maandag 27 november 2023

SERIE 'OMA & OPA' DEEL 24. OPGEWONDEN.

Voorgaande delen van de serie ‘OPA & OMA’ nog eens lezen? Dat kan! Deze serie wordt ook gepubliceerd op mijn blog: ‘stukkiejee.blogspot.com’.  Daar kan de serie ‘Opa & Oma’ vanaf deel 1 nog eens gelezen worden.

Door daar op de knop ‘oudere blogs’ rechtsonder te drukken krijg je telkens meer voorgaande afleveringen van de serie te zien.

Ook eerder ‘werk’ van mij kan je daar lezen. Met de knop ‘homepage’ kom je dan weer terug bij het meest recente verhaal.

Deel 24: Opgewonden.

Wat voorafging:

Maria is verkracht en daardoor zwanger. Ze wordt ‘opgeborgen’ bij de nonnetjes. Maria verlangt naar haar baby’tje.   Ephraïm, een non, ‘ontfermt’ zich over haar. Samen kopen ze babykleertjes.

Maria baart Kareltje en gaat bij een rijke familie (in ’t Hout) wonen en werken. De familie is goed voor haar. Ze wordt verliefd op meneer in ‘t Hout … tegelijk raakt ze ook in verwarring ... ze heeft wisselende stemmingen.

Ene Joop Kikkerd komt drukwerk afleveren. Mevrouw speelt met Kareltje. Dat lijkt Maria te raken … maar het is schúldgevoel, dat haar beroert. Ze verzwijgt de huisarts haar zelfbeschadiging. In een nare droom worden haar gevoelens ‘duivels’ vergoeilijkt.

Kareltje brult iedereen wakker; hij is niet in zijn ledikantje en Maria slaapt nog diep. Meneer in ’t Hout is boos: ’Dit moet afgelopen zijn.’  Haar liefde voor die man is gelijk over.

Maria, Joop en Kareltje wandelen. Joop maakt grapjes met de kleine.  Hij gaat Maria met de auto naar haar moeder in Den Bosch brengen.  Mevrouw in ’t Hout vertelt Maria de roddel over Joop: ’Hij is niet te vertrouwen met kinderen’. Joop een pedo? Maria is sceptisch. Onderweg naar Den Bosch praten ze erover. Joop praat dan sneller als anders, stottert soms. Hij kent de roddel. Twee gassies hebben leugens opgehangen. De politie was al bij Joop maar ze kunnen niks bewijzen.

Maria’s oudere zus, Rika, is een ouwe vrijster. Ze flirt met Joop. Maria’s moeder herinnert zich raadselachtige verplaatsingen van dieren in haar huis, net zoals nu met Kareltje gebeurt. En steeds was Maria in de buurt. Zij en Joop praten op de terugweg over de ‘verplaatsingen’. Maria onthult Joop dat haar verkrachter de vader van Kareltje  is. Is er een verband zijn tussen de verkrachting en de ‘verplaatsingen’? 

Kareltje ligt alwèèr niet in zijn bedje. Dit zijn angstige gebeurtenis voor Maria. Ze heeft, doordat hij door haar verkrachter verwekt is, wisselende gevoelens voor haar zoontje.

Maria gaat naar haar huisarts voor slaapwandelen. Ze krijgt medicijnen en  een verwijsbriefje voor de psychiater.

Maria reageert goed reageren op de medicatie. Ze wordt energieker, wil ‘haar vleugels’ uitslaan. Samen met een leuke man in een klein huisje, daar droomt ze van.

Joop wordt door twee mannen in elkaar geslagen.  Buurman Klaas weet dat de gebroeders van Ooijen Joop mishandeld hebben. ‘Een volgende keer ga je er aan, viezerik’, roepen ze Joop na. Klaas, sjouwt hem naar zijn huis. Joop likt zijn wonden en steekt de hand in eigen boezem. Hij is aangeklaagd voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. Ook de misbruikte  kinderen hebben hun zegje gezegd. Er zijn alleen geen getuigen. Minderjarigen mogen niet getuigen. Klaas was wèl getuige van het afrossen van Joop.

Joop is vrijgesproken. Ten onrechte, dat weet hij. Zijn gedachten schieten alle kanten op. Één ding is zeker: hij heeft het vertrouwen van Maria. Inmiddels lijkt de woonwens van haar verwezenlijkt te worden.

24. Opgewonden.

Maria en Kareltje zijn door Joop uitgenodigd om poffertjes te gaan eten in Rotterdam. Hij komt die twee op zondag rond twee uur thuis ophalen. Joop is mooi op tijd en Maria en haar zoontje staan al klaar. Meneer in ‘t Hout en Lidwien staan in het halletje van hun huis om hen uit te zwaaien. In zekere zin is meneer in ‘t  Houten wel opgelucht over het aanstaande vertrek van Maria. Daarom ook heeft hij zich bijzonder ingespannen om die woning in de Wattstraat voor haar te regelen. Hij heeft het nauwelijks weten te verbergen maar telkens als Maria in zijn buurt is of zelfs als hij maar even aan haar denkt raakt hij opgewonden.  Bijzonder moeilijk heeft meneer in ‘t Hout het, gedurende de vrij korte periode, waarin Maria zich, als het ware, gedraagt als een krolse kat. Dan moet hij vaak tegen zichzelf  zeggen: ‘Anton, jongen: tong tussen je tanden en hard bijten.’ Meestal verdwijnt zijn opwinding dan snel.  Hij kan zijn geilheid óók heel makkelijk laten wegebben door aan zijn vrouw te denken. Niet omdat zijn vrouw onaantrekkelijk zou zijn. Maar als hij denkt aan zijn vrouw dan weet hij, hoe verdrietig zij zou zijn  als hij haar zou bedriegen.  Hij zou het er ook heel moeilijk mee hebben als zijn vrouw vreemd zou gaan.  Meneer in ‘t Hout was er, terwijl hij nog steeds Maria uitzwaaide,  trots op, dat hij al die maanden Maria heeft kunnen weerstaan. Slechts een luttel aan malen in die hele periode, heeft hij zichzelf bevredigd … en daarop was hij heel fier.

Het is hooguit een half uurtje rijden vanuit Schiedam. Naar de poffertjeskraam in Rotterdam.

Maria had nu eens mooi de kans om Joop ‘en profile’ te bekijken. Zijn ogen ziet ze nu wel niet maar die kent ze onderhand wel: zacht, vriendelijk, niet groot, niet klein en bruin-groenig. Zijn hoofd is nog steeds kaal maar dat staat hem goed. De vieze puisten van toen zijn gelukkig verdwenen. Zijn neus en oren passen goed bij zijn formaat hoofd. Maria vindt zijn lippen alleen een beetje te smal voor het mooie. Hij heeft stevige spierballen maar ook al een buikje … en dat voor zo’n jonge vent. De broek, die hij aan heeft, is morsig en nu ze toch in die richting kijkt: ter hoogte van zijn kruis ziet ze een ‘fiere bobbel’. Al met al toch wel een lekker ventje concludeert ze ... dat ventje begint, zomaar ineens, in de auto een vrolijk deuntje te fluiten.

Kareltje, dat andere lekkere ventje, vindt het wel wat, hier in de auto. Hij is klaarwakker en hij wil alles, waar hij in de auto bij kan, pakken. Op het dashboard ligt een doos sigaren en de wegenkaart van Nederland voor het grijpen.

