Pageviews van de afgelopen week

vrijdag 31 juli 2026

JEUK.

Voor het eerst sinds jaren word ik niet uit mijn slaap gehouden door die rot-vervelende muggen. Ik heb half juni bij het Kruidvat  de ‘anti muggen stekker’ aangeschaft voor 15 euro, en daar heb ik geen spijt van. Als het goed is werkt het spul 36 dagen. Heerlijk.

Alleen … juist nú moet ik wel gestoken zijn door een ander soort insect. Ik heb  al een week een vurige rode jeukplek op mijn linker onderarm!

Ik heb al met mijn nagel een kruisje in de beet gedrukt en het met een watje met azijn gedept. Maar dat is gewoon mijn moeders’ truc tegen lastige muggenbeten en muggen worden in mijn slaapkamer met behulp van het Kruidvat al vermorzeld.

Waar zou ik dan door geprikt kunnen zijn. Door een niet vliegend insect want dat Kruidvatmiddel maakt vliegen voor insecten onmogelijk.

Door een vlo misschien. Van een vlo krijg je kleine rode jeukende prikjes naast elkaar maar dàt is niet wat ik nu heb. Dit is één rode, vurige jeukvlek ter grootte van een 2 euromunt, met in die rode vlek drie harde bultjes. Twee kleine en een grote.

De dader zou ook een kruisspin geweest kunnen zijn. Toen ik net terug was uit Avignon zag ik dat er in de struiken aan de overkant van mijn flat volop bramen rijp waren. Ik ben toen gelijk gaan plukken. Best kans dat de kruisspin toen ook gelijk toesloeg. Elke prik van de kruisspin moet echter afzonderlijk zichtbaar en voelbaar zijn. Zo zit het bij mij ook niet.

Dan kan het  haast niet anders dan dat ik door een bedwants ben gebeten. (Mijn slimme aangenomen zusje dacht gelijk al aan iets betwanterigs). Zo’n rode vlek met drie harde plekjes er in, dat klopt  precies. Hoogstwaarschijnlijk ben ik gebeten in het Franse hotel en is de beet pas in Rotterdam, een week na de vakantie, zichtbaar geworden. De wants zelf is hopelijk in Avignon in de super gekoelde hotelkamer achtergebleven. Als ik een wants had meegenomen uit Frankrijk had ik al lang nieuwe rode jeukplekjes gehad.

Mijn huisarts, die ik voor de zekerheid nog even consulteerde,  zei dat ik de eczeem zalf die ik nu toch al gebruik (Betnelan)ook mag smeren op die tergende  jeukplek op mijn linker onderarm. Dat zal nu wel snel beterswantsen.

donderdag 30 juli 2026

GOED GEVULD

Ik ben nog op vakantie in Avignon. Vrolijk druk op straat. Vooral op de Rue de la Républic: winkelende mensen, theatermakers die reclame maken voor hun voorstellingen in honderden theaters. Straatartiesten ook, zoals jongleurs, acrobaten, (tap)dansers, muzikanten, zangers doen daar hun act en gaan daarna ‘met de pet’ rond. Ze horen er absoluut bij, die straatartiesten en ze zorgen ook voor die geweldige sfeer daar.

In die ‘Rue’ zijn vele café's, waar onbeperkt getoiletteerd mag worden, je hoeft niet persé zoals in de benepen Rotterdamse horeca eerst een drankje of een hapje te bestellen voordat je mag gaan piesen of poepen.

Elke dag zoek ik een ander terrasje uit voor de 'double café' bij mijn elders gekochte, rijk belegde broodje. Pas de problème.

Om raadselachtige redenen valt in de eerste week van mijn verblijf in Avignon, de bril van mijn neus èn staat mijn horloge opeens stil. Voor beide probleempjes kan ik op die Rue de la Republique ook terecht. Net als in Nederland, geeft de opticien mijn bril een gratis  kleine beurt. De horlogier aldaar slaat er een slaatje uit door voor het plaatsen van een nieuw batterijtje in mijn horloge 15 euro te rekenen. Op het Lage Land staat zit elke vrijdag op de markt een man die dat voor een tientje doet.

Monoprix is de grote supermarkt op de Rue de la République. Ik koop daar een pot grote zure bommen, 12 flesjes 'eau petillant', 2 liter melk, een kilo kersen, een pond druiven, een groot stuk watermeloen en een kilo magere Franse kwark. Het gaat net in de rode boodschappentassen, die ik mee heb. De koelkast is gelijk goed gevuld.

Dan realiseer ik me dat ik niet zo lang meer in Avignon zal zijn. Over anderhalve dag vertrekt mijn TGV richting Rotterdam. Alles opeten en drinken is geen optie. Ik zou vanaf heden alleen fruit kunnen gaan eten en melk drinken maar dan krijg ik toch maar een fractie op van wat ik in de koeling heb staan. Er zit niks anders op dan wat over blijft in de koelkast te laten staan voor de volgende hotelgast op deze kamer.

De ochtend voor vertrek, ik ben net uit mijn bed, wil ik nog even verifiëren hoe laat precies die trein straks gaat. Het retourkaartje zit in een speciaal vakje van mijn koffer. 

Als ik me buk om dat kaartje te pakken besef ik dat mijn koffer al thuis is, in Rotterdam. Net als ik.

In mijn droom heb ik me de afgelopen tijd flink druk lopen maken over die overvolle koelkast. Wanneer ik de deur van mijn eigen koelkast hier nu open, zie ik staan wat ik hier gisteren blijkbaar al bij mijn Jumbo, hier om de hoek heb gekocht.

Genoeg tijd derhalve om het hier allemaal lekker op te peuzelen en drinken, gelukkig


woensdag 29 juli 2026

IRRITANT (2)

 Ronduit lullig, dat voorval. Vlak voor de deur van ons bejaardentehuis, vond ik een heuptasje. Goed gevuld. Bankpasjes, sleutels, adressen en (kortings)pasjes van allerlei organisaties. Op het moment dat ik het vind heb ik haast ... een afspraak met de fysio. Inmiddels weet ik dat dat tasje van flatbewoner Ton is. Ton is een zwaar invalide oudere man. Hij beweegt zich al vele jaren uitsluitend voort in een rolstoel. Ik bel bij hem aan. Geen gehoor, tot twee maal toe. Ton is thuis dat weet ik zeker. Hij doet gewoon niet open. ‘De groeten Ton,’ zeg ik in mezelf, ‘ik moet er nu echt vandoor’. Zijn volle heuptasje past niet in Ton’s brievenbus dus haal ik er wat spulletjes uit en stop dat alles in zijn brievenbus.

