn Frans op te frissen. In dat kader werd ik attent gemaakt op een wel heel bijzonder chanson, dat eigenlijk nauwelijks klinkt als een chanson. Dit lied: ‘Le vent nous portera’ dateert alweer uit 2001. Destijds is het nummer me totaal ontgaan. Terwijl het toch een grote hit was. 

"Le vent nous portera’ van de groep: ‘Noir Désir’ is dichterlijk en meeslepend. Het gaat in de song om acceptatie en tijdelijkheid van het bestaan. De "wind" symboliseert de ongrijpbare tijd en het lot. Alles wat de mens meemaakt wordt afgevoerd en gewist.

De boodschap is niet somber: het roept op, in het ‘hier en nu’ te leven , te accepteren, te dragen. Uiteindelijk kunnen we toekomst noch tijd beheersen. 

 De wind zal ons meedragen

 Couplet 1

Ik ben niet bang voor de weg
We moeten kijken, we moeten zien
Alles is verborgen onder de plooien
De geschiedenis van de weg en de rest
Alles zal goed komen, het zal wel lukken
De wind zal ons meedragen

 Couplet 2

Je boodschap aan de beer
En het traject van een ster
Niets is ons echt gegeven
Zelfs niet de herinnering aan wat we waren
En de wind zal het meenemen
Alles zal verdwijnen, maar
De wind zal ons meedragen

 Couplet 3

De streling en de schietmot
En deze wond die ons verscheurt
Het paleis van de andere dagen
Gisteren en morgen
De wind zal het meenemen

 Couplet 4

De genetica in de handtas
De chroom van de spuiten
En wat we nu nog kunnen doen
Als we de getijden overleven
Alles zal verdwijnen, maar
De wind zal ons meedragen

 Couplet 5

Deze parfum van onze dode jaren
Diegene die aan jouw deur kan kloppen
Oneindigheid van het lot
We houden er één van over, wat maakt het uit
De wind zal het meenemen

 Couplet 6

Terwijl de getijden stijgen
En iedereen zijn rekeningen maakt
Neem ik mee naar de schaduw van jouw armen
Wat ik nog in me draag
En de wind zal het meenemen
Alles zal verdwijnen, maar
De wind zal ons meedragen

 

Niet echt makkelijk die tekst.

Luister naar het lied . 

De geweldige melodie.

Beweeg lichtjes mee.

Geef je er aan over.

 

Op YouTube en Spotify

Le vent nous portera.

Noir Désir.

 

Geniet!


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

    zondag 24 mei 2026

    KWALLEN.

    Het zou wel heel raar zijn als het niet zo was: op het strand van de Hoek was het op deze Eerste Pinksterdag bomvol. Ik was er met mijn aangenomen zus M.  Geheel nieuw voor mij is dat een stuk strand ter grootte van een half voetbalveld door een strandexploitant is afgezet, alwaar de meer poenerigen onder ons zich iets ongestoorder kunnen laven aan de zon. In de gauwigheid zie ik vier van dergelijke privé strandjes, waar de strandgast tegen betaling van 12,50 euro de hele dag mag recreëren. Eten en drinken kan daar, tegen betaling natuurlijk, volop worden aangevoerd

    Ondanks het nijpende tekort van bedienend personeel in de horeca en dan met name in die strandtentjes, en zeker met dit heerlijk zomerse weer, zie ik de bedienende jongens en meisjes serveerders regelmatig tegen elkaar opbotsen op die halve voetbalvelden. Kosten noch moeite worden gespaard om deze beter bedeelden op het 'veld' te houden.

    Ik praat daar niet over met M. Ik weet wel zeker dat ze daar nooit zou gaan zitten, op dat voetbalveldje, maar er zo lang over ouwehoeren als ik doe, dat zit niet zo in haar. Ze houdt niet zo van dat uitgebreide gezeik van mij over in haar ogen zoiets lulligs. Wat ze ergens van vindt kom er meestal in een krachtig kernwoord uit. In dit geval was dat: 'kut' en klaar is Kees. M. dan in dit geval. En eerlijk is eerlijk, elk woordje dat  meer aan zoiets vuil gemaakt wordt is tijd- en taalverspilling, toch?

