Mijn vakantie zit er al weer een paar dagen op. Maar in
werkelijkheid was ik nog niet thuis geland. Ik pak wel van alles aan maar allemaal in mijn
alleentje. Voor mijn buren houd ik me nog angstvallig schuil, want als ze me
zien, willen ze weten hoe het ginds was en ik kan alleen nog maar Frans praten.
Als me door mijn buren wat gevraagd wordt, knik ik, lach ik of ik zeg pardon of excuus en loop op een
drafje door.
Op weg naar huis, zie ik dat Elisabeth komt aanfietsen. Ik
doe net of ik haar niet zie. We zijn al
van ver voor de vakantie gebrouilleerd. Zij ziet mij wel en groet me vrolijk
:’
Ik beantwoord haar begroeting: ‘Hallo Elisa…’ O, dat wilde
ik juist helemaal niet zeggen, die naam
van haar achter mijn ‘Hallo’. Alleen ‘Hallo’ is genoeg, zolang we gebrouilleerd
zijn, vind ik.
Buurvrouw Jans staat in trance haar balkon schoon te moppen.. Zij is duidelijk blij verrast als ze mij opeens op mijn balkon ziet verschijnen met mijn bloemengietertje.‘Of ik het leuk had gehad, of het erg warm was, hoelang ik al thuis ben, dat ik er goed uit zie’. De woorden ‘bien’’, très’,’oui’ liggen op het puntje van mijn tong maar daar kan ik bij Jans niet mee aankomen. Maar ik zet door en het lukt me zowaar toch in het Nederlands: ‘Ik had het leuk gehad Jans, het was elke dag , minstens 35 graden, nog een wonder dat ik er goed uitzie, hè Jans?’
Zij wist voldoende. Met mj is alles prima. Maar Jans had groot
nieuws te vertellen. Groot, schokkend nieuws. Haar kleinzoon, die 6 weken geleden
in het huwelijk trad met een mooie Bosnische vrouw, heeft na drie
huwelijksweken besloten van zijn vrouw te scheiden. In die eerste drie weken
kwam haar ware aard naar boven. Ze weigerde
niet alleen maar was ook niet in staat om een bijdrage te leveren aan het
schoon houden van de flat en het bereiden van de dagelijkse avondmaaltijd.
Jans kleinzoon was daardoor volledig verbluft. Daar was geen woord Frans bij.