Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com
Het is Koningsdag. In de wijk waar ik woon is daar niets van te merken. Normaal is deze buurt ook al behoorlijk 'deadish'; deze korte wandeling naar de supermarkt voelt zelfs enigszins macaber aan. Het is half elf in de ochtend. Het is nog wat frisjes. Eigenlijk wat te fris om met een korte broek te lopen, zoals ik nu doe. Ik loop langs het huis van 'de dichter' Arjan Doorgeest. Het is al weer lang geleden, dat ik hem zag. Ik heb hem eens één van mijn stukjes toegestuurd en hem gevraagd: 'zeg er eens wat van , meneer de dichter? Hij reageerde dat hij dat snel zou doen. Maar het is inmiddels een jaar geleden en ik heb nog niks van hem gehoord. 'De dichter is erg ziek', schreef hij, 'het is nog maar de vraag hoelang hij het nog maakt.' Zijn naam, en die van zijn vrouw en dochters, prijken nog wel op de voordeur van zijn huis. Ik hoop echt dat het goed met Arjan gaat.
Een paar bewoners en een welzijnswerker proberen de ontmoetingsruimte van de flat waar ik woon weer wat leven in te blazen. In eerste instantie voelde ik afkeer van dat plan: 'niks voor mij, ik heb geen zin in bekvechten met ultra-echts.
Dan schrik ik me de pleuris. Uit het struikgewas, vlak voor mijn rechterschoen, schiet een schichtige eekhoornkleurige rat ter grootte van mijn schoenmaat (45) over het trottoir en via de rijweg in de rioolput, aan de rand van het trottoir, aan de overkant..
Ik heb nu toch maar besloten mee te gaan doen met die nieuwe opzet. 'Weglopen' is geen optie. Al meer dan tien jaar ben ik hier één van de buren. Met de meeste van hen voel ik me verbonden en wil ik me ook verbonden blijven voelen. Ik ga meelopen mt het wandelgroepje op de donderdagochtend. Voor mij is het zaak om verstandig te zijn, niet te polariseren.
Als ik bijna bij de super ben komt een stel van middelbare leeftijd me tegemoet, beiden in een oranje colbertje en een strooien hoedjes met rood-wit-blauw-lintje.
'Zo', zeg ik, 'het is duidelijk feest vandaag!!'
'Jazeker', reageren ze lachend.
Ze keken nog even naar, mij of ze misschien iets feestelijks aan mij konden ontwaren. Maar dat ging niet lukken: ik was geheel in het zwart inclusief korte broek.
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com
Ik ben tien jaar. Als het grote vakantie is, ben ik pas jarig, dat vind ik jammer want ik mag nooit eens in de klas trakteren. Één keer mocht het wel, toen ik negen werd. Van die lekkere karameltoffees en van die rode zuurballen trakteerde ik toen. En wat er overbleef heb ik met mam en pap en mijn zusjes thuis opgepeuzeld.
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com
Houdt het nou nooit eens op? Reken ik in 'my mind' af met twee vrouwen, op wie ik gedurende enige tijd min of meer verliefd ben geweest, duiken er twee spiksplinternieuwe 'meissies' op, waar ik zo maar ineens stapelgek op ben. Ik kan het zelf haast niet geloven, laat staan bijbenen.
Op de sportschool, vrijdagochtend, kruist de blik van een sportster mij terloops. Niet veel later gebeurt dat nog eens en als ik klaar ben met oefenen op de leg-press staat zij vlak achter me: 'Oh, toevallig dat u klaar bent hier, meneer', ze lacht ietwat timide, 'ik wou hier net op gaan oefenen.'
'Ik al hem eerst even schoonmaken, mevrouw', zeg ik.
'Ja, tuurlijk, doet u maar rustig an hoor', zegt zij relaxed.
Zij sport al zeker vier maanden op de vrijdagochtend. Ze valt me hier al die tijd al op: leuk figuur, fijne stem, lief gezichtje, maakt gezellig praatjes. Ze is nog geen vijftig, denk ik. We hadden nog nooit eerder contact. En nu, na bijna vier maanden vertelt ze me in nog geen minuten bijna alles: gescheiden, een nog thuiswonende zoon van 27, een huurhuis in Capelle, al acht jaar een vast baan, ze laat me diverse foto's zien van haar werk, ze heeft zo nu en dan last van haar nek, ze laat me zien waar precies en ze heet Paula.