    Waar M. nou weer wel over valt en waarover zij zware woorden aan mij kwijt wil, is die dame met haar hondje: ’Mot je nou zo’n muts zien, die hier de hele dag topless gaat leggen zonnen met die arme Jack Russel vlak tegen d’r an geplakt. ’t Is bijna crimineel.’ Ik kan M. niet anders dan gelijk geven. Het is niet leuk voor dat kleine felle viervoetertje maar ze moet dat beestje op zo’n dag als deze beter gewoon thuis laten.

    ‘Het grote, dit hoeft voor mij niet verschijnsel’ van de dag, is vandaag geworden: de tatouage. De tatouage  is de afzichtelijke en geheel vrijwillige toetakeling van grote delen van de huid, zoals vertoond bij vrijwel alle strandmannen. Ik denk soms wel eens dat ik de enige ben zonder!

    Overigens hadden mijn aangenomen zuster M. en ik een heerlijk middagje op het strand van de Hoek: wandelen, picnicken, terrasje, koffie, bier, pootje baaien, een bang krabbetje, een meeuw op apegapen, een ultra-laag vliegend vliegtuig èn ... opvallend veel kwallen. Ook zonder tatouages.


    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

    zaterdag 23 mei 2026

    NAAKTSTRANDJE.

     

    De laatste jaren heb ik wat meer bravoure. Doch het grootste deel van mijn leven bracht ik door in schuchterheid, preutsheid, verlegenheid en minderwaardigheid. Het is niet anders. Erg zichtbaar voor de buitenwereld is dat alles nooit zo geweest. Ik had leuk werk.  Vele jaren was ik  samen  met een prachtige vrouw, de liefde van mijn leven. Met haar kreeg ik twee geweldige zonen, die we samen hebben ‘grootgebracht’ en die het ‘leuk’ doen’. 

    Dat ik mijn zwakkere kant heb kunnen overwinnen komt enerzijds doordat ik, na de echtscheiding niet zó kon doorgaan. Ik moest zelfstandiger en krachtiger leren handelen. Mijn sterke ega was er niet meer, dus ik moest nu  echt aan de bak. Dat was één kant van mijn ’renaissance’. Bij de andere factoren, die mij sterker maakten speelde mijn zus een rol, een merkwaardige rol. 

    Ik was 64 jaar, in het jaar van de echtscheiding. Ik kreeg een huis in Ommoord. Mijn zus die vlak bij mij in de buurt woonde belde me op zomerse dag om mee te gaan naar het naaktstrand in het Kralingse Bos. Ik had nog nooit gehoord. dat er zoiets in Rotterdam was. Het zou sowieso  nooit in me opkomen om alleen naar zoiets toe te gaan. Mijn zus zit daar heel vaak. Ze heeft  ook haar kennisjes daar.

    Goed, ik ga met haar mee, beetje onwennig, in het begin, preuts maar dat blijkt totaal niet nodig … in een paar weken heb ik er geen enkele moeite meer mee om uit de kleren te gaan en sta ik in mijn blootje te jeu de boulen met Henriëtte en Paul, zij is net als ik acteur, Paul heeft een goedlopende patatzaak. Ik ben nog  tijdje  bevriend met haar geweest .Maar Paul kon dat  niet aan. Hij was stikjaloers … hoewel Henriëte en ik  een niet amoureuze vriendschap hadden.

    Dan de tweede factor die me krachtiger maakte kwam door een verjaardagscadeau dat ik van mijn zus kreeg. Het lijkt zo’n kleinigheid. Een  futiliteit met grote gevolgen. Ze gaf me een tienrittenkaart cadeau voor een (homo-)sauna: Sauna de Banier in de  Banierstraat. Mijn zus was daar zelf vaste gast. Zij is lesbisch. Ik heb heel wat moeten overwinnen om daar naar binnen te gaan en binnen te blijven. Ik ben geen homo. Ik heb helemaal geen probleem met homo’s maar ik had het rare vooroordeel dat ik als lustobject door de andere heren bekeken zou worden. Dat oordeel  bleek 100% bullshit te zijn. Ik heb er geweldig genoten. Ik moet toegeven dat ik nooit en te nimmer de ijs- en ijskoude waterton ben ingesprongen.