‘Neen Kareltje, dat is niet voor jou, dat is de kaart van ome Joop’. Als door een adder gebeten reageerde Joop: ’Wil je me nòòit meer òme Joop noemen Maria, als ik ergens een rothekel aan heb, dan is het aan die sssstomme gewoonte, om alle loslopende mannen maar ‘ome’ te noemen. Jóóp heet ik! Noem me dan ook zo!’

’Okee,’ Maria zag hem voor het eerst een beetje pissig.  Hij stottert en krijgt heel even een rood hoofd. Grappig. Ondertussen heeft Kareltje de doos sigaren bemachtigd. Acht sigaren liggen op de bodemplaat van de auto en één sigaar is Kareltje aan het verkruimelen.

‘O, Joop je sigaren!’

‘Godgloeiendegodverdomme! Kan dat rotjoch nou helemáál nergens vvvvvvanaf blijven? Weet je wat ,Maria ik stop gewoon zo’n sssssigaar in zijn bakkus, dan blijft hij er vvvvoortaan wèl vanaf.’ 

Eindelijk zijn ze aangekomen bij de poffertjeskraam.

‘Ritje heeft toch langer geduurd dan je dacht, hè Joop?’

 

Morgen: Deel 25. In de poffertjeskraam.


zondag 26 november 2023

SERIE 'OMA & OPA' DEEL 23. SCHULDIG?

 Deel 23: Schuldig?

Voorgaande delen van de serie ‘OPA & OMA’ nog eens lezen? Dat kan! Deze serie wordt ook gepubliceerd op mijn blog: ‘stukkiejee.blogspot.com’.  Daar kan de serie ‘Opa & Oma’ vanaf deel 1 nog eens gelezen worden.

Door daar op de knop ‘oudere blogs’ rechtsonder te drukken krijg je telkens meer voorgaande afleveringen van de serie te zien.

Ook eerder ‘werk’ van mij kan je daar lezen. Met de knop ‘homepage’ kom je dan weer terug bij het meest recente verhaal.

Deel 22: Schuldig?

Wat voorafging:

Maria is verkracht en daardoor zwanger. Abortus is taboe in Den Bosch.  Ze wordt ‘opgeborgen’ bij de nonnetjes. Maria verlangt naar haar baby’tje.   Ephraïm, een nonnetje, ‘ontfermt’ zich over haar. Samen kopen ze babykleertjes.

Maria baart Kareltje en gaat na 3 maanden bij een rijke familie (in ’t Hout) wonen en werken. De familie is goed voor haar. Ze wordt verliefd op meneer in ‘t Hout … tegelijk raakt ze ook in verwarring ... ze heeft wisselende stemmingen.

Ene Joop Kikkerd komt drukwerk afleveren. Mevrouw houdt Kareltje ‘zoet’. Dat lijkt Maria te raken … maar het is schúldgevoel, dat haar beroert. Ze verzwijgt de huisarts haar zelfbeschadiging. In een nare droom worden haar gevoelens ‘duivels’ vergoeilijkt.

Kareltje brult iedereen wakker; hij is niet in zijn ledikantje en Maria slaapt nog diep. Meneer in ’t Hout is boos: ’Dit moet afgelopen zijn.’  Op slag is haar liefde voor meneer over.

Maria, Joop en Kareltje wandelen. Joop maakt grapjes met de kleine.  Joop brengt Maria met de auto naar Den Bosch.  Mevrouw in ’t Hout vertelt Maria de roddel over Joop: ’Hij is Joop niet te vertrouwen met kinderen’. Joop een pedo? Maria is sceptisch. Onderweg naar Den Bosch praten ze erover. Joop praat dan sneller als anders, stottert soms. Hij kent de roddel. Twee gassies hebben leugens opgehangen. De politie was al bij Joop maar er valt niks te bewijzen.

Joop trakteert in Den Bosch op appeltaart. Maria’s oudere zus, Rika, is een ouwe vrijster. Nu flirt ze met Joop. Maria’s moeder herinnert zich raadselachtige verplaatsingen van dieren in huis, net als nu met Kareltje gebeurt. En steeds was Maria in de buurt. Zij en Joop praten op de terugweg over de ‘verplaatsingen’. Maria onthult Joop dat haar verkrachter tevens de vader van Kareltje  is. Zou er een verband zijn tussen de verkrachting en de ‘verplaatsingen’? Op de terugreis naar Schiedam tobt Maria over de verplaatsingen. Mevrouw in ’t Hout ontvangt Joop en haar allerhartelijkst. Maria schaamt zich nog steeds over haar ‘impulsieve’  verliefdheid op meneer. 

Kareltje ligt alwèèr ergens anders. Dit zijn angstige gebeurtenis voor Maria. Omdat hij verwekt is door haar verkrachter, heeft ze wisselende gevoelens voor haar zoontje.

Maria gaat naar haar huisarts voor het  slaapwandelen. Ze krijgt medicijnen en  een verwijsbriefje voor de psychiater.

Maria lijkt goed te reageren op de medicijnen. Ze is ook energieker, wil ‘haar vleugels’ uitslaan. Samen met een leuke man in een klein huisje, daar droomt ze van. Joop likt zijn wonden en steekt de hand in eigen boezem.

Joop wordt door twee mannen in elkaar geslagen.  Buurman Klaas weet dat de gebroeders van Ooijen Joop mishandeld hebben. ‘Een volgende keer ga je er aan, viezerik’, roepen ze Joop na. Klaas, sjouwt hem naar zijn huis. Joop is aangeklaagd voor seksueel grensoverschrijdend gedrag. Ook de kinderen hebben hun zegje gezegd. Er zijn alleen geen getuigen. Minderjarigen mogen niet getuigen. Klaas was wèl getuige van het afrossen van Joop. Inmiddels lijkt de woonwens van Maria verwezenlijkt te worden.

23. Schuldig?

Enige maanden later zijn, in een en dezelfde week, de rechtszaken tegen de gebroeders van Ooijen en die tegen Joop Kikkerds. In beide gevallen is de rechtbank gauw klaar. De van Ooijens worden schuldig bevonden en moeten ieder drie weken zitten wegens zware mishandeling. Joop Kikkerds wordt wegens gebrek aan bewijs vrijgesproken van onzedelijke gedragingen jegens de neefjes.

‘Vreselijk oneerlijk’, bedenkt Joop. Het zou eerlijk zijn als ik had bekend. Maar wat zou dat allemaal voor gevolgen hebben! De hoon van mijn ouders, broers en zusters. Mijn vrienden zouden me laten zakken. De muziek- en de visvereniging zouden me dumpen. Als bezorger bij de Drukkerij zou ik zonder meer de zak krijgen en ik zou in mijn handjes mogen knijpen als ik daar als inpakker zou mogen blijven werken.

Het ergste zou zijn als Maria Joop de bons zou geven … iets wat ze zeker gedaan zou hebben als hij bekend zou hebben. Nooit zou ze Joop meer willen zien.  Als de dood zou ze voor hem zijn als hij in haar buurt was. Ook Kareltje zou niet veilig zijn bij hem.

 Als Joop bekend zou hebben, zou hij in de bajes verdwenen zijn. Misschien wel voor een jaar. En dan …. als hij na zijn straf in Schiedam zou willen blijven wonen, dan zou hij gegarandeerd als een  soort paria behandeld worden … en Joop zou dan volop kans maken op nieuwe  afranselingen van die ongure van Ooijens of andere gestoorde pedo-rammers.

Joop was er van overtuigd: als hij bekend zou hebben, dan had hij naar een andere stad moeten vertrekken.  Want daar zou niemand hem kennen. Zeker niet als hij zijn baard en snor zou laten staan. 

