Pageviews van de afgelopen week

Posts tonen met het label cynisch. Alle posts tonen
Posts tonen met het label cynisch. Alle posts tonen

zaterdag 3 oktober 2026

LEZERSLIJST.

Eerlijk gezegd interesseert het me geen flikker. Maar nu het me zo voor de voeten geworpen wordt, gooi ik het niet meteen in de prullenbak. Waar het over gaat? Lezerslijsten. De laatste twee maanden krijg ik wekelijks lezerslijsten toegestuurd van Blogger. Dat is de organisatie die mijn stukjes publiceert. Op die lijsten staan de namen van de mensen die mijn stukjes lezen. Mij volgen, zeg maar.
Blogger heeft jarenlang juist geen lezerslijsten voor me willen opstellen, juist omdat ik te weinig gelezen werd. Maar nu, nu mijn stukjes met de dag populairder worden (minstens 100 lezers trekt elk stukje), nu besluit Blogger om mij de wekelijkse lezerslijst toe te sturen. 
Héél grappig en verrassend. Nimmer had ik me bijvoorbeeld gerealiseerd dat ik buiten Rotterdam gelezen werd. Maar, ongelogen, mijn lezers wonen werkelijk in alle uithoeken van de wereld. Al die lezers in den vreemde moeten Nederlands kunnen lezen, want mijn schrijfsels zijn nog nooit vertaald. 
Nòg verrassender: ik zag twee bekende namen. Één van een geëmigreerde neef van me in Zuid-Afrika (een ongegeneerde racist) en Juliëta, een bevriende cinéaste uit Argentinië. We hadden veel lol tijdens het IFFR van 2000. Toen kon ze geen woord Nederlands. En nu? Geen idee. Ik denk het niet. Misschien kijkt ze alleen maar naar die column, geschreven door haar oude Rotterdamse vriendje in die rare Nederlandse taal.
Ik ben geen lieverdje, zeker ook als stukjesschrijver niet. Mijn stukjes bevatten nogal eens wat cynisme. Ik kan het bloed bij sommige van mijn buren bijvoorbeeld onder hun nagels vandaan halen… anderzijds kunnen sommigen van die buren mijn bloed weer drinken.
Zoals het neo-fascistische Mona-toetje en het o zo lollige buurmannetje dat opeens niet meer kan praten als zijn ega in de buurt is. Ha, ha, ze weten ook nog precies dat ik hèn bedoel en… het is toch van de rare… gretig vreten ze al mijn schrijfsels.
Familieleden, kennissen, oud-collega's, ja, zelfs oud-klasgenoten van de middelbare school vermaken zich kennelijk prima met mijn verhaaltjes. Zelfs al deel ik zo nu en dan een flinke (figuurlijke) oplawaai uit.
Van verbazing viel ik haast van mijn stoel toen ik op de lezerslijst de namen zag staan van een aantal mensen dat bij hoog en bij laag beweerde en nog steeds beweert dat ze mijn stukjes absoluut niet lezen, en ook niet willen, nooit willen lezen.
Ik ben oprecht en eerlijk: dit stukje is nooit geschreven. Schrijven? Wat is dat? Kan je dat dan lezen? Neen!


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com






















































































maandag 16 maart 2026

MODERNE KUNST.

Op het terras van ‘de Witte Aap’ in de Witte de Withstraat drink ik een biertje. De barman verstaat geen Nederlands, dus in plaats van een kleintje krijg ik een dure halve liter voor zevenhalve euro. Het zal de feestprijs wel zijn, denk ik cynisch.
‘Is deze stoel nog vrij, meneer?’ vraagt een oudere dame van een jaar of vijfenzeventig. Ze sjouwt met twee kingsize Wibra-tassen.
‘Zeker, mevrouw, gaat u zitten,’ antwoord ik beleefd.
‘Mooi, dan gaat ik eerst ff een biertje hale.’ Ze zet d’r tassen neer. ‘Pas jij ff op m’n spulletjes?’ Ze ziet dat mijn glas bijna leeg is. ‘Eh, wil jij er ook nog eentje? Zal ik die gelijk voor je meeneme?’
‘Graag, maar doet u mij ditmaal maar een kleintje pils.’
Het is druk in de straat. Er staat een dichter op een zeepkist en verderop speelt een djembégroep. Zelfs in de oude Heksenketel is toneel: Wachten op Godot van Beckett.
‘Alsjeblieft, één pilsie voor jou en ééntje voor mijn,’ zegt ze als ze terugkomt. Ze gaat zitte en drinkt haar glas in één teug leeg. ‘Proost! Sorry hoor, maar ik had me toch een dorst. Weet jij wat dit allemaal is hier… dit gedoe?’
‘Dat is moderne kunst,’ leg ik uit. ‘Ik ben net naar een stuk van Samuel Beckett geweest, gespeeld door mensen van de GGZ. Psychiatrische patiënten, zeg maar. Het was indrukwekkend.’
‘Okee,’ zegt ze, ‘dat is dus modern… Ik zou hier nooit gekome zijn als ma niet hoognodig nieuw ondergoed nodig had. Dat wat ze nog in de kast heb legge is niet toonbaar meer. Volop gate in d’r hempies en broekies. Vlekke die er met geen emmer Biotex meer uitgaan. Ik dacht: ik koopt gelijk een flink aantal sets bij de Wibra, da’s het voordeligst. Ik dacht dat het op zondag wel rustig zou weze in de stad, maar dat viel ff tege.’
Ze glimlacht breed. ‘Toen ik uit metro Beurs kwam, hoorde ik die Afrikaanse muziek. Ik heb ech genote van dat danse; ik hou d’r wel van… rumba, chachacha, de tango… Hou jij ook van danse?’
‘Zeker,’ zeg ik, ‘al houd ik meer van vrij dansen, zonder de verplichte pasjes.’
‘O,’ zegt ze bedenkelijk. ‘Nou ja, ma ken niet meer zo lang alleen blijve. Tegenwoordig bent ik het, als ouwe dochter, die voor d’r zieke moeder mot lope zorge. Thuiszorg doet geen klo… sorry… die doen niks meer voor ma. Nou, ik mot gaan… dag meneer.’ Ze geeft me een hand.
‘Dag mevrouw. Vergeet u het geld voor mijn biertje niet mee te nemen?’
‘Joh, schei jij nou ff gauw uit! Neem er nog maar lekker eentje van mijn. Tot ziens!’
Met een ietwat schommelende tred loopt ze de Witte de Withstraat in en verdwijnt langzaam in de menigte.


(Uit mijn verre R'damse verleden)


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com