    Sauna en naaktstrand als sterkmakers. 't Klinkt vreemd maar het werkte goed. Vanmiddag, het was net zo lekker weer als die eerste keer, was ik daar weer even, open en bloot, op dat kleine stukje strand. Nu in m'n uppie. Mijn zus zit op de camping in Rockanje.


    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

    vrijdag 22 mei 2026

    VAT.

    Joachim, een vriend van mij, een migrant uit Costa Rica, en al vele jaren woonachtig in Nederland, heeft een zeldzame interesse voor de Nederlandse taal. Het is niet zo dat hij een talenknobbel heeft, want hij spreekt in feite alleen zijn moedertaal, Spaans, vloeiend en Nederlands, beperkt. Zijn beheersing van de Nederlandse taal is nog niet eens zo 'om over naar huis te schrijven'. Hij heeft een bijzondere interesse voor Nederlandse spreekwoorden. Hij vertelde me dat hij in een aantal schriften, spreekwoorden en hun betekenis heeft vastgelegd. 

    Vanmorgen is hij op bezoek bij mij. We drinken koffie en vrijwel altijd komt er in ons gesprek een momentje waarop hij even zijn wijsvinger opsteekt, zijn ogen dichtknijpt, naar het plafond kijkt en dat een verhaspelde versie uitspreekt van een heus Nederlands spreekwoord. 

    Zo vertelde ik hem, dat ik, wanneer ik een nieuwe omgeving ben, bij een werkgroep of vergadering of zo, ik altijd onopvallend in een onopvallend hoekje ga zitten.'

    Oh', zei Joachim toen, 'jij dan kat uitkijken ... op boom. 

    'Ja Joachim, heel goed, ik kijk de kat uit de boom'. 

    Joachim is er dan fier op dat hij mijn gedrag in dat spreekwoord heeft kunnen vatten. Geheel toevallig schrijf ik nu net het woord .vatten' en evenzo toevallig stuitten we vanmorgen op het woord 'vat'.

    Joachim heeft me aantal weken geleden gevraagd om een stekje van de christusdoorn, een plant die vrijwel niet te koop is in plantencentra. Bij mij staat voor het raam van de woonkamer zo'n stekkie dat het aardig doet. Dat stekkie heb ik van Hendrik, een vriend, die heeft een flink aantal stekkies van die plant. Zonder aarzelen zegde ik Joachim toe dat ik wel een stekkie voor hem zou 'versieren'. 

    Alleen ... Hendrik komt niet zo vlot 'over de brug' met zijn stekkie. 

    Echter ... hoe dan ook: Joachim krijgt sowieso dat stekkie van de christusdoorn. Misschien vanavond, misschien morgen, misschien volgende week, misschien volgende maand doch: let op Joachim: 

    'Wat in het vat zit verzuurt niet'. 

    Joachim tikt het spreekwoord in zijn notitieapp en schrijft er bij wat het betekent: '

    Uitstel is geen afstel.


    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

    donderdag 21 mei 2026

    LAAT MIJ MAAR SCHUIVEN (3)

     Een passend medicijn.

    Ik weet dat het slecht voor me is en toch doe ik het. Tegen iedereen houd ik mijn mond. Ook tegen mijn psych en mijn vrouw. Geheel op eigen houtje besluit ik te stoppen met lithium, hèt medicijn dat al meer dan tien jaar uitstekend werkt tegen mijn bipolaire stoornis. Lithiumgebruik heeft enkele vervelende bijverschijnselen, onder andere dat mijn gevoelens (zowel de ups als de downs) nogal pittig worden afgetopt. Daar wil ik van af.  Heel langzaam bouw ik dat medicijn af: in drie maanden tijd. Ik riskeer zo een psychose. Door het oog van de naald kruip ik. Ben een paar dagen manisch. Van mijn psych: (‘nooit meer zoiets op eigen houtje doen , hè!!)  krijg ik een ander medicijn voorgeschreven: zyprexa; dat slaat goed aan. Ik vóél tenminste weer eens wat.

