Ik kan me niet herinneren dat ik dit ooit eerder had. Goed, ik ben hard op m’n bek gegaan en loop met een lelijk schimmeltje in mijn keel. Maar dat is niet het enige. Het lijkt bijna of het algehele activatie en motivatie gebeuren in en rondom mijn entiteit geblokkeerd is. Het gebeurt iedereen, met name de afdeling volwassenen, wel eens dat zij of hij zich naar het aanrecht begeeft om daar (pakweg) een blikopener uit de keukenlade te halen. En dan komt het: hij is dan oprecht vergeten waarom zij of hij daar voor dat aanrecht staat...’.
Bij mij uit zich dat anders. Ik zit. De handen samengevouwen op mijn bovenbenen en slaak vervolgens een schrille kreet. 'Raar' vond mijn ex-huisgenoot L. dat. Kreten worden door mij vrijwel nooit geslaakt.
‘Waarom zou ik?’
Mij overkomt iets geheel anders. De navolgende dag, ik merk niet eens precies wàt er gebeurt, hóé het gaat, maar ik ben opeens met twee oude mannen op een kleine wiebelende roeiboot. En …terwijl ik dit schrijf stortregent het zoals ik het nog nooit van mijn leven heb horen stortregenen.
Een van die mannen op de boot lijkt op
mijn Ome Gerard, de oudste broer van mijn vader. Hij kwam in mijn jeugd elke zondag dat Sparta speelde bij ons thuis koffie drinken, om daarna met mijn vader naar het Kasteel(om
de hoek) te gaan.
Het stortregenen is nu overgegaan in neerstortende hagelstenen.
Vanaf dat ik eenmaal acht was, mocht ik altijd met mijn
vader mee ‘Sparta kijken’. Ome Gerard was een chagrijnig persoon. Hij had veel geleden
als militair Indië. Gelukkig ging hij bij de wedstrijden altijd ergens anders
zitten. Hij had een plaatsje op de eretribune omdat hij oorlogsinvalide was. Hij
trok met zijn linkerbeen (hij was toevallig ook tandarts).Dat vonden de
meeste van zijn patiënten wel een pré.
Die andere man in dat wiebelige roeibootje was Ome Jan, de jongste broer van mijn vader. Mijn favoriete oom. Hij stoeide, speelde en maakte grapjes met mij en … ik mocht zo af en toe bij hem achter op de motor. Mijn eerste dure voetbalschoenen, kreeg ik van hem. Zelf voetbalde Ome Jan ook. Bij de voetbalclub Stedos. Hij noemde die club zelf gekscherend ’Steeds Dorst’. Heel grappig vond ik dat.
Nu heb ik niet eens in de smiezen gehad, dat die twee oude mannen hun zwembroeken hadden aangetrokken en in het lauwe water van de Schie waren gesprongen. Daar maakten ‘de broertjes’ lol met elkaars onder water te duwen.
Het was voor het eerst van
mijn leven dat ik Ome Gerard zag lachen.
Lieve lezer,
stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:
stukkiejee.blogspot.com