Op mijn 'nog te doen'- lijstje
staan nu vijf acties in de wacht. De volgorde maakt
niet uit.. Ze zijn alle vijf even (on)belangrijk. Allereerst ga ik naar de bieb om
een boek te lenen dat geschreven is door Marguerite Duras: L'amant, oftewel: de
minnaar. Een roman van een Franse intellectueel en feministische
schrijfster, in het Nederlands vertaald door Kiki Coumans. Toen ik in
Avignon was zag ik een toneelstuk in de vorm van een interview tussen
Marguerite Duras en een in haar tijd roemruchte journalist van het progressieve tijdschrift
Le Monde. De passages in dat gesprek die handelden over de tumultueuze (liefdes)affaire
tussen een Frans pubermeisje en haar Chinese minnaar, raakten mij zeer. Ik besloot
die roman direct na de vakantie te gaan lezen. Ik trof het: 'de Minnaar' lag in de bieb op me te wachten. Nu kan ik gelijk door naar de nummers- twee en
drie op mijn lijst, die ik beide op markt hoop aan te treffen.
Om zonneschade te voorkomen
draag ik een petje, soms een hoed. Een enkele keer prefereer ik een bandage, vind ik vooral leuk als ik uit ga. Ik ben nu eenmaal wat
ijdeltuiterig. Die bandage is nummer drie op mijn lijstje. Het is nog vroeg in de
middag. Niet zo druk op de markt. Ik zie al volop fruit liggen. Fruit, de
nummer twee op mijn lijstje. Ik pak dat grote stuk watermeloen met dat diep rode vruchtvlees. Het past nog maar net in mijn fietstas.
Ik ga het nu niet kopen maar, o, wat zien ze er lekker uit die stukken zalm ... het water loopt me .... Thuis in de vriezer heb ik nog genoeg liggen. Sinds mijn medici hebben ontdekt dat ik een te hoog cholesterol heb, ben ik een grootgebruiker van deze vurrukkulukke vis: die zalm, de cholesterolverlager bij uitstek.
Vlak voor de bieb, die nu gerenoveerd wordt, staat een kraampje met hoofddoekjes in alle mogelijk kleuren met fijne dessins. Vijf euro vraagt de verkoopster slechts voor een zwarte hoofddoek met tientallen witte balletjes er op. Geen kant en klare bandage dus.
Vanavond eet ik
toch bij sister M, dan vraag ik gelijk aan haar om van dit hoofddoekje een bandage te maken. O,
jee! Nu loop ik eigenlijk al op het
lijstje vooruit wat dit etentje is nummer vijf op mijn lijst.
Eerst nog even vlug nummer 4,
dat is de Kunsthal. Daar moest en zou ik de Flower-expostie nog weer eens een
keer zien, om een klein beetje van op te fleuren. Heb ik nu echt nodig. Ik ben na de
vakantie toch een beetje opgebrand.
Tot mijn grote verrassing is er
in de Kunsthal nog een expositie bijgekomen van Benedikte Bjerre. Zij
had circa honderd pinguïns (ballonnen) in een ruimte neer gezet. Met die pinguïns
kon gespeeld worden. Gegooid, geschopt (zachtjes). Ze komen altijd weer op hun
pootjes terecht. Kinderen vermaken zich prima met die pinguïns.
Sister M. trakteerde op een
zeer smakelijke Griekse salade met een portie zelf gesneden frietjes. Dat
kan ze wel. Vindt ze ook leuk om te doen.
Dat hoofddoekje toverde ze in een
handomdraai tot een bandage. Staat echt leuk!