Oh, en na onze korte maar krachtige kennismaking was in 'my mind' het plan al geïmplementeerd voor een eveneens korte maar heftige masturbatie. Midden op de dag nog wel! Wat ik normaal nooit doe. Normaal trek ik me 's avonds pas af vlak voor het slapen gaan, boven de wasbak in de badkamer meestal.
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com
Ik was veertien toen m’n moeder besloot dat ik d’r praatpaal zou worde. Ze moes een hoop kwijt en veel vriendinne had ze niet. De meeste bure vertrouwde ze voor geen meter en voor d’r zusse was ma zelf een soort uitlaatklep. Voor de kindere was ze een hartstikke lieve, vrolijke moeder.
Maar als praatpaal hoorde ik d’r soms behoorlijk uit d’r rol schiete. Ik vond het een eer, hoor. Enne, niet onbelangrijk: ik wist precies wat ze van alles en iedereen dacht. Ook over mij: ik was d’r goudappeltje. Een ijverige leerling die z’n moeder altijd een handje helpte, of het nou met de afwas was of met het oppasse op m’n broertjes.
Over m’n twee oudste zusse was ze minder te spreke. Die twee pieste nog heel lang in d’r nest. Dat deeje ze natuurlijk niet expres, daar kenne ze ook niks aan doen. Maar hoe lief ma ook kon weze, ze noemde ze tegen mij gewoon ‘zeikneste’. Ze werd er doodziek van, van dat bedplasse.
Ria, de oudste, had nooit zin om naast d’r kostgeld nog wat extra’s in de pot te gooie. Die gaf d’r cente liever uit aan mooie klere en schoene. Ze zag er graag puik uit, en geef d’r is ongelijk?! Maar ma was zwaar de pest in en bleef erover doorzeike tegen mij. Lenie en ik ware d’r oogappeltjes, omdat wij wel een extra duit in het zakkie deeje. Op een avond zei ma tegen me: "Ria is hartstikke jaloers, het is een jaloers kreng!" Ik was veertien, ik wist amper wat dat woord betekende.
Wat ma niet wist – of ze hield d’r eige doof – was dat ik in die tijd als een gek lag te rukke in m’n nest. Ik zat helemaal in m’n fantasie met de mooie overbuurvrouw. Ik zorgde er wel voor dat de lakens schoon bleve: ik ving die plakboel op in een oud T-shirt en dat leide ik dan tusse m’n matras en de spiraal van m’n bed. Als ma dat had gewete, had ze me vast een ‘stiekeme viespeuk’ genoemd.
Over m'n vader had ze ook niks goeds te melde. Volgens ma wilde hij alleen maar ‘dat’. Meer hoefde voor hem niet, dat kende die man niet eens. Ze zei: "Als er een natte dweil tegen z’n gevalletje leg, dan krijg-ie al zo’n grote!" Ze zei zelfs dat ze d’r eige misselijk voelde als dat ding d’r aanraakte.
Dat ze samen toch zoveel kindere hebbe gefabriceerd, snapte ze d’r eige nog steeds niet.Ik zat erbij en ik luisterde maar een beetje. Soms begreep ik d’r, maar vaak ook niet. Het was toch de wereld van een volwassene, he? Maar ik bleef luistere, want ik vond het wel wat dat ze mij had uitgekoze om stoom af te blaze.
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com
Donderdagavond zou het dan gebeuren. Ik ga mantra’s zingen, in de Buurvrouw, een clubhuis in Schiebroek. Kwart voor ach begint het. Op Google Maps had ik gezien dat het van mijn huis drie kwartier is op de fiets en op 9292 zag ik dat ik met het openbaar vervoer ruim een uur onderweg was. Het is lekker weer. Ik kies voor de fiets. 19.00 uur ga ik op weg. Nog geen vijf minuten later rijd ik op mijn velg. Achterband lek. Te laat om nog met het openbaar vervoer te gaan. Mantra’s kan ik vanavond wel vergeten.
Als ik dit zit te tikken is het woensdagmiddag. Bijna een week later.. Normaal gesproken doe ik buitenshuis alles op de fiets. Zonder fiets ben ik aangewezen op het Openbaar vervoer of op de benenwagen. Mijn band moest zo snel mogelijk worden geplakt. Doe ik altijd zelf. Geen probleem. Afgelopen zaterdag sjouwde ik met een emmer water naar mijn berging op de begane grond. Ga daar mijn bandje plakken. Ik haal de binnenband uit de buitenband, pomp een beetje lucht in die binnenband en wat zie ik? Niks. Geen luchtbelletjes van een leeg lopende band. Hij kan dus niet lek wezen. Stop alles op zijn plaats terug en pomp de band weer op.
