Pageviews van de afgelopen week

Posts tonen met het label babbelen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label babbelen. Alle posts tonen

maandag 13 april 2026

GEWELDLOOS.

 Lucy (16), een van de meiden in de gemengde groep leerlingen van de vormingsschool, maakt het wel erg bont. Zij zit tegenover, meester Cees (24) en wroet met haar ontblote voetje tussen zijn benen. Ze zit zomaar zijn kruis te masseren! Hij krijgt het er flink benauwd van. Zo vlug als hij kan glipt hij bij de meiden weg en schuift bij de jongens, mannen bijna, aan; onder hoongelach van de dames.  De  ‘opwarm-sessie’ van met name Lucy heeft succes: zij kunnen weer doorgaan met waar zij dol op zijn: babbelen en optutten. 

Bij de jongens, ook allemaal zo rond de 16 jaar, gaat het er wat ruiger, dynamischer aan toe. Er wordt meer hardop gevloekt. Gesprekken worden afgewisseld met een beetje stoeien, de ene keer wat feller dan de andere keer.  Karel en Rene, twee schreeuwerige zielepiet-types, zitten elkaar een beetje te dollen. Ze imiteren een vechtscene uit een Kong-Fu film, die ze in het weekend zagen en Karel raakt Rene daarbij net iets te hard op zijn kin, waardoor de stoeipartij menens wordt. Cees springt er tussen; dat helpt wel maar niet zoals hij wil. Rene en Karel stoppen met hun vechtpartij maar nu richten ze hun agressie gezamenlijk op Cees. 

‘Jongens, stoppen nou,’ (ze zaten boven op hem: Karel wipt op en neer op Cees zijn borstkas; René zit op Cees zijn knieën. Hij kan helemaal niks).’Jongens ga nòù van me af en gauw’, smeekt Cees bijna. Hij heeft zich in feite al overgegeven. Maar ze gaan gewoon door. Ziekelijk.

Ik (23 collega van Cees), ben benieuwd of hij echt geweldloos zou blijven ... hij is tenslotte pacifist. Cees verdedigt zich voor geen meter. Dan vind ik het welletjes. Met zijn tweeën tegen een!?.

’Kappen!’ zeg ik. Ik móét me er nu wel mee gaan bemoeien. Zowel Rene als Karel weten dat ik absoluut niet bang voor ze ben. Ik grijp ze alle twee bij hun lurven en sleur ze van Cees af. 

‘Stelletje leipen! Willen jullie Cees dood hebben?’ Ik duw het tweetal weg. 

Die Karel zit een tijd lang met een krankzinnige blik in zijn ogen na te hijgen van zijn achterlijke gedrag. René lijkt wat meer schuldbewust. 

'Het leek wel of ik verlamd was’, zegt Cees later tegen me als hij weer wat bijgekomen is. Bedankt Jos.’

En de dames? Het geweld ging geheel aan hen voorbij. Zij kwekten en tutten er ondertussen lustig op los.

Cees meldde zich de dag na het gebeuren ziek. We hebben hem hier niet meer teruggezien. Hij wilde zelf geen contact meer met ons. Via via hoorden we dat hij als schoonmaker is gaan werken in een psychiatrische inrichting in Rhoon. Ik hoop dat hij daar net zo’n reddende engel treft als hij hier aan mij had anders zou het wel eens helemaal verkeerd met hem kunnen aflopen.

 

(Uit mijn verre R'damse verleden)


Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com


zaterdag 28 september 2024

BLENDEREN.

 Dora, een vriendin, leende me haar blender. Zomaar. Ik had nergens om gevraagd.


’Echt iets voor jou, Jos. De lekkerste drankjes maak je daar mee’. Dora en ik kennen elkaar van de bios. Zij is ook lid van Cineville. Daarmee kan je voor 22,50 zo veel films zien als je maar wilt. We zien elkaar onregelmatig in bios Kino, Gouvernestraat. Zij woont daar vlakbij.

We eten samen. Babbelen over muziek, politiek en seks. De eerste film die we samen zagen was Turks Fruit. Onze partners waren er toen ook nog bij. Die zijn al een eeuwigheid uit beeld.

Tot die blender in mijn leven kwam, stond er alleen een handmatig sinaasappelpersje in mijn keuken. Dora had het goed gezien. Ik sloeg gelijk aan het blenderen. Eerst fruit kopen natuurlijk. Tientallen sinaasappels, kilo’s pruimen, perziken, dozen aardbeien, frambozen, aal- en bosbessen.

Op een gegeven moment had ik wel zeven liter smoothies bij elkaar geblenderd. Moest er toen even mee stoppen. Was wat te obsessief bezig geweest. Ook echt iets voor mij, trouwens! Ik gaf Dora die blender terug. Ging er in die ingelaste stop zelf een kopen.

Ik kocht er een van 17,99. Bijna voor niks. Vederlicht, geheel van kunststof. Bij de Action. Ik testte mijn eerste eigen blender met, stukjes peer, kiwi, galia meloen en een scheut (zelf gekochte) sinaasappelsap. In totaal anderhalve kilo. Binnen de toegestane tijd (3 minuten) was het fruit geblenderd. Het water liep me in de mond. Om de drank over te gieten in een glas, draaide ik de kan los ... en als diarree stortte m’n smoothie van onderen uit de kan, het aanrecht op. De smurrie verdween onder de waterkoker, de Senseo, de afwasborstel, de flacon Dreft, de handcleaner en de blender zelf.