Vier uur later ben ik terug van de fysio. Loop in één ruk door naar Ton. Bel weer twee keer aan, zonder resultaat. Dan tik ik twee keer hard (geïrriteerd) op de ruit naast zijn voordeur. Hij doet opeen, zeker een minuut later, met een slaperige kop open.

‘Ha Ton, Ik heb hier beneden op straat je heuptasje gevonden. Alles ligt nu in je brievenbus. Nog geen anderhalve minuut later zie ik hem zijn brievenbus schoon vegen. Ik wees hem toen nog even precies aan waar ik zijn tasje gevonden had: op het trottoir vlak achter een geparkeerde auto.

‘Ja’, zieligt Ton, ‘het was daarstraks veel te druk om me heen. Buurvrouw Hulst vroeg me of ik de deur wilde open doen met mijn afstandsbediening. Buurman Peter zei dat mijn taxi er al stond … terwijl die juist wegreed. Ik was hier net door die taxi afgezet.

'De mensen moeten me met rust laten', sikkeneurt Teun. Ik kan niet tegen die drukte om me heen. Dan raak ik in de war.’ Uiteindelijk kon er bij Ton toch geen bedankje af.

Ik moest onwillekeurig denken aan de dag dat mijn oudste zoon, tien oud jaar toen, een portemonnee vond met daarin tien briefjes van honderd euro. Hebben we gelijk aangegeven bij de politie. Via de politie kwam de eerlijke verliezer bij mij aan de deur. Ik liet mijn zoontje de portemonnee aan de dolblije man terug geven. Zonder dralen ritste de man zijn knip open en gaf mijn zoontje, een briefje van honderd euro.

Ton was niet zo blij, zo te zien … en al helemaal niet zo gul. '

dinsdag 28 juli 2026

IRRITANT (1).

 

Vanavond ben ik naar Kino gefietst, die bioscoop. Mijn tweede huiskamer. Er draait daar een heel mooie film. Daar zal ik verderop  wat over schrijven. 

Ik ben dus op de fiets en iedereen zal het kunnen beamen: ik ben niet de enige fietser in Rotterdam zeker met dit zomerse weer is het aantal fietsers enorm. 

Bij bioscoop Kino staat een aantal fietsrekken, waaraan fietsen dubbel op slot gezet kunnen worden. Daarvan zijn er bij lange na niet voldoende. Veel fietsers zetten hun fiets dan maar op de standaard naast de fietsrekken; dus niet dubbel op slot. Irritant is allereerst dat de Gemeente Rotteram niet naar behoren een overvloed aan fietsrekken plaatst voor dit miljeuvriendelijke voertuig. 

Des duivels ben ik over het stallingsgedrag van ik noem het hier maar even de asociale fietsstaller. Deze fietser arrivereert bij een straat overvol geparkeerde fietsen. Vervolgens zoekt die persoon tussen die reeds geparkeerde fietsen een gaatje en schuift daar zijn fiets tussen. Het gevolg daarvan is dat de twee fietsen die naast zijn  fiets staan slechts met grote moeite weggehaald kunnen worden. Hoe de groep aso-stallers er uitziet weet ik niet precies maar ik vermoed dat het tieners, twintigers, dertigers zijn, evenveel mannen als vrouwen, veel studenten ook.

Vaavond ben ik het slachtoffer. Dit merk ik na afloop van de film. Mijn fiets was omgeflikkerd door de eigenaar van een naast mij geparkeerde fiets. Ik moest behoorlijk moeilijk doen om die aso geparkeerde fiets van zijn plek te sjouwen voordat ik mijn eigen fietsje van het slot kon halen. 

Voordat ik op huis aan ging heb ik die aso-gestalde fiets een flink eind verderop gezet, niet zo gemakkelijk terug te vinden. Daar had ik dan wel weer even lol in. 


Die film die ik vanavond in Kino zag: 'Des preuves d'amour', (Bewijzen van liefde). 

De aanleiding voor mij om deze film te gaan zien was de globale overeenkomst met het filmgebeuren van hoe mijn zus en haar vriendin hun dochter ruim veertig jaar geleden inmiddels, met een zaaddonor hebben kunnen verwekken. 

Hoe veel moeilijker is het, althans in Frankrijk, om als gehuwde vrouwen samen een kind te mogen krijgen.

De film:

Céline verheugt zich op de komst van haar eerste kind. Alleen is ze zelf niet zwanger; haar vrouw Nadia zal over drie maanden bevallen van hun dochter. 

Maar om wettelijk als moeder erkend te worden, moet Céline haar kind adopteren en bewijzen dat zij een plek verdient in het leven van haar eigen dochter. Ze moet vijftien verklaringen verzamelen die bevestigen dat zij een goede moeder zal zijn. Onder toeziend oog van vrienden, familie en de wet zoekt ze naar haar plek als ouder. 

'Bewijzen van liefde' ('Des preuves d'amour') is een ontroerend, maar ook humorvol portret van lesbisch ouderschap en de moeilijkheden die daarmee gepaard gaan. De film, gebaseerd op de ervaringen van de regisseur, vertelt het verhaal door de ogen van de niet-zwangere partner, Celine, in de laatste fase van de zwangerschap. 


Een aanrader deze film.


 Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


 

maandag 27 juli 2026

EEN GELIJKSPELLETJE.

Vandaag heb ik me aangemeld voor de wandeling die Jolande heeft georganiseerd voor Klup (je weet wel, toch?). Eigenlijk is het een combinatie van een boottochtje en een wandeling. We beginnen te varen met de Waterbus over de Maas vanaf de halte Rivium in Capelle aan den IJssel naar het eindpunt van de Waterbus bij de Zwaan in het Centrum van Rotterdam. Daar vandaan gaan we weer terug lopen naar het Rivium. Dat duurt ongeveer anderhalf uur.

Jolande en ik zijn de enige Klup-leden. Zij maakt deze wandeling elke week twee keer. Op maandag, zoals vandaag en op donderdag.. Voor haar is dit haar noodzakelijke bewegingsuurtje.

