Vanmorgen loop ik Lenie in het trappenhuis tegen het lijf. Ze is met een zakje gft-afval op weg naar de gft-bak. Ik zeg haar dat die gft-bak al propvol zit, dat ze die zak beter thuis kan houden, totdat de gft bak geleegd is. Maar ze doet net alsof ze niets hoort. Ze begint meteen tegen me aan te praten. Over parkeren. Zij (75) rijdt zelf nog auto. Ze voelt zich tekort gedaan omdat er te weinig parkeerplek is in onze straat.
‘Moet je nou horen Jos, je kent Hans toch wel, van hierboven, die heeft van achter zijn keukenraampje zitten turven hoeveel van onze parkeerplekken worden ingepikt door medewerkers van die twee scholen aan de overkant van onze flat. Het waren er wel meer dan twintig. Dat is toch te gek!'
Als ik dat hoor
schiet ik spontaan in de lach. ’Echt waar Lenie, echt waar? Heeft ie dat echt
gedaan? Wat on-ge-loof-lijk zielig, zeg! Ik zie hem he-le-maal zitten daar
achter dat raam. Heel fanatiek met pen en papier.
‘Jaaah’,zegt Leni, ‘hij moet regelmatig zijn auto neerzetten
op de parkeerplaats van het zwembad. Daar is het niet veilig. Daar kan hij zijn
autootje niet zien!
Ik zie Patrick komen aankuieren. Ik heb Franse les bij hem. Ik ga van de zomer naar Frankrijk. Vandaar dat ik mijn Frans wil opfrissen. Patrick is een echte Fransman, die al bijna zestig jaar in Nederland woont. In Prinsenland ook. Ik mag eén keer per week twee uurtjes bij hem langs komen voor les. Hij loopt een beetje traag vandaag. Hij is niet zo gezond. De les van vandaag kan niet doorgaan omdat hij straks naar de dokter moet. Iets met zijn longen geloof ik. Ik wens hem sterkte.
‘Nou, Patrick, tot
volgende week (la semaine prochaine) dan maar weer, hè? Au revoir! (Tot ziens!)’.
Ik heb in de middag, in plaats van Frans, mijn boekhouding zitten doen. Alles klopte. Ga straks nog wat Franse woordjes in mijn hoofd stampen en wat lezen in de roman ‘Vrouw’ van de Noorse schrijver Knausgärd. Dan ga ik de witlofsalade, die ik gisteren gemaakt heb oppeuzelen. ’s Avonds zit ik in de schouwburg. Ik ga naar het toneelstuk Gundi kijken, geïnspireerd op Gandi. De vredesapostel, tevens president van India. Het stuk wordt gespeeld door een Duitse theatergroep met de Nederlandse naam :’De warme winkel’.
Ik ben net weer thuis: Een weerzinwekkend slecht toneelstuk was het, met derderangs acteurs.