Nu Joop niet is veroordeeld, heeft hij niks te vrezen, voorlopig althans. Het zit hem niet echt lekker, dat hij  tegen Maria de waarheid moet blijven verzwijgen. Door niet te bekennen was hij nog in beeld bij Maria voor dat ‘kleine’ huisje, waar ze een vent voor nodig heeft. Joop denkt dat hij dankzij zijn ‘leugen om (zijn eigen) bestwil' een kans maakt bij haar.

‘Je hebt er echt niks mee te maken hè, Joop?’, vraagt ze de laatste tijd steeds als ze elkaar zien. ‘Neen toch hè Joop?’

‘Natuurlijk niet’, zegt Joop en hij voegt er aan toe: ‘wat had je dan gedacht?’

Zo blij als een kind  is Maria als ze de uitspraak van de rechter hoort. Met Kareltje op haar arm walst zwierig door haar kamer op de muziek van Johan Strauss: ‘die schöne blaue Donau’. Ze had het altijd wel gedacht:  Joop doet kinderen geen kwaad. Hoe komen ze er bij? De rechter heeft hem vrijgesproken. Maria is zo blij omdat er niks meer is dat haar belet om Joop te vragen of hij met haar wil samenwonen en of hij dan misschien ook met haar wil trouwen. 

Maria ziet het  al helemaal voor zich: Kareltje, Joop en zij lekker bezig in dat leuke, kleine huisje in de Wattstraat.

 

Morgen:   Deel 24. Opgewonden.

zaterdag 25 november 2023

SERIE 'OMA & OPA' DEEL22: OP HET POLITIEBUREAU

 

Voorgaande delen van de serie ‘OPA & OMA’ nog eens lezen? Dat kan! Deze serie wordt ook gepubliceerd op mijn blog: ‘stukkiejee.blogspot.com’.  Daar kan de serie ‘Opa & Oma’ vanaf deel 1 nog eens gelezen worden.

Door daar op de knop ‘oudere blogs’ rechtsonder te drukken krijg je telkens meer voorgaande afleveringen van de serie te zien.

Ook eerder ‘werk’ van mij kan je daar lezen. Met de knop ‘homepage’ kom je dan weer terug bij het meest recente verhaal.


Deel 22: Op het politiebureau.

Wat voorafging:

Maria is verkracht en daardoor zwanger. Abortus is taboe in Den Bosch.  Ze wordt ‘opgeborgen’ bij de nonnetjes.

Maria verlangt naar haar baby’tje.  ‘Collega’ zuster Ephraïm ‘ontfermt’ zich over  Maria. Samen kopen ze babykleertjes.

Maria baart Kareltje en gaat na 3 maanden bij een rijke familie wonen en werken. De familie is goed voor haar.

Maria is verliefd op meneer in ‘t Hout … tegelijk ook verward ... ze heeft wisselende stemmingen.

Ene Joop Kikkerd komt drukwerk afleveren. Mevrouw houdt Kareltje lief bezig. Dat lijkt Maria te raken … maar het is schúldgevoel, dat haar beroert.

Maria verzwijgt de huisarts haar zelfbeschadiging. In een nare droom worden haar gevoelens ‘duivels’ vergoeilijkt.

Kareltje brult iedereen wakker; hij is niet in zijn ledikantje en Maria slaapt nog diep. Meneer in ’t Hout is boos: ’Dit moet afgelopen zijn.’  Maria’s kriebeltjes verdwijnen als sneeuw voor de zon.

Raadselachtige verplaatsingen (van dieren), gebeurden ook al in Maria’s ouderlijk huis.

Maria, Joop en Kareltje wandelen. Joop maakt grapjes met de kleine.  Joop gaat Maria naar Den Bosch rijden.  Mevrouw in ’t Hout vertelt Maria de roddel over Joop: ’Hij is Joop niet te vertrouwen met kinderen’.

Joop een pedo? Maria is sceptisch. Onderweg naar Den Bosch praten ze erover. Joop praat sneller als anders, stottert soms. Hij kent de roddel. Twee gassies hebben leugens opgehangen. De politie was bij Joop maar er valt niks te bewijzen.

Joop trakteert in Den Bosch op appeltaart. Maria’s oudere zus, Rika, is een ouwe vrijster. Nu flirt ze met Joop. Maria’s moeder herinnert zich raadselachtige verplaatsingen van dieren in huis, net als nu met Kareltje gebeurt. En steeds was Maria in de buurt.

Maria is jaloers. Zus Rika en Joop zijn laat thuis. Het eten is verpieterd. Maria en Joop praten op de terugweg over de ‘verplaatsingen’. Maria onthult Joop dat haar verkrachter tevens de vader van Kareltje  is. Zou er een verband zijn tussen de verkrachting en de ‘verplaatsingen’?

Op de terugreis naar Schiedam tobt Maria over de verplaatsingen. Mevrouw in ’t Hout ontvangt Joop en Maria allerhartelijks. Maria schaamt zich nog over haar ‘impulsieve’  verliefdheid op meneer. 

Kareltje ligt alweer ergens anders. Angstige gebeurtenis voor Maria. Doordat hij verwekt is door haar verkrachter, heeft ze wisselende gevoelens voor haar zoontje. Joop wordt door twee mannen in elkaar geslagen. Ze dreigen hem dat er nog meer slaag zal volgen.

Maria gaat naar haar huisarts voor het  slaapwandelen. Ze krijgt medicijnen en  een verwijsbriefje voor de psychiater. Joops buurman, Klaas, sjouwt hem naar zijn huis. Wat moesten die vechtersbazen? ‘Een volgende keer ga je er aan, viezerik’, roepen ze Joop na. Het daagt Joop langzaam wie hem dit geflikt hebben.

Maria lijkt goed te reageren op de medicijnen. Ze is ook energieker, wil ‘haar vleugels’ uitslaan. Samen met een leuke man in een klein huisje, daar droomt ze van. Joop likt zijn wonden en steekt de hand in eigen boezem.   

 

22. Op het politiebureau.

Op het politiebureau vertelt Joop, dat hij eergisteravond, nadat hij voor zijn woonhuis uit zijn auto was gestapt, finaal in elkaar was geslagen. Buurman Klaas vult zijn verhaal aan en meldt de dienstdoende politieman, dat hij de heren die Joop mishandelden, heeft herkend. Het zijn de gebroeders Albert en Hendrik van Ooijen. Ze zijn allebei makkelijk te herkennen: Albert heeft een hazenlip en trekt met zijn linkerbeen en Hendrik heeft enorme flaporen. Bovendien heeft Klaas de stemmen herkend van de broers. Ze riepen om beurten  iets naar Joop, toen ze wegliepen. Klaas heeft niet precies verstaan wat ze zeiden. Joop ook niet trouwens, die lag groggy op het trottoir.

De politieagent gaat hier nu eigenlijk zijn boekje een beetje te buiten, maar hij vindt het toch nodig om Klaas en Joop te informeren. De van Ooijens zijn namelijk een paar weken terug op het politiebureau geweest om aangifte te doen tegen de heer Joop Kikkerds, u dus. De aangifte luidde, dat Joop twee neefjes van de van Ooijens had betast. Er is toen gevraagd of de neefjes hun verhaal zelf mochten komen doen op het bureau. Dat mocht. Een van de neefjes vertelt eerlijk, dat ze Joop eerst wel een beetje hadden lopen zieken door in zijn auto te blijven zitten. Wat er toen gebeurde … de neefjes waren er nog steeds een beetje overstuur van  … toen het over het betasten ging ... Joop had ze bij hun kruis gepakt. Daarna had Joop een van de neven, opgepakt, hem strak om zijn middel beetgepakt en hem met zijn kont tegen zijn pik aan gedrukt. Dat was wat hun verhaal.