Heel leuk: Jolande heeft tien jaar in Frankrijk gewoond: gewerkt, getrouwd, kinderen gekregen. Was ik maar eerder met Jolande gaan wandelen, dan had ze me misschien ook willen helpen mijn Frans op te frissen.  

Ik kon het op het moment dat we onder de Zwaan door voeren niet nalaten het ernstige tramongeluk van het weekend op te rakelen. Een tram was op de Zwaan met hoge snelheid op een stilstaande tram geknald. Een dode; veel ernstig gewonden. Ik kan me heel goed voorstellen dat de gedode tramreiziger helemaal achterin die stilstaande tram zat. Daar zit vrijwel altijd iemand. Met zijn rug tegen de achterruit van de tram. Die persoon moet het hardst getroffen zijn. Dood dus. 

Gedurende de wandeling van de Zwaan naar het Rivium. Hebben Jolande en ik, intens geprobeerd elkaar zo veel mogelijk van onze lichamelijke kwetsures en psychische gebreken te verklappen. Om elkaar een beetje te leren kennen vanzelf. Achteraf gezien hebben we allebei evenveel geleden. Ik meer lichamelijk. Jolande meer psychisch. Een mooi gelijkspelletje zou ik zeggen, mooi, voor zo’n eerste ontmoeting.

Onze terugwandeling voerde ook nog door de wijk de Esch. Inmiddels een van  beroemdste Nederlandse wijken, want daar geldt voor het eerst in dit land een uitgaansverbod tussen 11 uur 's avond en 5 uur 's ochtends. (Dit geldt niet voor wijkbewoners en hun bezoek.) De wijk werd geterroriseerd door nachtelijk 'herrietoerisme'. Ik heb begrepen dat het uitgaansverbod de eerste nacht al gewerkt heeft. Men had daar lekker geslapen.

Donderdag staat er weer een Rivium - Zwaan v.v. op het programma. Misschien ga ik weer. Neem ik wel een nieuwe lijst ‘ziekjes en ongelukjes’mee..


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


zondag 26 juli 2026

HET MEISJE VAN DE ZONNEBANK.

Mij wordt regelmatig gevraagd of ik moeite heb met mannen. 'We zien je alleen maar met vrouwen.' 

Ik ben een moederskindje. Mijn moeder is tot mijn twintigste mijn grootste vriendin geweest. Toen leerde ik Winny kennen, de liefde van mijn leven. Fundamenteel zal dat de reden zijn dat ik me in eerste instantie wend tot vrouwen als ik iets nodig heb..

Dat wil niet zeggen dat ik geen mannen in mijn leven toelaat. Mijn onvergetelijke jeugdvrienden, Cees, René en Jan, zijn alle drie overleden. Met Cees en Rene trapte ik een balletje en met Jan trapte ik veel lol, ging ik naar theater en spijbelde ik (mijn moeder was woedend op .... Jan). De vrienden die ik nu nog heb zijn Ruud, Luis en Derck. We drinken zo af en toe eens wat, gaan naar de bios, een museum of we gaan fietsen, wandelen.

Aan mijn activiteiten: zwemmen, zingen,wandelen en lezen, doen altijd meer vrouwen mee dan mannen: van de tien deelnemers zijn er acht vrouw.  

Op de gym is de man/vrouw - verhouding 50/50.  Daar heb ik  evenveel ‘passanten’-contact met mannen als met vrouwen.

Ik zoek het niet echt op. In de flat waar ik woon, heb ik meer contact met de vrouwen, met de een vluchtiger dan met de ander. Niet omdat ik contact met vrouwen leuker vind maar  omdat er hier nu eenmaal veel meer vrouwen wonen. Veel mannen zijn al op minder hoge leeftijd overleden.

Nu wil ik op de sportschool voor een paar maanden een sportcoach inhuren. De twee coaches, mannen, die ik in de sportschool vaak bezig zie (en hoor!), geven hun instructies zo oorverdovend hard, dat alle sporters in de zaal ervan in de war raken. Zo wil ik het dus niet.

‘Dan moet je Tess nemen’, zeggen de sportleiders van de gym. Tess zegt je op een zachtaardige toon,  maar streng, welke oefeningen ze voor je heeft. Ze zal zich nooit overschreeuwen. Ga ik dus toch weer bij een vrouw uitkomen.

Kort voor ik op vakantie ging ben ik een paar keer, voor minder witte benen, naar de zonnestudio geweest. Daar ben ik tof begeleid door een leuke jonge dame: Chelsea, heet ze. Mijn zonnebankmeisje noemde ik haar in mezelf. Na mijn vakantie appt ze me onverwachts. Ze vindt het leuk om contact te houden. Woensdag drinken we een theetje bij La Place.

Ik zoek vrouwen echt niet op, ik vind ze!


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


zaterdag 25 juli 2026

SNEEUWPOP IN DE ZOMER.

 Mijn oudste zus, Lidy, is vandaag jarig. Ze wordt 74. Al een eeuwigheid is ze getrouwd met Joop, mijn zwager dus, die er verantwoordelijk voor is, dat Lidy ook al een eeuwigheid in Schiedam woont.

Joop en Lidy hebben twee dochters. Kiona en Rianka. Leuke meiden, veertigers alweer, de moeders van Lidy's kleinkinderen. Ik zelf ben alweer zo oud geworden dat ik al die prachtige moderne voornamen van haar kleinkinderen  vergeten ben. Ik hoop dat m'n zus me dat niet kwalijk neemt.

Ik dacht vanmorgen nog: 'Kom ik ga eens bij haar op verjaardagsvisite, dat heb ik al jaren niet gedaan'. Maar ik hoorde bijtijds van mijn één na oudste zus, Manda, dat Lidy haar verjaardag in Maastricht viert.

Hel erg veel contact heb ik met mijn jarige zus nooit gehad. Niet omdat we elkaar niet aardig vonden maar zo achteraf denk ik dat dat gewoon kwam omdat zij nu eenmaal een meisje was en ik niet. Zij trok in ons gezin veel op met zus Manda en ik met niemand  eigenlijk, nou ja ... eerlijk gezegd, was mijn moeder mijn beste vriendin. Daar had ik wel genoeg aan.

Ons gezin was heel arm. Iedereen moest bijna alles wat ie verdiende in de huishoudpot stoppen en dan was het nog bij lange na niet genoeg. Lidy was heel strict: zij wilde zo weinig mogelijk bijdragen, het liefst niks. Ze vond mooie kleren en schoenen voor d'r zelf veel belangrijker. Toen vond ik haar erg egoïstisch; nu iet meer. Nu kan ik haar wel begrijpen.