     Mijn experiment was eigenlijk te  riskant. Het resultaat uiteindelijk positief:  een passend medicijn. Was ik maar eerder gaan experimenteren.


    (Uit mijn verre Rotterdamse verleden)

    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

    woensdag 20 mei 2026

    LAAT MIJ MAAR SCHUIVEN (2)

     Een supergrote stroopwafel.

    Ik koop  een stroopwafel in de kraam op de Hoogstraat … zo’n supergrote … gulzig neem ik een hap, te gulzig want er breekt een stuk stroopwafel af en  valt op straat … een vrij groot stuk …  op de natte straat … gatver … dan ben ik echwel heel stom bezig als ik dat stuk stroopwafel opraap en nog opeet  ook? Toch doe ik dat: inhalig gris ik dat stuk van het trottoir … vlak voor de kwijlende bek van een boxer, die er blijkbaar ook wel zin in heeft.

    Ik kan er ziek van worden. Erg ziek misschien wel. Enfin, dat zie ik morgen wel weer … als ik niet ziek word, denk ik maar zo: dan heb ik mijn weerstand er mee verhoogd. Als  al die straatschooiers wèl tegen eten en drinken uit de afvalbakken opgewassen zijn, waarom moet ik  dan een groot stuk op de grond gevallen stroopwafel  laten liggen? Kom nou, ik laat me niet kennen.


    (Uit mijn verre Rotterdamse verleden)

    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

    dinsdag 19 mei 2026

    LAAT MIJ MAAR SCHUIVEN (1)

     Op die fiets!

    Ik spreekt nogal eens mijn afkeuring uit over misdragingen van e-bikers en fat-bikers  maar ik moet eerlijkheidshalve  bekennen, dat ik er zelf, als doodgewone fietser ook wat van ken. Ik bent me er een!

    Ik overtreed alle mogelijk verkeersregels.

    Ik steekt mijn hand niet uit als ik de hoek om gaat.

    Ik trekt me geen bal aan van verkeerslichten.

    Ik rijd op fietspaden en autowegen in de verboden richting.

    Ik fietst op het trottoir.

    Ik hebt géén of wazig licht op mijn  fietst.

    Mijn remmen zijn slecht.

    D'r zit geen bel op mijn fiets.

    Is mijn fiets gejat, jat ik er een terug of koopt voor vijf euro een gejatte fiets bij een junk.

    En dan ben ik niet eens de enige die zich zo misdraagt. Ik stelt me erg kwetsbaar op als weggebruikert. Het is beslist niet zo dat ik er op wacht om overhoop gereden te worden. Het is me telkens weer te doen om dat piepkleine adrenalinestootje.


    (Uit mijn verre Rotterdamse verleden)

    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

    maandag 18 mei 2026

    DEFEND HOLLAND

    Blijf van onze democratie af.

    Waar er in Nederland op democratische wijze voor gekozen is, om op een of meerdere lokaties asielzoekers onder te brengen komen mensen in het geweer. Ondanks dat het besluit dus al democratisch is genomen komt er toch nog actie in de stad of het dorp: of het aantal asielzoekers is te groot of de groep bevat teveel (jonge) mannen of het azc ligt op een ongewenste plek. Een flink deel, verreweg het grootste deel van de bewoners van zo'n stad  respecteert de democratie. Een klein aantal doet dat niet en wordt gesteund door vooraanstaande voetbalhooligans en een groep stoere mannen en een enkele vrouw, gecharterd uit alle uithoeken van het land ... zelfs uit het buitenland! 

    Deze groep opereert onder de namen Defend Netherlands, Defend United, of Defend Holland. Het betreft hier overkoepelende termen voor tientallen extreemrechtse en radicale actiegroepen. De beweging is dus met name actief rondom gewelddadige demonstraties tegen asielzoekerscentra (azc's) en ze proberen lokale politieke besluitvorming te intimideren. Geweld wordt niet geschuwd door die groeperingen: brandstichting, vernielen van gebouwen en intimideren van de politie. 