Toen ik de boel weer schoon had, bracht ik het apparaat terug naar de Action. Ik kreeg onmiddellijk mijn geld terug. Alsof ze op me hadden zitten wachten. Goedkoop ... duurkoop.

Vanmiddag heb ik bij MediaMarkt, in de stad, een andere blender gescoord. EenTefal ( A-merk) voor honderdtien euro.

Gelijk even naar de markt gegaan … was toch in de buurt ... kocht daar een kist mango’s (9 stuks) voor slechts 3 euro … (goedkoop ... is …?) … ‘fucking’ zwaar sjouwen!’ Het was de moeite waard. Zowel mango’s als blender: prima-de-luxe.

maandag 20 maart 2023

HET ALLERLEKKERSTE MOMENT VOOR EEN SIGAARTJE.

Nadat ik gestopt was met roken, haalde ik me van alles en nog wat  in mijn hoofd. Kan ik nog wel een beetje normaal leven leiden zonder mijn sigaartje ‘voor …  tijdens … of nadien’?

Een boek lezen?

Een stukje schrijven?

Gezellig babbelen met collega’s?

Iemand vriendelijk te woord staan?

Geconcentreerd auto rijden, fietsen, lopen?

Geduld hebben met de irritante medemens?

Uit eten?  Ook: gewoon thuis eten?

Naar een voetbalwedstrijd (kijken)?

De hele nacht doorslapen?

Rustig in slaap vallen?

Op verjaardagsvisite?

Mijn bed uitkomen?

Een kopje koffie?

Vergaderen?

Iets vinden?

Poepen?

De tijd zal het leren. Want: ik ben nu eenmaal gestopt. Mijn laatste sigaartjes maakten me misselijk … bezorgden  me hoofdpijn, pijn aan mijn keel, een schraal gevoel in mijn mond, op mijn tong, aan mijn lippen en bovendien merkte ik, dat ik te weinig zuurstof binnen kreeg. Dus het was prima om te stoppen.

‘Ik heb die twintig sigaartjes per dag he-le-maal niet nodig,’ zeg ik kordaat tegen mezelf.‘ Al zal het stoppen niet meevallen. Vijftien jaar ben ik nu verslaafd geweest aan de teer en nicotine. Niet meer dan logisch, dat mijn lichaam flink gaat opspelen wanneer het die stoffen niet meer binnen krijg.

Ik zal zonder twijfel afwezig zijn, chagrijnig, agressief en misschien soms een beetje depri. Hoofdpijn krijg ik en een uitgedroogde strot. Veel stemmen in mijn hoofd zullen me, in alle toonaarden, wijs maken, dat roken geen kwaad kan: 'pak toch weer eens lekker een cigarillootje, jongen, dan gaat het vanzelf beter met je.'

Het sigaartje deed me op het laatst geen goed meer, dus hield ik er mee op. Ik moest weerstand bieden aan de kwelduivels in mijn kop, die mij een wonderschone gezonde toekomst in het vooruitzicht wilden stellen, ook als ik weer ging  roken. Ik moest die demonen gewoon laten uitrazen en volharden in wat ik wilde: stoppen.

Het zal zijn tijd nodig hebben om het  nicotinegehalte in mijn bloed tot nul te reduceren. Bevreesd bedacht ik me wat er allemaal op me af zou komen. Hoe zal dat gaan? Na het eten bijvoorbeeld: het toch op-één-na-lekkerste rookmoment, dat ik me kan bedenken. Als ik vóór een maaltijd al weet dat ik erná niet mag roken, verword ik tot een tobbende 'met lange tanden’ eter'. Het op-één-na-lekkerste lekkerste rookmoment bestaat dan voor mij niet meer. Daartegenover staat dat ik veel meer lucht krijg. De schraalheid in de keel verdwijnt, alsmede de hoofdpijn. Bovendien scheelt het me een hoop geld. Ongeveer 50 euro per week. Tweehonderd per maand. De moeite waard toch?!.

Jarenlang rook ik inmiddels niet meer. Tien kilo zwaarder en duizenden euro’s rijker. Dat wel. Al die hierboven genoemde zaken, ik denk er niet meer aan. Het roken is volledig uit mijn systeem verdwenen.  En, als gevolg daarvan is ‘gezonder, hygiënischer, netter, frisser,’ mijn leven stukje bij beetje gaan domineren.

Bewegen doe ik meer: met mijn snelle sportfiets pak ik wekelijks zo’n driehonderd kilometer. Ik poets mijn tanden weer dagelijks, … nu heeft het weer zin.  Mijn kleren ruiken altijd lekker fris. Mijn  plafond blijft wit. De gordijnen blijven verbazingwekkend lang schoon. (Roken is immers héél slecht, vooral voor de gordijnen). Koffie heb ik door thee vervangen. Vrij snel vroeg mijn lichaam al niet meer naar nicotine na een kopje Earl Grey-thee.

Niet roken na het eten: wat een kwelling was dat! Drie maanden duurde die kwelling. Nu taal ik niet meer naar dat sigaartje.

Niks lekkerder dan een rokertje na een fijne vrijpartij. Bij uitstek hèt allerlekkerste rookmoment vond ik en menige man zal me dat na zeggen. Tegelijk met roken ben ik echter ook gestopt met vrijen. Wáárom zou ik überhaupt nog beginnen aan een lekkere vrijpartij? Zonder dat sigaartje achteraf, had ik daar geen enkele behoefte meer aan.