Onvergetelijk is de vakantie die ik samen met mijn toenmalige echtgenote Winny en Lidy en Joop heb gemaakt naar Noorwegen. Met de Volkswagen bestelbus van de stomerij van Joop zijn vader  reden we op supersmalle bergweggetjes, met tegenliggers, langs afgrijselijke diepe afgronden. Doodsansten stond ik uit. Joop durfde godzijdank wèl te rijden. 

Het was midden in de zomer, we bouwden een sneeuwpop en we voerden sneeuwbal-gevechten. 's Nachts moest in de bungalowtent het butagaskacheltje aan. Echt waar!

Nog vers in mijn geheugen ligt het geweldige idee van Lidy , Joop en de zussen om mij voor mijn 75e verjaardag te trakteren op de 'Doe Maar-musical'. Van haar heb ik nog geen wensen gehoord. Ze is ook nog maar pas 74. Volgend jaar mag ze iets groots wensen. 

Ik ga haar nu feliciteren op de 'broers en zussen app'. 


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


vrijdag 24 juli 2026

IK HIELD MIJN HART VAST.

Tijdens het sporten stokte mijn adem al meer dan eens, mijn hartslag vloog ook omhoog. Ik hield mijn hart vast.

Vandaag zit ik bij cardioloog de Warme in het Jodocus-Gasthuis. Twee uur houden ze me daar bezig. Tussen kwart over acht en kwart over tien wordt mijn bloed geprikt en gaat het voor analyse naar het laboratorium. Tijdens die analyse heb ik een uur niks te doen. 

'Neem een boek mee,' raadt de cardio me aan. Goeie tip, ik was al een eind op dreef in het boek 'De Minnaar' van Margareth Duras. Zo vliegt de tijd voorbij. 

Een chagrijnig-ogende verpleegster neemt me mee naar een behandelkamer. Zij is zo'n 'u mag-typetje': 'u mag uw bovenlichaam ontbloten; u mag uw schoenen uitdoen; u mag uw rugzak daar ophangen.' 

'Goh wat een liberaal ziekenhuis, is dit zeg, ik mag hier bijn alles,' zeg ik een beetje plagerig. 'Zeker', zegt ze nors,'ga op die behandeltafel daar zitten!'

Ze plakt tientallen ronde plakkertjes op mijn bovenlijf en mijn benen. Al die plakkertjes zijn verbonden met het ECG-apparaat. Dat meet razendsnel of mijn hart te traag, te snel of onregelmatig klopt.

De verpleegster bromt dat ze alleen nog even mijn bloeddruk opmeet. Ze noemt twee getallen onder de honderd, die mij helemaal niks zeggen. 'Huh?' 

'Wilt u weten of uw bloeddruk goed is? Ja! Uw bloeddruk is goed! Dokter de Warme komt zo'. 

Dan gaat ze weg.

De cardioloog is een uiterst vriendelijke dertiger. Hij begint met een stethoscoop mijn longen te onderzoeken: 'Stroopt u uw shirtje een beetje omhoog, ja, vanachteren ook graag'. 

Dan mag ik gelijk met hem mee lopen naar zijn spreekkamer. Daar  probeert hj er achter te komen hoe erg het met mij is gesteld, qua hart dus. De soep blijkt echter niet zo heet gegeten te worden als hij opgediend wordt. 

'Alle controles zijn okee,' zegt de cardioloog. 'Ik ga u over drie maanden bellen, om te horen hoe het u vergaan is. Als het in die drie maanden niet  helemaal goed gegaan is maken we een nieuwe afspraak en doen we wat meer onderzoek'. 

'Mocht het onverhoopt éérder niet goed met u gaan, dan mag u contact met mij opnemen'.


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


donderdag 23 juli 2026

KILO'S.

Zo langzamerhand begint het hele Circus Jeejeepee weer op volle toeren te draaien. Ik moet toegeven, dat ik de eerste dagen na de vakantie niet in mijn gewone doen was. Wat ik al schreef, ik ontweek mijn buurtjes, zowel de leuke als de ellendelingen maar … op de sportschool ben ik altijd wel in voor een praatje, dan zoek ik het meestal zelf op maar nu .... als ik iemand mijn kant op zie komen, doe ik mijn ogen dicht, net alsof ik meditatief aan het  leg-pressen ben.

Vandaag komt Carry, dat lieve kleine ding op me af huppelen, die móét me ff bijpraten over haar gym- en  afvaltraject. Ze is alwéér een paar kilo’s kwijt.

Ik zeg haar zonder dralen, dat ze niet over d’r grens moet gaan, want met d'r  billen, benen en borsten moet ze nou echt uitkijken, hoor! Daar kan geen grammetje meer van af. Dat kan ik gerust tegen haar zeggen; kan ze goed van  me hebben.

'Nee Jee', want zo mag zij me noemen, 'ik houd m'n rondingen echt wel in de gaten. Daar bent ik zelf veelste trots op, dat weet je toch, man?’

Ik heb in m’n vakantie een foto geappt waarop ik sta te swingen op de beroemde Brug van Avignon. Toen ik later nog eens goed naar die foto keek, schrok ik me rot van mijn dikke pens. Die foto appte ik ook naar Carry. 

Carry zelf  is naar mij toe óók niet op haar mondje gevallen.  Ze zei: ‘Jee, je hebt je veelsteveel vol zitten vreten aan die smakelijke  ontbijtjes daar. Jij woog toch altijd 75? Hoeveel bejje nou?

 ‘Geen idee. Wil het niet weten ook. Komt door mijn weegangst. Die weegschaal van mij staat trouwens bij mijn buurvrouw. Terugvragen? Nee ze mag hem houden’. 

 ‘Kom mee!’ zegt Carry en dat kleine wijfie sleurt me mee naar de sportschool-weegschaal.

'Hup! Schoenen en sokken uit' beveelt ze me ... en hop staan op dat ding … :80,4 kilo!! Zo Jee.. 75 was jij toch altijd, hè? Nou dan weet je wel wat je de komende tijd te doen staat, mannetje en ze loopt een beetje triomfantelijk  naar haar geliefde toestel in de sportschool, de loopband.

