Pageviews van de afgelopen week

Posts tonen met het label nagelbijten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label nagelbijten. Alle posts tonen

woensdag 6 mei 2026

NAGELBIJTEN.

Dat me buurman Karel (61) geen vast werruk hebt, merkt ik (22) wel omdattie vaker in de kroeg an de overkant legt te pitte dan dattie wat doet. Die enkele keer dattie es an de slag gaat, mot de hele buurt ut gelijk kenne zien. In een schone overall gatie, met ze daggie — ze brood en ze fles jenevert — naar de koppelbaas. Soms duurt dat werreke één dagt, soms een wekie, maar Karel ken d'r niks van. Hij gooit ze eige glaze in omdattie te laat is of bezope, of allebei tegelijk. Hij heb te lang in de WAO gelege om weer an dat ritme van werreke, vrete en slape te kennewenne. 

Karel woont onder me. Hij vraag me vaak om een bakkie of een borrelt, en hij kom zelf ook altijd bij mij langs als ik um roept. Ut is alleen een beetje vreemd omdattie bijna nooit ze muil opetrek. Hij kom binne, pakt ze pilsie en gaat daar een partij zitte nagelbijte, nie normaal, man.

Kijk je nooit teevee?" vraagtie dan.

"Nooit als ik bezoek hebt."

Tisme wel duidelijk: hij hebt genoeg an ze sjekkie, ze biertje, ze nagels en de beeldbuis. Hij vintut allang bes om zo met z’n tweetjes te zitte weze.

Soms latie wat los over vroegert. Hij zat bij die politionele acties in Indië in de jare vijftig. Als ik um nu zo in mekaar gedoke zie zitte, met ze zware Van Nelle (een kratje per dagt) en ze kratje bier (een pakkie per dag), dan kejje wel nagaan dattie een gebroke man is. Ut is net oftie nog steeds in de jungle legt te wachte op iets.

Op een dag vrage vage kennisse (30 en 35) vamme of ik hun kater Joep (6 of 7) wilt hebbe. Een reuzebeest, joh! Zo’n grote kater hebt ik nooit meer gezien. Die kennisse ware kenneluk zo dolblij dat ze um kwijt ware; ik hebt ze daarna nooit meer gezien of gehoort, vast bang dat ze die tijger weer mee terug moeste neme.

Maar ja, ik had zelf drie jonge poessies (6 weken). Binnen een halve dag was hun lol d'r wel af door die Joep. Als drie dooie vogeltjes lage ze in een hoekie narum te kijke.

Ik zaggut meteen: Joep en me kleine poesies, dat kenne we wel schudde. Toen Karel — die toch al de bouw van een koelkast hebt — dat hoorde, wou die gelijk Joeps nieuwe basie worde. Twas liefde op teerste gezicht tussen die twee stakkers. Op den duur, merkt ik ech, dat Karel geen nagels meer zittebijte.

Een tijdje later glipt Joep 's nachts de deur uit. Op de trap lagtie nie, dus hij mos wel op ut dakt zitte. Karel gaat met ze zware lijf dat natte, gladde draadglasdak drie hogop op. Dat hield um natuurlijk nie. Karel dondert d'r dwars doorheen en maakt een smak van een paar meter. Wonder boven wonder brakkie niks, maar hij had wel twee slagaderlukke bloedinghe. De ziekenauto was dur gelukkig snel bij ... Karel hebtut overleefd. Joep hebt ik echter nooit meer terug mogen zien, helaas. 

Of ik een pilsie bij hem kwam drinken vroeg tie me nie meer ...  ik hèm wel maar Karel zou zich nooit meer in mijn buurt vertonen.

(Uit mijn verre R'damse verleden)

Lieve lezer, 

stukjes van mij zijn al vele jaren te lezen via de volgende link:

stukkiejee.blogspot.com