De politieagent zei al tegen de van Ooijens dat het zwakke van dit hele verhaal was, dat het  hun woord was tegen dat van Joop. Met andere woorden er waren geen getuigen. Hoewel … de politieagent aarzelde … het zou kunnen zijn, dat in het geval van de twee neefjes, de een getuige zou kunnen zijn voor de ander. Dat laatste blijkt onmogelijk te zijn, omdat de neefjes minderjarig zijn en minderjarigen mogen niet getuigen. Voor de jongens zou deze zaak heel moeilijk te bewijzen zijn. Voor de politieagent, die alsmaar verder zijn boekje te buiten ging, was het meteen duidelijk, dat die van Ooijens het heft wel even in eigen hand zouden nemen. Terwijl de kinderen aangifte deden, verscheen er een steeds agressiever wordende grimas op die koppen van de van Ooijens. De politieagent dacht meteen al, toen hij dat zag, dat dat niet veel goeds te voorspellen had. Zeker niet voor Joop Kikkerds. De politieagent lachte even. Wat was Joop lelijk te grazen genomen. Maar daar lachte de agent niet om. Het was fijn dat Joop een getuige had, die gezien had, dat het de gebroeders van Ooijen waren, die wat tikjes aan hem uitdeelden.

Meneer in ‘t Hout kwam thuis van zijn werk. Hij was notaris: testamenten, erfenissen, huwelijkse voorwaarden, enzovoorts. Een gouden business. Tegen zijn vrouw vertelt hij dat een van de meisjes op kantoor binnenkort gaat trouwen met de assistent notaris van het notariaat. Ze gaat na haar trouwen op de Burgemeester Knappertlaan wonen. Dat meisje woont nu nog in de Wattstraat, een heel leuk woninkje, voor niet al te veel geld.  Hij vroeg zijn vrouw of dat huisje misschien wat zou zijn voor Maria en Kareltje. Ze dacht van wel maar Maria zou toch eerst iemand moeten vinden, die de kost voor haar en Kareltje zou willen verdienen.

 

Morgen:    Deel 22:   Schuldig?

 

Op zondag 26 november a.s. Voorleesmiddag.

Schrijvers lezen voor uit eigen werk.

Ik  lees 2 verhalen voor in

Verhalenhuis Belvédère , Rechthuislaan 1, R’dam , Katendrecht.

15.00 uur – 17.00 uur.  Toegang gratis.

vrijdag 24 november 2023

SERIE 'OMA & OPA' DEEL 21: EEN LEUK, KLEIN HUISJE.

 Deel 21: Een klein, leuk huisje

Voorgaande delen van de serie ‘OPA & OMA’ nog eens lezen? Dat kan! Deze serie wordt ook gepubliceerd op mijn blog: ‘stukkiejee.blogspot.com’.  Daar kan de serie ‘Opa & Oma’ vanaf deel 1 nog eens gelezen worden.

Door daar op de knop ‘oudere blogs’ rechtsonder te drukken krijg je telkens meer voorgaande afleveringen van de serie te zien.

Ook eerder ‘werk’ van mij kan je daar lezen. Met de knop ‘homepage’ kom je dan weer terug bij het meest recente verhaal.

 

Deel 21: Een leuk klein huisje.

Wat voorafging:

Maria is verkracht en daardoor zwanger. Abortus is taboe in Den Bosch.  Ze wordt ‘opgeborgen’ bij de nonnetjes.

Maria verlangt naar haar baby’tje. Ze breit kleertjes. De kamer van hoofdzuster Wijnaldia moet ze schoonmaken. Zo verdient ze wat geld voor wol. Maria heeft last van die Wijnaldia; die randde haar aan.

Wijnaldia trekt alle breisels van Maria uit. ‘Collega’ zuster Ephraïm ‘ontfermt’ zich over  Maria. Samen kopen ze nieuwe babykleertjes.

Maria baart Kareltje.  Ephraïm vindt woonruimte en werk voor Maria bij rijkelui. De familie behandelt haar goed. Kareltje helpt schoonmaken.

Van meneer in ’t Hout … krijgt Maria kriebeltjes.  Ze is verliefd … tegelijk ook verward ... ze heeft wisselende stemmingen.

Ene Joop Kikkerd komt drukwerk afleveren. Mevrouw houdt Kareltje lief bezig. Dat lijkt Maria te raken … maar het is schúldgevoel, dat haar beroert.

Maria verzwijgt de huisarts haar zelfbeschadiging. In een nare droom worden haar gevoelens ‘duivels’ vergoeilijkt.

Kareltje brult iedereen wakker maar waar is hij? Niet in zijn ledikantje. Maria slaapt nog diep. Meneer in ’t Hout waarschuwt  Maria: ‘zoiets wil ik nooit weer!’  Maria’s kriebeltjes verdwijnen als sneeuw voor de zon.

Raadselachtige verplaatsingen (van dieren), gebeurden ook al in Maria’s ouderlijk huis.

Traploper en roetjes schoonmaken: een rotklus. Maria is moe, gaat vroeg slapen. Wordt vroeg wakker. Niet in haar eigen bed. Haar zoontje ligt ook weer ergens anders.

Maria, Joop en Kareltje wandelen. Joop maakt grapjes met de kleine.  Joop zal Maria naar Den Bosch rijden.  Mevrouw in ’t Hout vertelt Maria dat Joop niet te vertrouwen is met kinderen; zo wordt er althans geroddeld.

Joop een pedo? Maria is sceptisch. Onderweg naar Den Bosch praten ze erover. Joop praat dan sneller als anders en stottert soms. Hij kent de roddel. Twee gassies hebben leugens opgehangen. De politie was bij Joop maar er is geen bewijs tegen hem.

Op bezoek bij Maria’s familie, trakteert Joop op appeltaart. Maria’s moeder maakt zich zorgen over Rika, Maria’s oudere zus. Ze komt maar niet aan de man. Nu flirt ze met Joop. Maria’s moeder praat ook over de raadselachtige verplaatsingen van dieren, destijds en die van Kareltje nu.

Maria is jaloers. Zus Rika en Joop zijn laat thuis. Het eten is verpieterd. Rita en Joop praten op de terugweg over de ‘verplaatsingen’. Maria onthult Joop dat haar verkrachter tevens de vader van Kareltje  is. Zou er een verband zijn tussen de verkrachting en de ‘verplaatsingen’?

Op de terugreis naar Schiedam tobt Maria over de verplaatsingen. Mevrouw in ’t Hout ontvangt Joop en Maria allerhartelijks. Maria schaamt zich nog over haar ‘impulsieve’  verliefdheid op meneer. Joop zit een beetje vies soep te slurpen. Maria is verbaasd dat ze daar niks over zegt. Joop vindt Maria’s zus Rika ‘alleen maar aardig, meer niet’, zegt hij.

Kareltje is alweer verplaatst. Angstige gebeurtenis voor Maria. Doordat hij verwekt is door haar verkrachter, heeft ze wisselende gevoelens voor haar zoontje. Joop wordt door twee mannen in elkaar geslagen. Ze dreigen hem dat er nog meer slaag zal volgen.

Maria gaat naar haar huisarts voor het  slaapwandelen. Ze krijgt medicijnen en  een verwijsbriefje voor de psychiater. Joops buurman, Klaas, sjouwt hem naar zijn huis. Wat moesten vechtersbazen? ‘Een volgende keer ga je er aan, viezerik’, roepen ze Joop na. Het daagt Joop langzaam wie hem dit geflikt heeft.