 ‘Niet te heftig hè, Carry. Ik zie je liever niet als magere spriet.’

Ze doet net alsof ze me niet hoort.

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com




woensdag 22 juli 2026

MIJN LIJSTJE.

Op mijn 'nog te doen'- lijstje staan nu vijf acties in de wacht. De volgorde maakt niet uit.. Ze zijn alle vijf even (on)belangrijk. Allereerst ga ik naar de bieb om een boek te lenen dat geschreven is door Marguerite Duras: L'amant, oftewel: de minnaar. Een roman van een Franse intellectueel en feministische schrijfster,  in het Nederlands vertaald door Kiki Coumans. Toen ik in Avignon was zag ik een toneelstuk in de vorm van een interview tussen Marguerite Duras en een in haar tijd roemruchte journalist van het progressieve tijdschrift Le Monde. De passages in dat gesprek die handelden over de tumultueuze (liefdes)affaire tussen een Frans pubermeisje en haar Chinese minnaar, raakten mij zeer. Ik besloot die roman direct na de vakantie te gaan lezen. Ik trof het: 'de Minnaar' lag in de bieb op me te wachten. Nu kan ik gelijk door naar de nummers- twee en drie op mijn lijst, die ik beide op markt hoop aan te treffen. 

Om zonneschade te voorkomen draag ik een petje, soms een hoed. Een enkele keer prefereer ik een bandage, vind ik vooral leuk als ik uit ga. Ik ben nu eenmaal wat ijdeltuiterig. Die bandage is nummer drie op mijn lijstje. Het is nog vroeg in de middag. Niet zo druk op de markt. Ik zie al volop fruit liggen. Fruit, de nummer twee op mijn lijstje. Ik pak  dat grote stuk watermeloen met dat diep rode vruchtvlees. Het past nog maar net in mijn fietstas.

Ik ga het nu niet kopen maar, o, wat zien ze er lekker uit die stukken zalm ... het water loopt me .... Thuis in de vriezer heb ik nog genoeg liggen. Sinds mijn medici hebben ontdekt dat ik een te hoog cholesterol heb, ben ik een grootgebruiker van deze vurrukkulukke vis: die  zalm, de cholesterolverlager  bij uitstek.

Vlak voor de bieb, die nu gerenoveerd wordt, staat een kraampje met hoofddoekjes in alle mogelijk kleuren met fijne dessins. Vijf euro vraagt de verkoopster slechts voor een zwarte hoofddoek met tientallen witte balletjes er op. Geen kant en klare bandage dus. 

Vanavond eet ik toch bij sister M, dan vraag ik gelijk aan haar om van dit hoofddoekje een bandage te maken. O, jee!  Nu loop ik eigenlijk al op het lijstje vooruit wat dit etentje is nummer vijf op mijn lijst.

Eerst nog even vlug nummer 4, dat is de Kunsthal. Daar moest en zou ik de Flower-expostie nog weer eens een keer zien, om een klein beetje van  op te fleuren. Heb ik nu echt nodig. Ik ben na de vakantie toch een beetje opgebrand. 

Tot mijn grote verrassing is er in de Kunsthal nog een expositie bijgekomen van  Benedikte Bjerre. Zij had circa honderd pinguïns (ballonnen) in een ruimte neer gezet. Met die pinguïns kon gespeeld worden. Gegooid, geschopt (zachtjes). Ze komen altijd weer op hun pootjes terecht. Kinderen vermaken zich prima met die pinguïns.

Sister M. trakteerde op een zeer smakelijke Griekse salade met een portie zelf gesneden frietjes.  Dat kan ze wel. Vindt ze ook  leuk om te doen.

Dat hoofddoekje toverde ze in een handomdraai  tot een bandage. Staat echt leuk!  

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


 

 


dinsdag 21 juli 2026

UIT ELKAAR.

 

Mijn vakantie zit er al weer een paar dagen op. Maar in werkelijkheid was ik nog niet thuis geland. Ik pak  wel van alles aan maar allemaal in mijn alleentje. Voor mijn buren houd ik me nog angstvallig schuil, want als ze me zien, willen ze weten hoe het ginds was en ik kan alleen nog maar Frans praten. Als me door mijn buren wat gevraagd wordt, knik ik, lach ik of ik zeg  pardon of excuus en  loop op een  drafje  door.

 In de sportschool roep ik tegen al mijn sportvrienden ‘bonjour’ in plaats van ‘goedemorgen’ ze kijken er wel een beetje van op maar ze zijn er wel aan gewend dat ik raar doe. Alleen Pieter vraagt of het goed gaat.’’Un peu,’ antwoord ik, en ik ga een poosje zitten leg-pressen. Voor de rest van de tijd op de sportschool slaag ik er geheel in mezelf te zijn.

Op weg naar huis, zie ik dat Elisabeth komt aanfietsen. Ik doe net of ik haar niet  zie. We zijn al van ver voor de vakantie gebrouilleerd. Zij ziet mij wel en groet me vrolijk :’ Hallooo’.

Ik beantwoord haar begroeting: ‘Hallo Elisa…’ O, dat wilde ik juist  helemaal niet zeggen, die naam van haar achter mijn ‘Hallo’. Alleen ‘Hallo’ is genoeg, zolang we gebrouilleerd zijn, vind ik.

Buurvrouw Jans staat in trance haar balkon schoon te moppen.. Zij is duidelijk blij verrast als ze mij opeens op mijn balkon ziet  verschijnen met mijn bloemengietertje.‘Of ik het leuk had gehad, of het erg warm was, hoelang ik al thuis ben, dat ik er goed uit zie’. De woorden ‘bien’’, très’,’oui’ liggen op het puntje van mijn tong maar daar kan ik bij Jans niet mee aankomen. Maar ik zet door en het lukt me zowaar toch in het Nederlands: ‘Ik had het leuk gehad Jans, het was elke dag , minstens 35 graden, nog een wonder dat ik er goed uitzie, hè Jans?’

Zij wist voldoende. Met mj is alles prima. Maar Jans had groot nieuws te vertellen. Groot, schokkend nieuws. Haar kleinzoon, die 6 weken geleden in het huwelijk trad met een mooie Bosnische vrouw, heeft na drie huwelijksweken besloten van zijn vrouw te scheiden. In die eerste drie weken kwam haar ware aard naar  boven. Ze weigerde niet alleen maar was ook niet in staat om een bijdrage te leveren aan het schoon houden van de flat en het bereiden van de dagelijkse avondmaaltijd. 