    Er zijn arrestaties verricht (veel te weinig). De mensen die zich op een gewelddadige wijze tegen onze democratie keren, verdienen een veel langere gevangenisstraf dan normaal.

    Er is helemaal geen migratieprobleem!

    Trouwens: van alle migranten is slechts 14% asielzoeker, 86% dus niet! Er is helemaal geen migratieprobleem. Dus waar maken die knokploegen van Defend  Holland zich druk om? Nergens om, die komen alleen om te rellen. 

    Het merendeel van de migranten wordt in Nederland verwelkomd door onze werkgevers, die hard arbeidsmigranten nodig hebben, omdat veel Nederlanders bepaalde werkzaamheden niet meer willen of kunnen uitvoeren.

    Een positieve noot

    Wie denkt dat het asielvraagstuk onoplosbaar is moet eens gaan kijken in Oss, bij Thuis in Oss. een opvangplek waar maar liefst 500 vluchtelingen in een fris gebouw worden opgevangen. Er zijn geen hoge muren of hekken; iedereen kan naar binnen lopen en een kijkje nemen. De bewoners blijven de hele procedure op de zelfde plek wonen, hebben inspraak via een bewonersraad, en voelen zich thuis. Omwonenden geven taalles en breien mutsen met de vluchtelingen. Het aanvankelijke verzet verdween als sneeuw voor de zon.

    Weinig opvanglocaties zullen zo goed zijn als die in Oss. Maar de beeldvorming over asiel wordt helaas bepaald door kwaad-willenden. Mensen die nog nooit een stap in een azc gezet hebben en dat ook niet van plan zijn.


    met dank aan Sander Schimmelpenninck


    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

    zondag 17 mei 2026

    MET MATE.

     Ik moet oppassen geen alcoholist te worden. Dat heb ik in mijn leven wel vaker zo gevoeld.  Normaal gesproken doe ik nooit gek en drink ik twee biertjes op een dag. Meestal, zo vlak voor het slapen gaan. Ik neem mijn slaappillen met het laatste beetje bier in en slaap dan tot ik met een droge bek en een volle blaas wakker word.. zo rond een uur of vier.

    Zo af en toe heb ik ook wel idiote buien, waarin het totale alcoholgebruik per dag statistisch gezien een stijgende, zo nu en dan zeer sterk stijgende curve vertoont. Het weer is bij mij vaak een veroorzaker van zo’n idiote curve. In  fijne zomerse periodes verdubbelt het aantal blikjes per dag, dat ik inneem. Maar dan is het doorgaans ook weer zo voorbij, want zelden is het in Holland langdurig en krachtig zomer. Ik heb er geen enkele moeite meer om weer over te schakelen naar twee blikkies per dag.

    ’s Winters, tsja, het gaat haast onwillekeurig, het is koud en ik schiet op de automatische piloot even de slijter in voor een kwaliteitslitertje cognac een Remy MartinOnbetaalbaar maar dan toch ... Zonder een glaasje cognac als slaapmutje, vat ik de slaap niet. Mijn voeten blijven ijskoud. Ik slaap beneden de 16 graden beslist niet met koude voeten. Neen, ook geitenwollen sokken helpen me niet: een glaasje cognac wel. Krijgen we weer hogere temperaturen, dan heb ik weinig last met in slaap vallen, mijn fles cognac is dan misschien pas voor de helft leeg, en dat laat ik dan zo, voor de kou, die misschien nog komen gaat of desnoods tot volgend jaar, want ik blijft er verder vanaf. 

    Ook mijn stemmingen  voeren me soms voor enige tijd in de armen van mijn vriend Bachus. Met name de negatieve stemmingen met depressieve gedachtes, verdrietig stemmende gebeurtenissen. Ik verwacht dan van ‘lekkere biertjes’ zoals Westmalle trippel (12%), kleine wonderden in 'my mind', zodat dat monnikenbrouwsel de boel daar een klein beetje kan opschudden richting een opgewekt gemoed. Die Westmalle-stemmingsverbetereraar heeft dikwijls na drie avonden zijn werk al gedaan.