Deel 21: Een leuk klein huisje.

Mevrouw in 't Hout is benieuwd, hoe Maria’s bezoek aan de dokter is afgelopen. Maria vertelt haar dat ze een trazodone-kuur van drie weken gekregen heeft tegen haar kwalen. Na die drie weken moet ze weer op het spreekuur komen. Maria slikt die pillen nu drie dagen en het effect is redelijk positief. Van de in ‘ Houts heeft Maria niks te horen gekregen over slaapwandelen. Ook met Kareltje is  ze dus niet aan de haal gegaan. Fijn dat Maria zich wat rustiger voelt. Ze voelde zich voorheen gejaagd bij het werk in huis. Altijd alles maar vlug, vlug, vlug, want het werk moet klaar voordat haar zoontje wakker wordt. Mevrouw vindt dat jammer om te horen. Want over het werk van Maria is zij erg tevreden. Wat mevrouw vooral fijn vindt is dat ze zo zelfstandig is. Je hoeft haar niet aan het werk te zetten. In feite hoeft je haar niet eens te controleren; ze doet alles pico bello.

‘Heel mooi dat je nu wat ontspannener je werk kunt doen, Maria. Die rust komt vast doordat je nu niet meer slaapwandelt. Je slaap is dieper, je rust meer uit. Het werk hier in huis vind je steeds leuker en steeds meer plezier beleef je met je kind.’

Mevrouw in ‘t Hout heeft niet alles goed gezien: hoe energieker Maria wordt, hoe meer zin zij krijgt om leuke dingen te doen met Kareltje, dat wel, maar de lol in het schoonhouden van het huis neemt alleen maar af. Mevrouw in ‘t Hout gaat weer naar boven, eten klaarmaken. Dat is iets wat ze nog wel zelf doet.

Aan schoonmaken op zich heeft Maria geen hekel. Het lijkt haar alleen heerlijk om een eigen huisje te hebben en dàt schoon te houden. Alleen, Maria kan geen huisje huren. Daar heeft ze geen geld genoeg voor. Een betrekking heeft Maria niet, ja, hier bij de in ‘t Houts; maar hier verdient ze geen geld. Ze krijgt betaald met kost en inwoning ... daar wil ze nu juist van af.

Waar ze van droomt is in een klein huurhuisje te wonen met haar zoontje en een leuke man, die genoeg zou verdienen om zo’n huisje voor hen drietjes te betalen.

 

Zoals Klaas gezegd had, zou hij Joop zijn dokter op de hoogte stellen. Dat heeft hij keurig gedaan. Dokter komt redelijk snel langs.

Joop heeft een gebroken arm, een gebroken jukbeen, verschillende kneuzingen en enkele lelijke verwondingen met name aan zijn hoofd. De dokter ontsmet, verbindt de wonden en geeft hem een receptje voor de apotheek.

‘Sterkte en beterschap, jongen’ wenst de dokter Joop toe en hij vertrekt naar de volgende patiënt.

‘Sterkte en beterschap …  ja hoor, dokter …,’ denkt Joop, ‘het is gewoon allemaal mijn eigen stomme schuld. Eigen schuld, dikke bult. Die van Ooijens hebben volkomen gelijk om me in elkaar te rammen. Als het mijn neefjes waren geweest had ik het misschien net zo gedaan. Jonge kinderen maken me gek! Hoe dat komt? Ik weet het niet. Wist ik het maar. Het gebeurt gewoon. Wat ik zeker weet is, dat ik me beter moet leren beheersen. Ik sterf verdomme van de pijn ... maar ’t is mijn verdiende loon.’

Morgen gaat Joop naar het politiebureau om aangifte te doen tegen de van Ooijens wegens geweldpleging. Buurman Klaas gaat mee.

 

Morgen deel  22: Op het politiebureau.

 

Op zondag 26 november a.s. Voorleesmiddag.

Schrijvers lezen voor uit eigen werk.

Ik  lees 2 verhalen voor in

Verhalenhuis Belvédère , Rechthuislaan 1, R’dam , Katendrecht.

15.00 uur – 17.00 uur.  Toegang gratis.

donderdag 23 november 2023

SERIE 'OMA EN OPA' DEEL 20. DE RELIGIEUZE BOEKHANDEL.

 

Serie: ‘Opa en Oma’.

Deel 20: De religieuze boekhandel.

Voorgaande delen van de serie ‘OPA & OMA’ nog eens lezen? Dat kan! Deze serie wordt ook gepubliceerd op mijn blog: ‘stukkiejee.blogspot.com’.  Daar kan de serie ‘Opa & Oma’ vanaf deel 1 nog eens gelezen worden.

Door daar op de knop ‘oudere blogs’ rechtsonder te drukken krijg je telkens meer voorgaande afleveringen van de serie te zien.

Ook eerder ‘werk’ van mij kan je daar lezen. Met de knop ‘homepage’ kom je dan weer terug bij het meest recente verhaal.

 

Deel 20: De religieuze boekhandel.

Wat voorafging:

Maria is verkracht en daardoor zwanger. Abortus is taboe in Den Bosch.  Ze wordt ‘opgeborgen’ bij de nonnetjes.

Maria verlangt naar haar baby’tje. Ze breit kleertjes. De kamer van hoofdzuster Wijnaldia moet ze schoonmaken. Zo verdient ze wat geld voor wol. Maria heeft last van die Wijnaldia; die randde haar aan.

Wijnaldia trekt alle breisels van Maria uit. ‘Collega’ zuster Ephraïm ‘ontfermt’ zich over  Maria. Samen kopen ze nieuwe babykleertjes.

Maria baart Kareltje.  Ephraïm vindt woonruimte en werk voor Maria bij rijkelui. De familie behandelt haar goed. Kareltje helpt schoonmaken.

Van meneer in ’t Hout … krijgt Maria kriebeltjes.  Ze is verliefd … tegelijk ook verward ... ze heeft wisselende stemmingen.

Ene Joop Kikkerd komt drukwerk afleveren. Mevrouw houdt Kareltje lief bezig. Dat lijkt Maria te raken … maar het is schúldgevoel, dat haar beroert.

Maria verzwijgt de huisarts haar zelfbeschadiging. In een nare droom worden haar gevoelens ‘duivels’ vergoeilijkt.

Kareltje brult iedereen wakker maar waar is hij? Niet in zijn ledikantje. Maria slaapt nog diep. Meneer in ’t Hout waarschuwt  Maria: ‘zoiets wil ik nooit weer’!  Maria’s kriebeltjes verdwijnen als sneeuw voor de zon.

Raadselachtige verplaatsingen (van dieren), gebeurden ook al in Maria’s ouderlijk huis.

Traploper en roetjes schoonmaken: een rotklus. Maria is moe, gaat vroeg slapen. Wordt vroeg wakker. Niet in haar eigen bed. Haar zoontje ligt ook weer ergens anders.

Maria, Joop en Kareltje wandelen. Joop maakt grapjes met de kleine.  Joop zal Maria naar Den Bosch rijden.  Mevrouw in ’t Hout vertelt Maria dat Joop niet te vertrouwen is met kinderen; zo wordt er geroddeld.

Joop een pedo? Maria is sceptisch. Onderweg naar Den Bosch praten ze erover. Joop praat sneller als anders en stottert soms. Hij kent de roddel. Twee gassies hebben leugens opgehangen. De politie was bij Joop maar er is geen bewijs.