Jans kleinzoon was daardoor volledig verbluft. Daar was geen woord Frans bij.



maandag 20 juli 2026

KOORTSLIP.

Aan mijn vakantie  heb ik een souvenirtje overgehouden. Een koortslip. De allereerste van mijn leven. Op mijn onderlip. Hoe kom ik er aan? Hoe kom ik er van af, kan ik beter vragen! 

Komt het van die paar keer dat ik Isa, een vakantievriendin,  op de mond gezoend heb of zij op de mijne? Van een ‘vuil’ glas misschien in een van de vele café’s? Of was het gewoon een zwak plekje daar en had ik door al dat theater geen weerstand tegen deze bacteriële aanval van binnen uit. Het is de eerste, scheef ik al. Dus ik weet niet wat ik daar mee aan moet.  Naar de apotheek? Naar de dokter? 

Voor de sinaasappelen en de citroenen ben ik toch al in de buurt van de apotheek. Ik loop daar maar gelijk naar binnen. Wonder boven wonder ben ik meteen aan de buurt. Heeft waarschijnlijk met de schoolvakanties te maken want normaal sta ik toch zeker een minuut of tien op mijn beurt te wachten. Ik wijs de apothekersassistente  op het korstje op mijn lip en vraag haar of ik daarmee naar  mijn huisarts moet. Ze knijpt haar ogen en beetje dicht als ze het plekje bekijkt en zegt dat dit het eindstadium is van de koortslip. 

‘Heeft u pijnlijke blaasjes op uw lip gehad?, vraagt ze.

’ Nee,’ zeg ik,’ik heb geen blaasjes en ook  geen pijn gehad. Ik keek zo maar eens in de badkamerspiegel en zag opeens dit bruine korstje.’’

‘Een koortslip begint  altijd met één of meer blaasjes, die drogen dan uit  en vormen een korstje. Tegen die blaasjes, zou ik wel een zalfje hebben maar voor  dit korstje op uw lip heb ik niks. Als het goed is, verdwijnt het vanzelf. Over een paar dagen bent u er van af.’.

Ik kijk de apothekersassistente lichtelijk bezorgd aan en vraag haar wat me te doen staat als die koortslip er over een paar dagen nog steeds zit.

‘Dan moet u zich met spoed bij uw huisarts melden, ’antwoordt ze resoluut, ‘maar ik verwacht niet dat het zo’n vaart zal lopen’. Lachend voegt ze daar nog aan toe: ’De komende dagen zeker niet zoenen, hoor!’

Het ligt misschien aan mij maar ik heb het gevoel dat ik niet helemaal  au sérieus genomen ben door die apothekersassistente.

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com



zondag 19 juli 2026

DE POT. (Het Depôt)

Om op de eerste dag na mijn vakantie thuis te blijven zitten, daar heb ik geen zin in. Iets bijzonders wil ik vandaag zien. Op goed geluk fiets ik daarom naar het Museumpark.  Daar hebben we de Kunsthal en het Depôt (De Pot).

 Ik herinner me nu dat ik een maand terug een expositie zag in de Kunsthal van een Amerikaanse fotografe, Helen Levitt (1913 - 2009), die vrijwel haar hele werkzame leven het alledaagse straatgebeuren in de arme wijken van New York heeft gefotografeerd: spelende kinderen, pratende vrouwen in deuropeningen en intieme momenten. Heel veel foto’s bevat die expositie.

Ik besluit te gaan kijken wat het Depôt te bieden heeft. Daar iep ik vanmiddag langs werk van de  Rotterdamse schilders Charley Toorop en Pyke Koch. Toevallig had ik pas in de krant een artikel over die twee gelezen. Zij waren  bevriend. Ik was stomverbaasd te lezen dat Toorop een communist was en Koch een fascist. Een onmogelijke vriendschap vanuit mijn perspectief.

Daar liep ik in het Depôt nog over te mijmeren toen ik als het ware een kamer in gezogen werd met een tiental fraaie grote schilderijen. Het waren geen werken van een  heel bekende kunstenaar. Dat was het niet wat me daar naar binnentrok. De schilderijen bleken te zijn gemaakt door de voor mij onbekende Rotterdamse kunstenaar Wim van Veldhuizen (1954 - 2025). Wat ik in eerste instantie vluchtig rondkijkend zag waren het allemaal realistische, figuratieve werken. Zonder uitzondering grote, kleurrijke doeken (minimaal 2 bij 2). Boeiend om de nauwkeurige detaillering. Fascinerend ondanks het ontbreken van leven, van beweging in de werken.

Behalve van woonkamers, museumzalen en tuinen heeft van Veldhuizen ook impressies geschilderd van steden. Zijn lievelingsstad was New York. Dat is duidelijk te zien in het Dépôt..

Rotterdam is dus niet zijn lievelingsstad maar als we zijn Rotterdam-werken zien, is dat bijna niet te geloven. Zo subliem zijn deze schilderijen. Dat in zijn Rotterdam-werken  niets op zijn plaats staat, maakt niks uit. Het beeld wordt er alleen maar sterker door.

In een andere ruimte van het Depôt was ’de Pindakaasvloer’  naar een idee van de onlangs overleden mega-kunstenaar Wim T. Schippers opnieuw gelegd. Er draait  in die zaal een video met een interview over ’die vloer’ met Schippers.

Loop dan ook langs bij Van Veldhuizen. Vóór 1 oktober. Ook zeer de moeite waard!

Met de Rotterdampas is het Depôt gratis. 


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


zaterdag 18 juli 2026

WEER THUIS.

 Ja, nu zit ik weer thuis. Alsof ik nooit weggeweest ben. Wat ik nog vergeten ben ... veel trouwens, tijdens deze vakantie ben ik vergeten  ... maar ik bedoel nu, dat ik vergeten ben een adembenemende dans-voorstelling, die ik nog in Avignon zag, te beschrijven. 

De voorstelling werd, in een veel te warme uitverkochte zaal, uitgevoerd door twee tamelijk jonge mannen, dertigers. Gekleed in het zwart. Beiden met een afgetraind lichaam. De show had de titel 'Bang Bang'. De muzikale begeleiding werd door percussie instrumenten gedaan. Het meest essentiële van deze dansuitvoering was dat deze twee dansers gedurende de eerste 49 minuten van de voorstelling, tegelijkertijd, exact de zelfde bewegingen maakten met  hoofd, armen en benen. Ik noem het maar synchroon-dansen, naar het synchroon-zwemmen dat we al en poosje kennen. In de laatste en vijftigste minuut van de voorstelling doen de dansers precies van alles wat ze zelf willen.

