Pageviews van de afgelopen week

Posts tonen met het label flos. Alle posts tonen
Posts tonen met het label flos. Alle posts tonen

maandag 2 november 2026

THANK YOU FOR NOTHING.

 Midden in de nacht flos ik een kroon van een kies. Om klokslag negen uur bel ik Jürgen, mijn tandarts.

"Ik ben een weekje op vakantie," meldt hij. Dat wordt dus de spoedeisende hulp op de EUR. Om tien voor half twaalf moet ik er zijn, om twaalf uur mag ik plaatsnemen op de tandartsstoel.
In de wachtkamer van de EUR word ik gebeld door mijn huisarts. Twee dagen terug was ik nog bij haar. Ik wilde toen een spoedverwijzing naar de oogarts voor een bloedend oog en dubbelzien. De huisarts belde met het oogziekenhuis, maar daar vonden 'ze' mij blijkbaar niet erg genoeg voor een spoedje. Mijn huisarts ging daar gretig mee akkoord, met als resultaat een afspraak pas vijf dagen later. Godverdomme! Ik verweet haar dat ze niet goed voor me opkwam. Ik kon dat daar niet, in haar spreekkamer. Ze besefte echt niet hoe dat dubbelzien me beperkt: lezen en schrijven vormen tachtig procent van mijn leven. Ik vertrok en wierp haar verwijtend toe: "Thank you for nothing."
Mijn huisarts moet in het weekend niet lekker geslapen hebben. Ze belt me vandaag, maandag dus, terwijl ik bij de EUR zit. Ze meldt me dat ze nu toch wél een spoedje heeft aangevraagd. Niet bij de oogarts, maar bij de neuroloog! Zij heeft het licht gezien en legt nu een verband tussen mijn neurologische problemen en het dubbelzien. Bij die neuroloog stond de afspraak eerst schandelijk ver weg, op 8 januari. De huisarts meldt dat ze gaat proberen de boel te bespoedigen. Ik hoor nog van haar.
Ondertussen zijn drie spoedhulpverleners op de EUR verwoed bezig mijn kroon te herplaatsen. Jürgen heeft pakweg drieënhalve minuut werk aan zo’n klusje. In een vloek en een zucht heeft hij die 65 euro die daarvoor staat in de knip. Deze spoeddames hebben daarentegen erg veel onhandigheid. Ik voel hun bestek op plekken in mijn mond waar nooit eerder een spiegeltje heeft gespiegeld, laat staan een haakje heeft gehaakt. Na een halfuurtje vruchteloos lijmen, stampen, duwen, zuigen en polijsten treedt een vierde dame de behandelruimte binnen. Voor haar is dit een makkie. Zij herplaatst al neuriënd de kroon, alsof het een fluitje van een cent is.
Ik ben weer thuis. Ik sta op het punt om inkopen te doen voor mijn avondeten. Nasi wordt het.
De telefoon gaat. Neurologie IJsselland.
"Morgenochtend tien uur! Komt u dan?"
"Zeker!"
Ik doe het niet zo gauw, mijn onvrede uiten naar een zorgverlener. Maar mijn "Thank you for nothing" heeft toch best wel wat geholpen.

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com



woensdag 25 februari 2026

EEN ZOOITJE.

Ik wou dat ik wist hoe het komt dat het hier in huis zo langzamerhand en zooitje wordt. Een druk baasje ben ik, dat zeker. Maar dat ben de laatste jaren onophoudelijk. Mijn buren vragen zich dikwijls af waar ik uithang. Mijn vertier zoek ik dikwijls buitenshuis: bios, theater, sporten, fietsen, wandelen. Toch zit ik binnen ook niet stil. Althans niet letterlijk, want ik lees, schrijf, kook, eet, drink, zing, kijk tv, luister muziek, slaap, enzovoorts. Alles bij elkaar heb ik zoveel te doen, dat ik elke dag een uur te kort kom. Ik moet eigenlijk van mezelf om twaalf uur naar bed, elke dag weer 'eigenlijk'. Maar dan heb ik nog zeker voor een uur iets urgents te doen. Wat na dat uurtje nog blijft liggen is dat zooitje i mijn huis. Bijvoorbeeld: het is nu 01.00 uur 26 februari. Ik ben bezig dit stukje te tikken in het uur dat ik in feite al op één oor had moeten liggen.

Al dit stukje klaar is, neem ik mijn medicijnen in, poets en flos mijn tanden, spoel mijn mond en duik in mijn bed.Weer vergeten om mijn elektrische deken aan te zetten. Ja, die gebruik ik nog steeds als koudbloedige.

Binnen vijf minuten ben ik vertrokken. 

Na een uurtje sla ik het dekbed van me af, om, al slaapwandelend het zooitje  in mijn huis te inventariseren.

In de keuken op de rechterkant van het aanrecht staat een berg afwas van zeker drie dagen. Dat heeft er ook mee te maken: ik wil zo weinig mogelijk gas gebruiken. Eens in de drie dagen maak ik een zuinig sopje. De linkerkant van het aanrecht ligt vol met: aardbeien, bieten, wortelen en twee bakken Franse volle kwark. Dat had ik in de loop van de dag al moeten verwerken tot een smoothie of tot vuchtensapjes. Over de keukenstoel hangt een zwarte regenjas. Tegen de radiator steunen drie lege ovenplaten, een groen boodschappenwagentje, half vol met lege flesjes (van glas en plastic) en blikjes (van blik). In de hoek van de keuken staat werkeloze enigszins triest ogende opgedroogde zwabber.

Op mijn bureau in de gang, dat ik overigens niet meer als bureau gebuik, liggen achteloos neer gegooid: een baseball-petje, een zwarte, deftige herenhoed, een Russische ijsmuts, m'n fietshelm, een stapel (10 exemplaren) van het tijdschrift  'Vogelen voor beginners' dat ik, zelfs tijdens mijn slaapwandeling keurig netjes in de papierbak weet te deponeren.

In een hoek van die gang staat, op de grond, vlakbij de woonkamer  een mooi geschilderd portret van mij. 


                                     Ik was toen 19 jaar. 

Het is geschilderd door mijn ex Winny. 

Ik ben nog niet eens op de helft. Maar ... dit verhaaltje is vol. Misschien een volgend keer meer. Of er is géén zooitje meer.



Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com