    Nu was ik afgelopen zaterdag in Schiedam, met de jeneverdagen 2026. Je wilt niet weten hoeveel ik op heb Er stonden  daar in een grote kerk aan de Lange Haven wel dertig destillateurs hun waar aan  te prijzen. Bije elke kraam werd een slokje ingeschonken. Ik had eerder ‘neen’ moeten zeggen. Ik schrijf dit schrijfsel, de zondag er na, met zware hoofdpijn, een nog niet eerder vertoonde misselijkheid en onbeheersbare kots-neigingen. 

    Mijn vriend Hendrik maakte me attent op die jeneverdagen. Dat was voor het eerst en nooit weer. Vandaag hoef ik niks meer. Zelfs niet met mate.

    zaterdag 16 mei 2026

    VERGEVEN? NOOIT

    Er komt een tafeltje vrij bij het raam, een beetje in een achterafhoekje. Daar zit hij graag. Hij hoeft niet op te vallen. Alleen een bakkie leut en Leo Urgel is weer fris in de kop. Maar net als hij aan dat tafeltje wil gaan zitten, pikt een oma met haar kleinkind z’n tafeltje in.  Hij maakt daar geen punt van, in tegendeel: hij knikt de vrouw vriendelijk toe.

    Hij móét nu een bakkie. Leo Urgel, gepensioneerd leraar Frans,  weet hier in Schiedam precies waar hij dan moet zijn. Bij Café Exspreszo. Het is druk. Hij is een beetje ongeduldig en te bescheiden om zijn stem te verheffen.

     ‘Leo kent die vrouw, maar vraag hem niet waarvan.

    ‘Meneer, wat kan ik voor u betekenen? ’ Het is de ober. Leo bestelt zijn hoognodige espresso.

    ‘Komt er zo aan, meneer.’ Zo raar is het niet dat hij bekenden in Schiedam tegenkomt. Hij heeft vele jaren les gegeven op het plaatselijk Lyceum. Een van de weinige dingen in zijn leven waar hij tevreden mee is. Oké, hij was geen kanjer ... had wel eens ordeproblemen …

    ‘Uw espresso, meneer. Drie euro vijftig alstublieft.’

    … zijn leerlingen vonden hem waarschijnlijk te aardig om weg te pesten, … misschien kwam het doordat hij er ook echt wàs voor zijn leerlingen …

    Die koffie had hij nodig. Hij knapt er van op …

    Die vrouw … hij kijkt heel onopvallend naar haar … zij kijkt ook even naar hem ... nee hè …  in één oogopslag ziet hij nu haar kleine jeugdige gestalte voor zich, haar grote, groene, felle ogen, haar kleine sproetenneusje, haar kastanjebruine haar in een staartje, bolle wangetjes en haar mooie volle lippen … het zweet breekt hem uit … Karina! Dat studieweekend in ’s Gravesande … Leo was goepsleider …  tien leerlingen  waaronder Karina ... 17 was ze. 57 moet ze nu zijn.

    Hij zet zijn lege espressokopje op een tafeltje en verdwijnt hals-over-kop uit café Exspreszo. De schaamte is er weer … die laatste avond van het weekend was Karina bij hem op de kamer. Wat hij toen voelde, had hij lang niet meer gevoeld. Ja, heel in het begin, toen zijn vrouw en hij pas samen waren. .

    Er zou niks gebeuren … er mòcht niks gebeuren! Ze was mooi. Karina vond hem vast alleen maar leuk om mee te praten. Zijn lichaam was niet zo veel bijzonders.  

     Karina rukte opeens haar bloesje open en legde zijn hand op haar mooie, harde, kleine borst. Hij ging vervolgens veel te ver …  slappeling die hij was.

    Later moest hij,  hij kòn gewoon niet anders,  zijn vrouw alles over hem en  Karina vertellen. Zijn vrouw  zou het hem nooit vergeven.


    (Uit mijn oude Schiedamse verleden)

    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com

       

    vrijdag 15 mei 2026

    DE EERSTE KEER.