Zondag heb ik mijn fietsje niet nodig. Ik ga naar Hoek van Holland. Een strandwandeling maken. Heerlijk weer: veel zon, af en toe wat bewolking … wel staat er een gemeen fris windje.
Voordat ik zondagavond naar mijn woning op de 4e ga, loop ik nog even mijn berging in om te kijken of mijn band nog hard is. Verdomme! Weer zo plat als een dubbeltje! Nu, zo vlak na die lekkere relaxte strandwandeling heb ik echt geen zin in dit klusje. Dan moet het maar dinsdag want eerder heb ik geen tijd..
Dinsdagavond: weer een plakpoging. Ik vind nu een minuscuul klein gaatje. Er komen luchtbelletjes onder het randje door van het plakkertje over een eerder gaatje. Een heel moeilijk gaatje was dat. Vlak naast het ventiel. Dat plakkertje krijg ik er met geen mogelijkheid meer af dus moet er een nieuw plakkertje over dat oude plakkertje heen geplakt worden. Dat gaat niet lukken. Deze band is reddeloos lek.
Er zit niks anders op dan er een nieuwe binnenband in te laten gooien. Een voorband zou ik zelf nog wel kunnen doen. Maar zo’n achterband is echt veel te ingewikkeld. Zelfs voor een ervaren bandenplakker als ik. Dat wordt een klusje voor de fietsenmaker.
Sinds woensdagochtend staat
mijn fietsje daar. Hij stuurt me een sms’je als hij klaar is. Kost. 40 euro.
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com
Binnenkort, 15 juni aanstaande ben ik precies 50 jaar lid van de vakbond. Nu heet die bond de FNV maar in de loop van die halve eeuw ben ik lid geweest van het NVV, de ABVA-Onderwijs en de ABVAKABO.
Voor mij, kind uit een arbeidersgezin, was het een vanzelfsprekendheid om lid van de bond te worden. De belangen van mij als arbeider, wáár ik ook arbeidde, konden door niets of niemand beter behartigd worden dan door de bond. Nooit heb ik daaraan getwijfeld.
Op 10 juni ben ik uitgenodigd voor een feestje in het Maritiem museum in Rotterdam. Ik ben natuurlijk niet de enige jubilaris. Want er zijn mensen die al 70, 75, 80 en zelfs ook nog 85 jaar bij de bond zijn. Ik kan het me haast niet voorstellen. Ik zou 110 jaar zijn op mijn 85 jarig bondsfeestje. Allemaal worden ze dus die dag in het zonnetje gezet. Bij elk lustrum hoort een insigne/speldje/broche dat uiteindelijk voor een 85-jarige jubilaris oploopt tot gouden gedenksiraad.
Onlangs kreeg ik een mailtje van de FNV waarin leden gevraagd werden om op jubileumbezoek te gaan bij bondsjubilarissen. Leek me een goed idee. Dus heb ik me daarvoor opgegeven.
Vandaag was er een kennismakingsbijeenkomst. Er waren, in een zaal die plaats biedt aan 40 mensen, zegge en schrijve vier belangstellenden aanwezig, waaronder ik. Eerder zouden er al meerdere feliciteerders geworven zijn. Snel zou gestart kunnen worden. In duo's, die peilen of jubilarissen zin hebben in bondsbezoek. Dan wordt een datum afgesproken en gaat het duo op visite. Met bloemen, gebak en een speldje of broche.
Gaandeweg die kennismaking, bekroop me een naargeestig gevoel, een gevoel dat me aanstootte en tegen me zei:
'Doe het niet! Doe het niet! Al dat gedoe! Met wie ga je het doen? En wat voor bloemen en een taartjes of gebakjes? Begin er niet aan! Straks sta je voor lul bij iemand voor de deur, met je gebak, je bloemen en je speldje of broche. Vergeten. Dement. Doodziek of misschien net dood.
Of en dat zou ik eigenlijk nog het ergste vinden, de jubilaris is, (bron CBS), een van de vele duizenden vakbondsleden, ook die van de harde kern, die op de PVV van Wilders is gaan stemmen. Ik weet bijna zeker dat ik die taart dan op het gezicht van de jubilaris plak. Ik ben namelijk allergisch voor ultra rechts ook al is iemand 85 jaar bondslid. Een bondslid stemt gvd links! Misschien kan ik het toch maar beter niet doen.
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com