Wat een ongeloolijke prestatie leverden deze twee dansers met hun synchroon-dans act! Ze starten met kleine bewgingen  op de plaats en voerden die  bewegingen in een steeds hoger tempo uit en maakten ze veel groter. Vervolgens gingen de twee zich in wisselende tempi over het podium bewegen. Van een slakkengangetje tot razendsnel. Niet alleen de tempi zijn wisselend, ook heeft elke seconde weer een andere beweging en nu eens wordt de beweging op kousevoeten uigevoerd, dan weer (zwaar) stampvoetend. En het gaat werkelijk allemaal met hoge perfecie. 

Met grote bewondeing heb ik deze mannen zien dansen. 'Dansen' , zeg ik, maar ik moet eigenlijk zeggen: 'topsport zien bedrijven', want daar lijkt het eigenlijk meer op. Vijftig minuten pure topsport. 

Terwijl ik deze mannen bezig zag, bekroop mij het gevoel dat hoogstwaarschijnlijk niet één van 'onze' oranje voetbal-miljonairs het zou volhouden: zo vijf minuten dansen. Of mag ik dat niet vergelijken?


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


vrijdag 17 juli 2026

KORT DOOR DE BOCHT.

 

Op  Teletekst las ik deze week dat een Amerikaanse agent in Maine onterecht een Colombiaanse migrant dood schoot. Volgens familieleden heeft de agent een lange geschiedenis van gewelddadig gedrag en ernstige psychische problemen. Het gaat om een 37 jarige man, die pas kort agent was. De agent is voorlopig op non-actief gesteld.

Familieleden van de agent zeggen dat de agent jaren gewelddadig gedrag vertoonde. Een ex-vrouw beschuldigt hem van mishandeling. Een andere ex-vrouw werd door hem bedreigd en geïntimideerd.

Een familielid zegt dat de agent al sinds zijn jeugd kampt met ernstige psychische problemen. Volgens de familie is hij  gediagnosticeerd met een bipolaire stoornis.

Tot zover het Teletekstbericht. 

Heel erg kort door de bocht dit bericht, waarin Teletekst meldt waartoe je in staat geacht wordt, als je, net als ik, al op jeugdige leeftijd gediagnosticeerd bent met een bipolaire stoornis. 

De meeste lezers van mijn stukjes weten dat ik bipolair ben. Dat steek ik niet onder stoelen of banken. Ook mensen in mijn omgeving, die die verhaaltjes niet lezen, krijgen het via de tamtam wel te horen.

Teletekst maakt, door al het wangedrag van die foute agent maar op de bipolaire hoop te gooien, mensen onnodig bang ... en mij erg boos.


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


donderdag 16 juli 2026

EEN VREEMDE NACHT.

Een vreemde nacht. Aanvankelijk droom ik dat met mijn vrienden Derck en  Carry een muur schoonmaak van het pauselijk paleis, hier in Avignon. Vrij hoog zit op die muur vogelstront. Niet makkelijk schoon te krijgen. Daar klim ik naar toe en maak het schoon.

Daar eindigt mijn droom. Mijn vrienden en de ladder zijn verdwenen. Ik roep hun namen maar krijg geen reactie. Vraag me niet hoe. Dat weet ik niet, maar het lukt me het paleis binnen te komen. 

Dit is dus geen droom meer maar klinkklare werkelijkheid voor mij op dat moment. Het vertrek waar ik in terecht ben gekomen is aarde donker en, waarom weet ik al evenmin ik beweeg me daar schuivend met mijn benen voort  over de vloer van dat vertrek. Na enig heen en weer geschuifel ontwaar ik een lichtspoor. Dat spoor valt onder een gordijn. Het gordijn hangt voor een raam dat uitzicht biedt op een parkeerplaats. Het raam kan open, het is buiten doodstil. Iedereen slaapt. Ik zit daar opgesloten. Ik roep 'Derck, Carry, ‘Help ik zit hier opgesloten’. Help me, in het Frans roep ik ook herhaaldelijk: 'Aide moi'. Zo blijf ik zeker een kwartier roepen. Maar niemand reageert. Het is te hoog om daar uit het raam te springen of me naar beneden te laten zakken.

Ik moet  onderhand ook erg plassen. Maar dat kan ik niet in dit vertrek doen.  Ik schuifel bij het raam weg en bots tegen iets aan. Ik herken het geluid. Het is het geluid van het tafeltje bij mijn bed in mijn hotelkamer. Dan wordt mij .opeens duidelijk dat ik zeker een kwartier in mijn eigen hotelkamer heb liggen rond schuifelen en niet in een pauselijk paleis. In snel tempo herken ik nu alles. Doe het raam dicht, de gordijnen. Doe de lichten even aan en ga plassen. 

Het is half vier. Ik ga gauw weer naar bed en slaap tot om 7 uur de wekker gaat.

Weer een nieuw slaapwandel avontuur.


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


woensdag 15 juli 2026

EEN LANGE NEUS.

 Er is altijd wel weer iets. Nu gaat die schaafwond zweren, die ik, toen ik hier nog maar net was, aan mijn alleboog opliep. Een van de bittere pillen noemde ik het in de column van de dag. Vandaag moest ik, bij het medisch centrum, maar liefst ruim drie uur in de wachtkamer zitten. Ik had, zo leek het althans, 84 patiënten voor me en een arts die iedereen keurig negjes liet uitpraten. Met mij hoefde ze dat niet te doen, want ik zei gelijk heel kort en krachtig waarom ik haar nodig had. In het Frans natuulijk. Ze schreef me een zalfje voor waarmee het herstel bespoedigd zou worden. Voor dertig euro was ik klaar. Kostte me dus precies een tientje per uur. 

Ik had nog wat dansvoorstellingn willen zien vandaag. Dat moet dan maar een andere dag. Wie weer morgen. Vandaag heb ik alleen een bewerking gezien van het boeiende verhaal van Cyrano de Bergerac. In mijn jonge jaren stond deze romanfiguur bekend als een enigszins tragische man met een uitzonderlijk lange neus.