     

    Het is half mei, de ijsheiligen hebben hun werk gedaan dus moeten ze nu maar eens ophoepelen. Ik zit binnenshuis met een wintervest, geitenwollensokken en een moltondekentje over mijn benen nog met kippenvel over mijn hele lijf kou te lijden. Buiten zie ik, te midden van weinige wolken de zon nog hooghartig staan schijnen. Ik heb mijn balkon weer vol gegooid met Gerania. Daar staat ook een Elstar (een appelboom) en ik heb  wat fleurige Niemendalletjes aan de balkonreling opgehangen. Ik krijg straks bezoek van mensen die mij gisteren die Niemendalletjes cadeau deden. De Lidl had speciaal voor vandaag, Hemelvaartsdag, een aanbieding: een mooi roze bloeiende Oleander voor slechts 14,99 euro’ Die plant staat er geweldig bij in dat oude vuilnisvat. Hij bloeit als een tierelier. Zoals ik al zei: ’ik krijg zo visite’ en het is een teringzooitje in mijn huis. Dat bezoek komt vandaag voor het eerst bij me en ik wil niet dat ze de indruk krijgen dat ik ‘hoarder’ ben..

    Er ligt een dikke laag stof op de broodkast, waarop ik ook al mijn pinpassen heb uitgestald. De broodkast, ik heb daar destijds honderd euro overnamekosten voor moeten betalen aan de vorige huurder, terwijl iemand die bij me op bezoek was er  zo maar cash 400 euro voor wilde neertellen.

    Het stof in volgestouwde maar prachtige, unieke kast gemaakt door mijn veelzijdige getalenteerde en veel te vroeg overleden Iranese vriend Kawuz, probeer ik weg te wapperen met mijn vrolijk gekleurde plumôt. Dat lukt maar ik moet er herhaalde malen vreselijk van niesen. De kast heeft als omtrek de vorm van een contrabas. Ik heb er een aantal goeie Franse romans van Emile Zola en wat snuisterijen in tentoongesteld. Zoals een verzameling schelpen  gevonden op het strand van Hoek van Holland, enkele asbakken, waaronder één heel bijzonder exemplaar, dat ik als souvenir heb meegenomen uit Porto toen ik daar op vakantie was bij mijn vriend Luis, die daar geboren en getogen is, maar op veertig jarige leeftijd toch liever in Holland kwam wonen. Die asbak wordt overigens op dit moment alleen gebruikt door mijn ketting-rokende aangenomen zus Marieke. Ik ben erg blij dat ik haar überhaupt heb aangenomen. Marieke. heeft mij trouwens ook aangenomen als aangenomen broer. Wat op zichzelf heel aangenaam is als je bij elkaar op de trap woont en je elkaar, om wat voor reden dan ook, zo af en toe eens nodig hebt.

     Ik moet het prachtige zeil op de keukenvloer, na het schrijven van dit stukje, even vlug dweilen, met Dasty en de mop, want nu is het er één grote kleefboel. Dáár kan ik met goed fatsoen geen visite op ontvangen.

     (wordt niet vervolgd)


    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com



    donderdag 14 mei 2026

    ANDERE ZALF

    Het eten stelde die donderdag niet veel voor. Mijn vriendin at een boterhammetje met een plakje kaas en dronk daarbij een kop thee. Ik verorberde een schaaltje groentesoep dat mijn Afghaanse buurvrouw mij woensdagmiddag gegeven had. Het was een lekkere, uiterst goed gevulde groentesoep, die een beetje minder zout en een beetje minder gepeperd had mogen zijn. Als toetje namen we een mineola. Dat is toch zo’n verrukkelijke citrusvrucht!

    Mijn verhaaltje van gisteren turnde gisteravond de sfeer in mijn huis volledig om. Nadat mijn vriendin het gelezen had was ze uitermate boos. Dat een paar van die onschuldige zinnetjes een dergelijke boosheid kunnen wekken …  Ze wil gewoon niet dat ik over zoiets schrijf. Zoiets moet onder ons blijven

     Afin…. De boosheid is weer bijgelegd en we gaan samen kijken naar een film van de gebroeders Coen: Inside Llewin Davis. In de film volgen we een week uit het leven van de folkzanger Llewin Davis, die in het New York van 1961 wanhopig op zoek is naar een publiek en een slaapplaats. De knipogen naar collega Bob Dylan zijn talrijk en toch is dit geen verkapte biopic over Dylan. Het is meer een film over geluk, timing en noodlot. De film heeft geen noemenswaardige plot en moet het hebben van de heerlijke Coeneske personages, de vaak grappige dialogen en van de hoofdrolspeler Oscar Isaac, die al zijn nummers zelf zong.  Goeie film; mooie film.