Op bezoek bij Maria’s familie, trakteert Joop op appeltaart. Maria’s moeder maakt zich zorgen over Rika, Maria’s oudere zus. Ze komt maar niet aan de man. Nu flirt ze met Joop. Maria’s moeder praat ook over de raadselachtige verplaatsingen van dieren destijds en die van Kareltje nu.

Maria is jaloers. Zus Rika en Joop zijn laat thuis. Het eten is verpieterd. Rita en Joop praten op de terugweg over de ‘verplaatsingen’. Maria onthult Joop dat haar verkrachter tevens de vader van Kareltje  is. Zou er een verband zijn tussen de verkrachting en de ‘verplaatsingen’?

Op de terugreis naar Schiedam tobt Maria over de verplaatsingen. Mevrouw in ’t Hout ontvangt Joop en Maria hartelijk. Maria schaamt zich nog steeds over haar ‘impulsieve’  verliefdheid op meneer. Joop zit een beetje vies soep te slurpen. Maria is verbaasd dat ze daar niks over zegt. Joop vindt Maria’s zus Rika ‘alleen maar aardig, meer niet’, zegt hij.

Kareltje is alweer verplaatst. Angstige gebeurtenis voor Maria. Doordat hij verwekt is door haar verkrachter, heeft ze wisselende gevoelens voor haar zoontje. Joop wordt door twee mannen in elkaar geslagen. Ze dreigen hem dat er nog meer slaag zal volgen.

Maria gaat naar haar huisarts voor haar slaapwandelen. Ze krijgt medicijnen een verwijsbriefje voor de psychiater. Joops buurman, Klaas, ontfermt zich over hem.

 

Deel 20: De religieuze boekhandel.

Bedankt buurman,’ zegt Joop.

‘Ja, ik kan je toch niet midden in de nacht in die plas bloed laten liggen,’ zegt Klaas. ‘Ik ga zelf nu weer naar bed, als je nog wat te eten wil moet je het nu zeggen ……o, dat vergat ik even,  je kan niks zeggen … nou, knik maar  ‘ja’ en schud maar ‘nee’ als antwoord op mijn vragen,’ zegt Klaas. Aan het einde van het liedje wil Joop alleen maar wat drinken. Klaas geeft Joop een glas cola met een flinke scheut jonge jenever in de hoop dat daardoor Joop zijn pijn wat zou minderen en dat hij snel in slaap zou vallen.  Het is nu half drie. Klaas gaat weer naar boven, naar zijn eigen kamer. Hij zegt tegen Joop dat hij morgenochtend vroeg rond een uur of acht weer terug komt. Dan gaat hij eerst even bij Joop zijn huisarts langs gaan om hem te vertellen wat er gebeurd is. Joop begrijpt het en zwaait zoiets als 'welterusten'.

Slapen kan Joop voor geen meter. Het enige dat hij zonder pijn kan, is knipperen met zijn ogen. Voor de rest doet alles, echt alles pijn. Gore lafbekken zijn het. Met z’n tweeën nog wel; en maar rossen. Ik mag blij zijn, dat ik nog leef.  Die klootzakken zeiden geen stom woord, anders had ik misschien hun stemmen nog kunnen herkennen. In het begin, dacht ik, dat ze het gemunt hadden op mijn auto, hoewel, eigenlijk was het  natuurlijk mijn eigen wagen niet, dit was de wagen van de zaak. Op mijn geld waren ze blijkbaar ook niet uit; dat hadden ze zo kunnen krijgen … dat kleine beetje van me.

Volgens Klaas waren het mannen van ‘van Ooijen’ van de Schiedamsche Kolenhandel op de Lange Haven. Die kolenhandel, die ken ik wel, daar heb ik wel eens een paar mud eierkolen besteld. Mannen met spierballen werken daar. Maar waarom moeten die gasten mij nu zonodig hebben? Wat heb ik misdaan?  Toen ze wegliepen riepen ze nog wat. Dat kan ik me wèl herinneren maar wàt ze precies riepen? Zoiets als:  ‘je overleeft het niet’ … ze hadden mijn oren denk ik dichtgeschopt … ‘vuile viezerik’ …ja, vuile viezerik riepen ze ook naar mij. ‘Je overleeft het niet vuile viezerik.’ O jaaaa …… van Ooijen …..  was dat niet een broer van Hermus, van die religieuze boekhandel?

Het waren de kinderen van die Hermus die Joop destijds op zijn manier uit zijn wagen gezet heeft. De  boze boekhandelaar is daarna naar het politiebureau gestapt om daar zijn twee zoontjes te laten verklaren, welke onzedelijke handelingen Joop met hen heeft uitgevoerd.

 

Ze zullen het nooit kunnen bewijzen, dat die twee jochies gelijk hebben. Bekennen zal Joop nooit. Ja, nu had Joop het weer op een rijtje. De hardvochtige helden zeiden: ‘Als je nog eens een keer aan onze kinderen zit, dan overleef je het niet, vuile viezerik.’ Dat was duidelijke taal. Joop zal zich moeten leren beheersen.

 

Morgen: Deel 21. Een leuk klein huisje.

 

Op zondag 26 november a.s. Voorleesmiddag.

Schrijvers lezen voor uit eigen werk.

Ik  lees 2 verhalen voor in

Verhalenhuis Belvédère , Rechthuislaan 1, R’dam , Katendrecht.

15.00 uur – 17.00 uur.  Toegang gratis.

woensdag 22 november 2023

SERIE 'OMA & OPA'' DEEL 19. EEN VERWIJSBRIEFJE

 Serie: ‘Opa en Oma’.

Deel 19: Een verwijsbriefje.

Voorgaande delen van de serie ‘OPA & OMA’ nog eens lezen? Dat kan! Deze serie wordt ook gepubliceerd op mijn blog: ‘stukkiejee.blogspot.com’.  Daar kan de serie ‘Opa & Oma’ vanaf deel 1 nog eens gelezen worden.

Door daar op de knop ‘oudere blogs’ rechtsonder te drukken krijg je telkens meer voorgaande afleveringen van de serie te zien.

Ook eerder ‘werk’ van mij kan je daar lezen. Met de knop ‘homepage’ kom je dan weer terug bij het meest recente verhaal.

 

Deel 19. Een verwijsbriefje.

Wat voorafging:

Maria is verkracht en daardoor zwanger. Abortus is taboe in Den Bosch.  Ze wordt ‘opgeborgen’ bij de nonnetjes.

Maria verlangt naar haar baby’tje. Ze breit kleertjes. De kamer van hoofdzuster Wijnaldia moet ze schoonmaken. Zo verdient ze wat geld voor wol. Maria heeft last van die Wijnaldia; die randde haar aan.

Wijnaldia trekt alle breisels van Maria uit. ‘Collega’ zuster Ephraïm ‘ontfermt’ zich over  Maria. Samen kopen ze nieuwe babykleertjes.

Maria baart Kareltje.  Ephraïm vindt woonruimte en werk voor Maria bij rijkelui. De familie behandelt haar goed. Kareltje helpt schoonmaken.

Van meneer in ’t Hout … krijgt Maria kriebeltjes.  Ze is verliefd … tegelijk ook verward ... ze heeft wisselende stemmingen.

Ene Joop Kikkerd komt drukwerk afleveren. Mevrouw houdt Kareltje lief bezig. Dat lijkt Maria te raken … maar het is schúldgevoel, dat haar beroert.

Maria verzwijgt de huisarts haar zelfbeschadiging. In een nare droom worden haar gevoelens ‘duivels’ vergoeilijkt.

Kareltje brult iedereen wakker maar waar is hij? Niet in zijn ledikantje. Maria slaapt nog diep. Meneer in ’t Hout waarschuwt  Maria: ‘zoiets wil ik nooit weer’!  Maria’s kriebeltjes verdwijnen als sneeuw voor de zon.