In de voorstelling in Avignon wordt Cyrano ook verliefd op zijn nichtje Roxane. Maar ja, die lelijke lange neus, hè? Tot ze op een dag een afspraak met hem wil. Cyrano is zo zenuwachtig dat hij besluit haar een brief te schrijven en dan snel weg te wezen. Maar dan komt ze al binnen. Roxane begint hem te vertellen dat ze op iemand verliefd is die volgens haar ook van haár houdt. Cyrano krijgt hoop, totdat ze zegt dat die geliefde ene Christian is, een kennis van Cyrano is.

Het geeft een leuk effect dat deze meer dan honderd jaar oude teks geheel bewerkt is in straattaal, rijm, rap, spoken word. Het is een voorstelling geworden voor alle leeftijden. Nu eens is het een grappig, gevoelig en muzikaal onderzoek naar de liefde. Dan weer zijn er de intriges, de persoonlijkheden en de macht van woorden tussen de emotie, humor, muziek en poezie door, die overheersen.

Cyrano de Bergerac zeker een leuk verhaal om nog eens te lezen


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com






 

dinsdag 14 juli 2026

PONT D'AVIGNON.

Elk jaar vieren de Fransen – met grote vuurwerken in vele steden – dat op 14 juli 1789 in Parijs de beruchte gevangenis La Bastille is bestormd. Dit was het begin van de Franse Revolutie, een keerpunt in de geschiedenis van Frankrijk (en Europa!). Ook in Avignon was dit jaar weer een prachtig vuurwerk te zien. Ik heb het zelf alleen niet kunnen aanschouwen omdat het vuurwerk zo laat afgestoken werd op de Brug van Avignon, dat ik daarna niet meer bijtijds in mijn hotel kon komen.

Voor het festival was dit een vreemde dag want er werd niet gespeeld. De verzamelde artiesten en  al die andere mensen die het festival gaande houden wordt de gelegenheid gegund om 'quatorze juillet' (14/7) op hun manier te vieren.

Voor mij was het dé kans om eens wat anders te doen dan alleen maar passief recreëren. Zo heb ik het Palais de Papes eens bekeken. Dat is het paleis van de enige niet in Rome gevestigde paus. Paus Clement VI was dat. 

Het was me toen al duielijk dat het voor museum-achtige wandelingen veel te heet was. 36 graden was het. Ik wilde in ieder geval de 'Pont d'Avignon' (Brug van Avignon) zien. Daar waaide vanuit de Rhône, de rivier waar die brug half overheen loopt nog een miniem 'fris' windje.  

De brug werd halverwege de 17e eeuw verlaten omdat de bogen bij elke overstromingvan de Rhône instortten, waardoor het onderhoud erg duur werd . Vier bogen en het poortgebouw aan de kant van Avignon zijn bewaard gebleven.

Nu ik daar toch was bedacht ik me dat het leuk zou zijn mijzelf 'dansend' op deze  'Pont de l'Avignon' te laten vereeuwigen. Ik vroeg eerst tevergeefs een niet zo vriendelijke dame om een foto van me te maken. Een lieftallige dame daarna was daar wel toe bereid. Ik heb deze foto's naar mijn familie, vrienden en kennissen gestuurd. 

Het is zó een illustratie bij het liedje dat iedereen wel zal kennen: 

'Sur le Pont d'Avignon on y danse, on y danse' .

Voor wie het nog eens wil horen is het vast wel te vinden op Spotify of YouTube.


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com



  

maandag 13 juli 2026

JARIG.

 Vandaag is de eerst dag van mijn 77e levensjaar. Zeven is een geluksgetal en dat getal staat zelfs nog wel twee maal in mijn jaargang. Dan kan het geluk toch niet meer om me heen, zou ik zeggen?! Hoop ik. Ik heb veel gelukwensen ontvangen via appjes en mailtjes. Ben ik erg blij mee. Stilletjes hoop ik nog op één appje. Eén appje van de vrouw waar ik al enige jaren verliefd op ben. Al vier jaren en nog nooit heeft ze me een appje gestuurd. Dus reken ik er dit jaar ook niet op. Maar ... wie weet ...   

Ik heb mezelf vroeg in de ochtend getracteerd op een beker schuifijs met aardbeiensmaak. De eerste teug die ik met het rietje mijn mond inzoog knalde ijskoud tegen mijn verhemelte aan en bezorgde me zo'n immense koppijn dat ik even vreesde languit te gaan. Maar zo'n vart liep het gelukkig niet. 

Geen tractatie is het toneelstuk dat ik zag. Want per slot van rekening ben ik daarvoor juist in Avignon. Het stuk heet 'Ubu Roi'. Voor mij is dit stuk heel speciaal, want ik heb daar zelf toen ik op de toneelschool zat de hoofdrol in gespeeld. Ubi Roi gaat over een vreselijk domme, ijdele man met een iets minder domme vrouw. God mag weten hoe hij in aanmerking komt voor het koningschap van Frankrijk. Hij liegt, bedriegt, bedreigt, intimideert en tijdens de voorstelling gaat hij steeds meer lijken op Trump. Dit stuk werd ruim honderd jaar geleden  (1896) geschreven door ene Alfred Jarry. Hij beschreef in feite de overtreffende trap van hoe Trump nu bezig is.

Lekkere trek voerde mij naar een gezellig terras, alwaar ik een heerlijke Italiaanse salade (met meloen, ham, tomaat, druiven, rucola) bestelde met, laat ik eens gek en extra gezond doen doen, een kan vers geperst sinasappelsap. Een dame uit Parijs, die aan een tafeltje naast me zat,was zo vriendelijk de foto van me te maken, die ik opstuurde naar al mijn felicitanten.  

Na die Italiaanse salade  staat nog een voorstelling moderne dans in mijn agenda,  . Makkelijk, want dan hoef ik niet zo te zitten vertalen in mijn hoofd. 

Over deze dansgroep kan ik alleen maar in superlatieven schrijven. De dansgroep, bestaande uit twee dames en vijf heren, allen in het zwart gekleed, danst een uur lang in een tergend hoog tempo, in een veel te warm theater, adembnemende verrassende choreografieën. Voor geen goud had ik dit willen missen. Zoiets zien we te weinig in Nederland,

Ik ga nog ff kijken of er misschien nog een felicitatie is binnengekomen.


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com