    Over mezelf mag ik van mijn vriendin gelukkig alles schrijven, al is het nog zo raar. Ik heb een aambei. Het kost me heel wat moeite die weg te krijgen. Allereerst heb ik zalf nodig en inleggers. Die inleggers zijn tegen het doorsijpelen van de zalf naar mijn onderbroek en spijkerbroek.  Die zalf, neen, neen, neen, géén sperti … ik heb andere zalf van de dokter gehad. Die zalf moet ik ’s morgens, ’s avonds èn elke keer na het poepen aanbrengen, op een schone anus. Aangezien ik minstens twee keer per dag  moet poepen  sta ik dus vier keer per dag mijn reet schoon te wassen, af te drogen en in te zalven … dat is op zich niet zo heel erg vermoeiend maar wel vervelend. De behandeling helpt trouwens wel. De aambei wordt langzamerhand wat kleiner.

     

    (Uit mijn verre R'damse verleden)

    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com



    woensdag 13 mei 2026

    CHOLESTOROL.

    Ik overdrijf niet als ik zeg, dat ik de laatste jaren kamp met lastige voeten. Het lastige zit hem vooral op mijn voetzolen, tussen mijn tenen en op mijn enkels.

    Ik krijg als ik loop het gevoel alsof ik op kussentjes loop. Echt pijnlijk is dat niet. Die kussentjes en dat vreemde gevoel horen daar gewoon niet te zijn. Klaar!

    Verder moet ik het doen met nogal rare enkels. Die zitten een paar millimeter te laag, want mijn schoenen (niet zijnde laarzen) proberen mijn enkels een stukje omhoog te duwen. Pijn? Ja, bij elke stap die ik zet.

    Het ergst is wel de blaarvorming. Ik hoef maar een korte wandeling te maken en daar zijn ze. Tussen mijn kleine teen en die teen ernaast (die noem ik de ringteen), ontwikkelen zich zowel links als rechts, zeer geniepige blaren. Ze ontstaan als de kleine teen wegkruipt onder die teen ernaast en putten je uit. 

    Mijn huisarts, een piepjonge man, kon met mijn kussentjes niet direct uit de voeten en dacht: ik laat een lading bloed uit die man trekken. Dat geeft wellicht een indicatie. Maar over mijn voeten gaf de analyse van mijn bloed geen uitsluitsel. Wel werd toen duidelijk dat mijn cholesterol niet in orde was. De doktersassistente stuurde me een email met die uitslag en dirigeerde me naar internet om te kijken wat ik daaraan zou kunnen doen. ‘Zoek het maar uit met je cholesterol’ was dus eigenlijk de boodschap van mijn dokterspost.

    Ik ben gaan kijken op internet. Ik moet veel  omgooien van mijn eetgewoontes. Mijn smoothies maak ik met volle Franse kwark. Ik drink volle melk bij mijn lunch. Dat moet naar halfvol. In gerechten en op brood doe ik 80+ kaas, dat moet 30 + worden en mijn alcoholconsumptie moet rigoureus omlaag. Van een krat bier per week naar een flesje per dag. Van het idee alleen al word ik un peu onpasselijk.

    Waar ik echt blij mee ben is dat ik meer verse vis moet gaan eten … zalm dus.  . Dat doe ik nou net nooit omdat ik zalm veel te duur vind … zes euro voor 2 ons Noorse zalm …. Veel te duur. Maar ... voor tegen mijn cholesterol heb ik het er graag voor over.

    Nu zit ik alleen nog wel met mijn voeten.


    Lieve lezer, 

    stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

    stukkiejee.blogspot.com