Raadselachtige verplaatsingen (van dieren), gebeurden ook al in Maria’s ouderlijk huis.

Traploper en roetjes schoonmaken: een rotklus. Maria is moe, gaat vroeg slapen. Wordt vroeg wakker. Niet in haar eigen bed. Haar zoontje ligt ook weer ergens anders.

Maria, Joop en Kareltje wandelen. Joop maakt grapjes met de kleine.  Joop zal Maria naar Den Bosch rijden.  Mevrouw in ’t Hout vertelt Maria dat Joop niet te vertrouwen is met kinderen; zo wordt er geroddeld.

Joop een pedo? Maria is sceptisch. Onderweg naar Den Bosch praten ze erover. Joop praat sneller als anders en stottert soms. Hij kent de roddel. Twee gassies hebben leugens opgehangen. De politie was bij Joop maar er is geen bewijs.

Op bezoek bij Maria’s familie, trakteert Joop op appeltaart. Maria’s moeder maakt zich zorgen over Rika, Maria’s oudere zus. Ze komt maar niet aan de man. Nu flirt ze met Joop. Maria’s moeder praat ook over de raadselachtige verplaatsingen van dieren destijds en die van Kareltje nu.

Maria is jaloers. Zus Rika en Joop zijn laat thuis. Het eten is verpieterd. Rita en Joop praten op de terugweg over de ‘verplaatsingen’. Maria onthult Joop dat haar verkrachter tevens de vader van Kareltje  is. Zou er een verband zijn tussen de verkrachting en de ‘verplaatsingen’?

Op de terugreis naar Schiedam tobt Maria over de verplaatsingen. Mevrouw in ’t Hout ontvangt Joop en Maria hartelijk. Maria schaamt zich nog steeds over haar ‘impulsieve’  verliefdheid op meneer. Joop zit een beetje vies soep te slurpen. Maria is verbaasd dat ze daar niks over zegt. Joop vindt Maria’s zus Rika ‘alleen maar aardig, meer niet’, zegt hij.

Kareltje is alweer verplaatst. Angstige gebeurtenis voor Maria. Doordat hij verwekt is door haar verkrachter, heeft ze wisselende gevoelens voor haar zoontje. Joop wordt door twee mannen in elkaar geslagen. Ze dreigen hem dat er nog meer slaag zal volgen.

 

Deel 19. Een verwijsbriefje.

Om tien over half elf gaat Maria naar de dokter. Ze had deze dokter voor het eerst nodig toen Kareltje van de trap viel en zijn arm brak (en Lidwien haar ribben). De dokter was toen zo vriendelijk om haar zoontje naar het ziekenhuis  te brengen. Dit keer heeft ze de dokter zelf nodig. Ze heeft de wekker op acht uur gezet, dan zou ze genoeg tijd hebben om Kareltje te wassen, aan te kleden en eten te geven en ze zou nog voldoende tijd over hebben voor zichzelf. Mevrouw in ‘t Hout past weer eens op die kleine.

De wachtkamer is druk bezet: er zijn er zes vòòr Maria. Als het een beetje mee zit, zou ze over dik een uur weer buiten staan. Alleen … deze dokter staat er om bekend, dat hij aandacht heeft voor zijn patiënten en dat kost nogal wat tijd.

Na ruim een uur is Maria aan de beurt. Ze vertelt haar slaapwandelverhaal. Belangstellend hoorde de dokter dat aan. Hij is er van overtuigd dat haar traumatische ervaring, haar verkrachting, nog steeds opspeelt in haar geest. De daardoor oplopende spanning, uit zich bij Maria in slaapwandelen. Dat is op zich al zorgwekkend; maar dat ze Kareltje verplaatste (verhuist) tijdens haar slaapwandeling, heeft volgens de dokter een te hoge risicofactor. Dat moet kost wat kost voorkomen worden. Maria krijgt daartoe van hem trazodone voorgeschreven; een middel dat, spanningreducerend werkt. Ze krijgt een kuur van drie weken; elke dag drie tabletten. Na die drie weken moet het afgelopen zijn met dat geslaapwandel. ‘Kom daarna nog maar eens langs op het spreekuur’.

De dokter vindt dat Maria’s schuldgevoelens over Kareltje thuis horen bij een psychiater. Over die schuldgevoelens en haar verkrachting, die tot de conceptie van Kareltje leidde, zou zij het met psychiater moeten hebben. De dokter geeft haar een verwijsbriefje mee. Maria moet zelf bellen voor een afspraak.

Tot slot stelt dokter nog een rare vraag, althans een vraag die ze niet meteen met ‘ja’ of ‘nee’ kan beantwoorden:

‘Heb je je zoontje onvoorwaardelijk lief?’

Een heel moeilijke vraag voor Maria.

 

Kort nadat Joop zijn laatste klapjes had geïncasseerd, komt zijn bezorgde bovenbuurman Klaas kijken hoe hij er bij ligt. Allesbehalve goed.  Het bloed gutst uit zijn mond en wat Klaas ook aanraakte alles deed Joop  pijn. Klaas port hem om op te staan … probeert hem op te tillen. Het lijkt wel alsof al zijn botten gebroken zijn, zo reageert hij.

‘Ik heb gezien wie het waren Joop,’ zegt Klaas, ‘die twee lafbekken. Het waren de gebroeders van Ooijen.’ Joop zegt wel iets terug maar doordat zijn tong en zijn lippen kapotgeschopt zijn, hoort Klaas niets anders dan een onverstaanbaar gemurmel.  Met een uiterste krachtsinspanning probeert Joop wel te gaan staan maar hij zakt meteen als een plumpudding in elkaar.

‘Zo’n klein mannetje als Joop zou ik toch een trap naar boven moeten kunnen slepen,’ denkt Klaas, die een kop groter is. Vragen aan Joop of hij het okee vindt, daar begon Klaas niet meer aan. Onder veel tegenstribbelen, protesten en amechtig gekerm trekt Klaas zijn buurman de trap op, legt hem in zijn bed en verzorgt de ergste verwondingen.

 

Morgen: Deel 20: De religieuze boekhandel.

 

Op zondag 26 november a.s. Voorleesmiddag.

Schrijvers lezen voor uit eigen werk.

Ik  lees 2 verhalen voor in

Verhalenhuis Belvédère , Rechthuislaan 1, R’dam , Katendrecht.

15.00 uur – 17.00 uur.  Toegang gratis.

dinsdag 21 november 2023

SERIE 'OPA & OMA' DEEL 18. IN ELKAAR GESLAGEN.

 Serie: ‘Opa en Oma’.

Deel  18: In elkaar geslagen

Voorgaande delen van de serie ‘OPA & OMA’ nog eens lezen? Dat kan! Deze serie wordt ook gepubliceerd op mijn blog: ‘stukkiejee.blogspot.com’.  Daar kan de serie ‘Opa & Oma’ vanaf deel 1 nog eens gelezen worden.

Door daar op de knop ‘oudere blogs’ rechtsonder te drukken krijg je telkens meer voorgaande afleveringen van de serie te zien.

Ook eerder ‘werk’ van mij kan je daar lezen. Met de knop ‘homepage’ kom je dan weer terug bij het meest recente verhaal.

 

Deel 18. In elkaar geslagen.

Wat voorafging:

Maria is verkracht en daardoor zwanger. Abortus is taboe in Den Bosch.  Ze wordt ‘opgeborgen’ bij de nonnetjes.

