Pageviews van de afgelopen week

Posts tonen met het label ritste. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ritste. Alle posts tonen

woensdag 29 juli 2026

IRRITANT (2)

 Ronduit lullig, dat voorval. Vlak voor de deur van ons bejaardentehuis, vond ik een heuptasje. Goed gevuld. Bankpasjes, sleutels, adressen en (kortings)pasjes van allerlei organisaties. Op het moment dat ik het vind heb ik haast ... een afspraak met de fysio. Inmiddels weet ik dat dat tasje van flatbewoner Ton is. Ton is een zwaar invalide oudere man. Hij beweegt zich al vele jaren uitsluitend voort in een rolstoel. Ik bel bij hem aan. Geen gehoor, tot twee maal toe. Ton is thuis dat weet ik zeker. Hij doet gewoon niet open. ‘De groeten Ton,’ zeg ik in mezelf, ‘ik moet er nu echt vandoor’. Zijn volle heuptasje past niet in Ton’s brievenbus dus haal ik er wat spulletjes uit en stop dat alles in zijn brievenbus.

Vier uur later ben ik terug van de fysio. Loop in één ruk door naar Ton. Bel weer twee keer aan, zonder resultaat. Dan tik ik twee keer hard (geïrriteerd) op de ruit naast zijn voordeur. Hij doet opeen, zeker een minuut later, met een slaperige kop open.

‘Ha Ton, Ik heb hier beneden op straat je heuptasje gevonden. Alles ligt nu in je brievenbus. Nog geen anderhalve minuut later zie ik hem zijn brievenbus schoon vegen. Ik wees hem toen nog even precies aan waar ik zijn tasje gevonden had: op het trottoir vlak achter een geparkeerde auto.

‘Ja’, zieligt Ton, ‘het was daarstraks veel te druk om me heen. Buurvrouw Hulst vroeg me of ik de deur wilde open doen met mijn afstandsbediening. Buurman Peter zei dat mijn taxi er al stond … terwijl die juist wegreed. Ik was hier net door die taxi afgezet.

'De mensen moeten me met rust laten', sikkeneurt Teun. Ik kan niet tegen die drukte om me heen. Dan raak ik in de war.’ Uiteindelijk kon er bij Ton toch geen bedankje af.

Ik moest onwillekeurig denken aan de dag dat mijn oudste zoon, tien oud jaar toen, een portemonnee vond met daarin tien briefjes van honderd euro. Hebben we gelijk aangegeven bij de politie. Via de politie kwam de eerlijke verliezer bij mij aan de deur. Ik liet mijn zoontje de portemonnee aan de dolblije man terug geven. Zonder dralen ritste de man zijn knip open en gaf mijn zoontje, een briefje van honderd euro.

Ton was niet zo blij, zo te zien … en al helemaal niet zo gul. '

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com

vrijdag 18 oktober 2024

ONS JARIGE OPA (DEEL 2; SLOT)

 Lieve opa, lieve allemaal,


U, opa, leerde mij allemaal nieuwe dingen. En ik weet zeker: niet alléén mij, maar ook mijn neefjes en nichtjes, die hier vanavond ook allemaal aanwezig zijn.

Zo kwam u eens bij ons thuis om het stoeltje op mijn slaapkamer te verven. U was ook echt van alle markten thuis! Ik wilde heel graag van u leren verven. Ik was tien jaar … de deur van mijn kamertje moest wèl dicht van u, want anders zaten we op de tocht. Daar zouden we alleen maar ziek van worden.

U deed me voor hoe dat moest met dat strijken. U hield eerst nog mijn hand heel lichtjes vast. Daarna mocht ik het zelf proberen. Met uw dikke buik ging u toen tegen mijn rug aan staan. U zei niks. Ik verfde gewoon door. U ritste toen mijn gulp open en liet voorzichtig mijn korte broek en mijn onderbroekje zakken. U pakte mijn plassertje beet … en heel zachtjes kneep u er af en toe in … u ademde eventjes héél zwaar … héél even maar … het voelde zò raar … nog nooit had iemand me zó aangeraakt … en toch verfde ik gewoon door … rustig trok u mijn broekjes weer op … ‘Zo, Josje, opa gaat maar weer eens op huis aan. Oma zal wel denken: ‘waar blijft opa toch?'

Mama werd lijkbleek, toen ik het haar vertelde. Als een bezetene rende ze de deur uit: ’Ik ben in Schiedam,’ riep ze nog. Ze stormde de trap af. U herinnert zich vast nog wel, opa, wat ze toen tegen u zei.

Oma en u vertrokken die zelfde week nog naar Tante Rietje in Noord Brabant. Vandaag, op uw 75e verjaardag zie ik u weer voor het eerst, sinds u toen ‘hals–over-kop’ uit Schiedam vertrok, vijftien jaar geleden.

‘Lieve ooms, tantes, neven en nichten!
Ik vind het nú de hoogste tijd om hier werk van te maken. Ik ga aangifte doen! Wie gaat er met me mee? Vingers!
Een, zie ik, twee …. mooi , drie, okee…. negen. Okee, let’s go!‘

Maar eerst zingen we nog even voor opa:

‘Mijn opa, mijn opa, mijn opa, in heel Europa is er niemand zoals hij,
mijn opa, mijn opa, mijn opa, niemand was zo aardig als jij.’