Maria verlangt naar haar baby’tje. Ze breit kleertjes. De kamer van hoofdzuster Wijnaldia moet ze schoonmaken. Zo verdient ze wat geld voor wol. Maria heeft last van die Wijnaldia; die randde haar aan.

Wijnaldia trekt alle breisels van Maria uit. ‘Collega’ zuster Ephraïm ‘ontfermt’ zich over  Maria. Samen kopen ze nieuwe babykleertjes.

Maria baart Kareltje.  Ephraïm vindt woonruimte en werk voor Maria bij rijkelui. De familie behandelt haar goed. Kareltje helpt schoonmaken …  helpen, van de wal in de sloot.

Van meneer in ’t Hout … krijgt Maria kriebeltjes.  Ze is verliefd … tegelijk ook verward ... ze heeft wisselende stemmingen.

Ene Joop Kikkerd komt drukwerk afleveren. Mevrouw houdt Kareltje lief bezig. Dat lijkt Maria te raken … maar het is haar schúldgevoel, dat haar beroert.

Maria verzwijgt de huisarts haar zelfbeschadiging. In een nare droom worden haar gevoelens ‘duivels’ vergoeilijkt.

Kareltje brult iedereen wakker maar waar is hij? Niet in zijn ledikantje. Maria slaapt nog diep. Meneer in ’t Hout waarschuwt  Maria: ‘Dit wil ik nooit weer!  Maria’s kriebeltjes verdwijnen als sneeuw voor de zon.

Raadselachtige verplaatsingen (van dieren), gebeurden ook al in Maria’s ouderlijk huis.

Traploper en roetjes schoonmaken: een rotklus. Maria is moe, gaat vroeg slapen. Wordt vroeg wakker. Niet in haar eigen bed. Haar zoontje ligt ook weer ergens anders.

Maria, Joop en Kareltje wandelen. Joop maakt grapjes met de kleine.  Joop belooft Maria naar haar familie in Den Bosch te rijden. Mevrouw in ’t Hout vertelt Maria over de roddel: Joop is niet te vertrouwen met kinderen.

Joop een pedo? Maria is sceptisch. Onderweg naar Den Bosch praten ze erover. Joop praat sneller als anders en stottert soms. Hij kent die roddel. Twee gassies hebben leugens opgehangen. De politie was al bij Joop thuis maar heeft geen bewijs.

Op bezoek bij Maria’s familie, trakteert Joop op appeltaart. Maria’s moeder maakt zich zorgen over Rika, Maria’s oudere zus. Ze komt maar niet aan de man. Nu flirt ze met Joop. De raadselachtige verplaatsingen van dieren (van vroeger) en Kareltje nu, brengt Maria’s moeder ook ter sprake.

Maria is jaloers. Zus Rika en Joop zijn laat thuis. Het eten is verpieterd. Rita en Joop praten op de terugweg over de ‘verplaatsingen’. Maria onthult Joop dat haar verkrachter tevens de vader van Kareltje  is. Zou er een verband zijn tussen de verkrachting en de ‘verplaatsingen’?

Op de terugreis naar Schiedam tobt Maria over de verplaatsingen. Mevrouw in ’t Hout ontvangt Joop en Maria hartelijk. Maria schaamt zich nog steeds over haar ‘impulsieve’  verliefdheid op meneer. Joop zit een beetje vies soep te slurpen. Maria is verbaasd dat ze daar niks over zegt. Joop vindt Maria’s zus Rika gewoon aardig, meer niet, zegt hij.

 

Deel 18: In elkaar geslagen

Een intens verdrietig huilend Kareltje wekt Maria uit een diepe slaap en wèèr ligt hij niet waar hij zou moeten liggen maar hij ligt onder de vensterbank naast de prullenbak. Het ventje is helemaal overstuur en voor Maria is ergeen excuus meer om het bezoek aan haar huisarts uit te stellen. Ze is zich er weer totaal niet van bewust wat ze met haar zoontje heeft uitgespookt; gek wordt ze er van.

Het is midden in de nacht en ze zijn allebei nog klaarwakker. Maria denkt dat Kareltje toch niet zal slapen, als ze hem nu gelijk weer in zijn bedje legt. Dus neemt ze hem maar even bij haar in bed. Dat werkt goed: binnen een paar minuten houdt zijn gesnik op en slaapt hij. Als Maria hem daarna in zijn eigen bedje wil leggen is hij ineens weer klaarwakker en zet het op een brullen. Maria zingt ‘Slaap kindje slaap ….’ en klopt hem intussen zachtjes op zijn billetjes ... dan is hij weer snel vertrokken.

Zelf kan Maria de slaap niet meer vatten. De angst voor het slaapwandelen houdt haar wakker. Dat ‘verplaatsen’ van Kareltje vindt ze zo vreselijk.  Ze voelt zich schuldig tegenover haar zoontje.

Ja, zo heel in het begin heeft ze er zwaar de pest over in gehad, dat ze zwanger  was. Maar later beseft ze dat dat wezentje in haar buik, het toch ook niet kon helpen dat het door zo’n lompe schoft verwekt was. Vanaf het moment van zijn geboorte is bij Maria van weerzin tegen het ventje geen sprake meer. Een leuk, lief en mooi ventje vindt ze haar Kareltje. Ze dènkt ook dat ze van hem houdt en ze dènkt ook dat ze steeds meer van hem gaat houden.

En dan nu wèèr dit gekmakende geslaapwandel …. Zou ze dan toch niet ècht van hem houden … doet ze misschien maar alsof, om voor de buitenwereld goede sier te maken. Wil ze in werkelijkheid niets liever dan Kareltje ergens dumpen. Natuurlijk wil ze van hem af. Je was er natuurlijk nooit geweest, klein schatje, als die enorme klootzak haar niet had verkracht.

Die kwellende gedachten moet ze uit haar hoofd zetten.  Driftig schudt ze haar hoofd. Krachtig  stompt Maria met haar vuisten op haar bed en zo hard ze kan schreeuwt ze: ‘Ik hòù van je Kareltje’. Te horen aan de huilbui die Kareltje daarop krijgt, schrikt hij zich het apenzuur van het geschreeuw van zijn moeder.

Na de huilbui, die Maria daarna krijgt, valt ze snel in slaap; haar zoontje is gelukkig snel bekomen van de schrik en ligt al snel weer lekker te knorren.

 

Als Joop voor zijn huis uit zijn auto stapt, wordt hij gelijk stevig ‘in de tang’ genomen door twee mannen, beiden een kop groter dan hij.  De ene houdt hem vast en de andere stompt Joop waar hij hem maar raken kan. Hij krijgt trappen in zijn kruis. Op een gegeven moment wordt Joop losgelaten. Zakt dan als een bord yoghurt in elkaar, waarop de mannen om het hardst tegen Joop aan blijven schoppen … ; raken waar ze hem maar raken kunnen.

Helemáál bewusteloos is Joop nog niet. Hij heeft tijdens deze rampartij geprobeerd zich zo goed en zo kwaad als het ging te beschermen. De mannen vinden het klaarblijkelijk genoeg zo; ze willen nog wat wel kwijt aan Joop: ‘Als je nog een keer aan onze kinderen zit, dan overleef je het niet, vuile viezerik.'

 

Morgen: Deel 19. Een verwijsbriefje.


 

Op zondag 26 november a.s. Voorleesmiddag.

Schrijvers lezen voor uit eigen werk.

Ik  lees 2 verhalen voor in

Verhalenhuis Belvédère , Rechthuislaan 1, R’dam , Katendrecht.

15.00 uur – 17.00 uur.  Toegang gratis.